Libanon balanceert op rand van bankroet

De Libanese premier, Hassan Diab, kondigde in een tv-toespraak aan dat zijn land schuldeisers niet langer kan terugbetalen. ©via REUTERS

Door een giftige cocktail van economisch wanbeheer en politieke chaos staat Libanon aan de rand van het bankroet. Het land kan zijn schuldeisers niet meer betalen.

Libanon is er maandag niet in geslaagd 1,2 miljard dollar (1,05 miljard euro) op te hoesten voor de afbetaling van een obligatielening. Dat is een primeur, want zelfs tijdens de burgeroorlog, die het land van 1975 tot 1990 teisterde, zijn de Libanezen er altijd in geslaagd hun financiële verplichtingen na te komen. De regering dringt aan op onderhandelingen over een herstructurering van de schulden.

Premier Hassan Diab had zaterdag in een tv-toespraak aangekondigd dat zijn regering in gebreke zou blijven. Hij zei dat Libanon op droog zaad zit door de enorme staatsschuld, die volgens hem 'hoger is dan het land kan torsen'. Beiroet zit opgezadeld met zowat 80 miljard euro aan schulden, ofwel 170 procent van het bruto binnenlands product, en is daarmee internationaal een van de koplopers.

Wijdverspreide corruptie

De wanbetaling is het resultaat van een opeenstapeling van financiële, economische en politieke crises. Ook de aanwezigheid van 1,5 miljoen Syrische vluchtelingen zet druk op het land. Eind vorig jaar barstte de etterbuil en braken ongeziene protesten uit tegen de misstanden. De bevolking uitte haar woede over de lamentabele levensomstandigheden, het gebrek aan economisch perspectief en de wijdverspreide corruptie.

170 procent
Staatsschuld
Libanon heeft een staatsschuld opgebouwd van 170 procent van zijn bruto binnenlands product.

De protestgolf leidde al snel tot het ontslag van premier Saad al-Hariri. Die had het vuur aan de lont gestoken door bezuinigingen aan te kondigen die vooral de armste lagen van de bevolking zouden treffen. Voor vele Libanezen waren de recepten van Hariri - die voor zijn politieke carrière zelf een fortuin bijeen geharkt had als zakenman - illustratief voor de wereldvreemdheid van de politieke klasse.

Nieuwe premier

Na een aanslepende impasse trad Hassan Diab eind januari aan als premier. De 61-jarige hoogleraar was van plan een expertenregering op poten te zetten om een einde te maken aan de economische rampspoed. Maar uiteindelijk moest hij buigen voor de dictaten van de gevestigde politieke machten, die hun eigen mannetjes in het nieuwe kabinet plaatsten. Het aantreden van Diab maakte dan ook geen einde aan de protesten.

In zijn toespraak zaterdag richtte de premier zich in de eerste plaats tot de eigen bevolking en minder tot de schuldeisers. Diab maakte duidelijk dat de Libanezen voorrang krijgen op de - vaak internationale - crediteuren. 'Het besluit de betaling te staken is de enige manier om het tij te keren en onze nationale belangen veilig te stellen', zei hij.

IMF-steun

Het is onduidelijk of Libanon de hulp inroept van het Internationaal Monetair Fonds (IMF). Vooral de sjiitische partij Hezbollah, die dominant is in Beiroet, verzet zich fel tegen zo'n externe hulplijn. Hezbollah beweert dat de instelling zal aansturen op hervormingen die vooral de armsten zullen treffen. Bovendien vreest de pro-Iraanse partij dat de Verenigde Staten de IMF-steun zullen gebruiken om de Libanese politiek onder druk te zetten.

Beiroet dringt aan op onderhandelingen over een herschikking van de 30 miljard dollar aan obligaties. Het beloven moeilijke gesprekken te worden, onder meer omdat veel van de schulden in handen zijn van Franse, Amerikaanse en Britse banken. Belgische banken hebben slechts voor 4 miljoen dollar aan vorderingen. De gesprekken kunnen maanden aanslepen.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud