Geweld in Syrië laait op

Ook eergisteren bombardeerden Syrische regeringstroepen de provincie Idlib. ©AFP

Rusland heeft zaterdag volgens het Syrische Observatorium voor Mensenrechten de meest intense luchtaanvallen in een maand uitgevoerd op de provincie Idlib, het laatste bolwerk van rebellen in Syrië.

De Syrische luchtmacht dropte vaten met explosieven, zei de ngo. Bij de bombardementen zouden minstens vier burgers gedood zijn, onder wie twee kinderen.

De voorbije uren voerde het Russische leger, de bondgenoot van het bewind-Assad, bijna 60 luchtaanvallen uit op verscheidene plaatsen in het zuiden en zuidoosten van Idlib, aldus het SOHR (Syrian Observatory for Human Rights). De directeur van de ngo, Rami Abdel Rahmane, zei dat ook het Syrische leger zijn bombardementen met zware artillerie op stellingen van jihadisten en rebellen in deze provincie in het noordwesten van Syrië voortzet.

In de stad Kamishli, in het noordoosten van Syrië, zijn zaterdag minstens achttien doden gevallen bij gevechten tussen troepen van het Syrische bewind en de Koerdische politie, zei SOHR nog. Bij de vuurgevechten sneuvelden elf manschappen van de Syrische troepen en zeven agenten van de Koerdische politie, meldde ook de Koerdische politie.

De Asayish (Koerdische politie) deelde mee dat agenten op een militaire patrouille van het bewind schoten als vergelding voor 'een aanval van strijders van de patrouille'. Volgens Rami Abdel Rahmane werd een legervoertuig van het Syrische bewind aan een wegversperring van Asayish tegengehouden en werden de inzittenden verzocht uit te stappen. Die zouden geweigerd hebben, waarop het gevecht uitbrak.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content