Advertentie

Koerden vechten terug tegen IS-rebellen

IS-rebellen en Koerden clashen met elkaar in het noorden van Irak. ©REUTERS

Het noorden van Irak is in de ban van felle gevechten tussen de rebellen van de Islamitische Staat (IS) en de Koerden. Voor tienduizenden vluchtelingen in de regio dreigt de hongerdood.

De soennitische rebellen van de Islamitische staat (IS) richten hun blik in Irak steeds meer noordwaarts. De fundamentele rebellen, die in Irak en Syrië met geweld een streng islamitisch kalifaat willen vestigen, namen dit weekend drie noordelijk gelegen steden in. De Koerden, die het grootste deel van het noorden controleren, voerden gisteren echter de weerstand op. 

‘We hebben onze militaire tactiek gewijzigd van defensief naar offensief’, stelt Jabbar Awar, bevoegd voor de aansturing van de Koerdische strijders. De Koerden zouden de aanval hebben ingezet nabij de stad Arbil, de regionale hoofdstad van het Koerdische gebied. Het kwam tot clashes tussen beide partijen op ongeveer 40 kilometer van Arbil. Daarmee zijn de IS-rebellen het Koerdische gebied dieper doorgedrongen dan ooit. 

De Koerden krijgen rugdekking van de Irakese overheid, die vooral gedomineerd wordt door de sjiitische bevolkingsgroep. Premier Nouri Al-Maliki, die tenmidden van de chaos in zijn land vecht voor zijn politiek overleven, beloofde dit weekend al dat hij de Irakese luchtmacht zou inschakelen om de Koerden bij te staan. Bij een luchtaanval op een gevangenis van de IS-rebellen kwamen gisteren al 60 militanten om het leven. 300 gevangenen konden ontsnappen. 

De hevige gevechten in het noorden dreigen voor 40.000 Irakezen wel uit te draaien op een humanitaire catastrofe. 40.000 vluchtelingen, vooral van de Yazidi-sekte, hebben zichzelf verscholen op een negental plaatsen op de Sinjar-berg. Ze verbergen zich voor de soennitische milities, die eisen dat de Yazidi zich bekeren tot het soennisme. Ongeveer 500 Yazidi zijn al omgebrachtbij het soennitische offensief. 

De dodentol kan nog veel hoger oplopen. De 40.000 vluchtelingen blijven voorlopig wel uit de greep van de soennieten, maar er dreigt snel een acuut voedsel- en watertekort op de Sinjar-berg. ‘We hebben gemiddeld één brood te verdelen over tien man en moeten twee kilometer wandelen voor water’, zo vertelde een anonieme vluchteling aan de Britse krant The Guardian. 

Door de soennitische opmars dreigt ook de situatie meer naar het noorden precair te worden. Ongeveer 130.000 vluchtelingen bevinden zich in de stad Dohuk, vlakbij de  Turkse grens. 

 

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud