sabato

Terwijl de hystericus hamstert, zaait de zenmeester zaadjes

Onderzoek toont aan dat wie met aarde werkt aanzienlijk gelukkiger is dan zijn medemens. ©Senne + Eefje @ Initials LA

Na vijf weekends lummelen in lockdown krijgt een mens stilaan nood aan een Nieuw Project. Een moestuin bijvoorbeeld, het ultieme lapje geluk voor al wie kampt met acute coronastress. Gewapend met tuinschep en kweekbak maakten wij de handen vuil en de ziel zuiver.

Precies een maand geleden, woensdag 18 maart, halftwaalf. Over een halfuur moeten de laatste winkels onherroepelijk dicht, een nieuwe fase in de strijd tegen het coronavirus. In allerijl jagen de modeboetieks de laatste zomerstuks over de toonbank, zoeken singles nog snel een virusbuddy en incasseren supermarkten een zoveelste karrenoorlog. Ook ik duw met man en macht een winkelkar huiswaarts, gevuld met mijn reserves voor de komende weken. Nee, geen conserven of toiletpapier: wel acht zakken, gevuld met in totaal 160 liter potgrond, goed voor een lockdown lang moestuinplezier.

Groene vingers zijn een langer en gelukkiger leven beschoren. ©Senne + Eefje @ Initials LA

‘Je hebt geluk: onze stock is net aangevuld’, klinkt het bij Skyfarms, de experts waar ik, een stadsmus met nog geen halve groene pink, te rade ga. ‘Sinds vorig weekend is de stormloop ongezien.’ Ook de wachtrijen bij het tuincentrum Aveve en de zoekresultaten van Google liegen er niet om: de interesse in het opstarten van een moestuin is in vergelijking met een jaar geleden plotsklaps verdubbeld. Een collectieve wanhoopsdaad tegen de verveling? Of, nog erger misschien, de hamstervrees dat ook supermarkten binnenkort ineenstuiken, en we dus maar beter nu al terugplooien op eigen kweeksels?

'Wie zaait, is met de toekomst bezig. Zelfs op momenten dat dat uiterst moeilijk voelt.’
Alice Vincent
Auteur 'Diepgeworteld'

Volgens de Londense Alice Vincent, journaliste bij The Telegraph en auteur van het gloednieuwe boek ‘Diepgeworteld’, is er nog een derde verklaring. Zij omschrijft de moestuin als een universeel ‘coping mechanism’, een houvast waar we instinctief naar teruggrijpen in onzekere tijden.

‘Tijdens de Eerste Wereldoorlog kweekten soldaten selder in de loopgraven, met oude granaathulzen als tuingereedschap. Niet alleen als voedselrantsoen, maar vooral als adempauze tussen de gevechten door. Ook tijdens economische crises of na natuurrampen, zoals de tsunami in Japan, gingen mensen weer tuinieren. Het biedt een ritueel om je aan vast te houden, iets tastbaars waarvan je het verloop wél enigszins richting kan geven’, aldus Vincent, die net als ik hele paletten potgrond insloeg als quarantaineverdrijf. ‘In normale omstandigheden houdt een moestuin mijn humeur op peil, tegenwoordig is het mijn vaccin tegen krankzinnigheid.’

Een moestuin biedt een ritueel om aan vast te houden, zeker in coronatijden. ©Coffeeklatch

Moestuinmania

Zelf begon Alice Vincent met tuinieren toen haar jeugdrelatie op de klippen liep, en daarmee ook haar huisvesting, kennissenkring en hele toekomstbeeld op losse schroeven kwamen. Troost vond ze niet in nachtclubs, maar in de levenscyclus van een artisjok - niet toevallig werd haar boek ook al de ‘Eat Pray Love’ voor millennials gedubd.

‘Zelfs als het sneeuwt of stormt, blijven de kiemen duwen in de aarde. In mijn moestuin zie ik voortdurend cycli van verval en groei, herstel en terugkeer. Wie zaait, is met de toekomst bezig. Zelfs op momenten dat dat uiterst moeilijk voelt.’

Nieuw zijn die metaforische levensinzichten natuurlijk niet: actrice Audrey Hepburn vatte ze decennia geleden al samen met de filosofische woorden ‘een tuin aanleggen is geloven in morgen’. De televisiepresentatoren Ellen DeGeneris en Oprah Winfrey en zangeres Kim Wilde kwamen met hark en tuinschepje hun midlifecrisis te boven, en zelfs in het Oude Egypte werd wie worstelde met het leven verbannen richting tuin.

Onderzoek naar tuintherapie schopte het tot de hoogste regionen van de wetenschap. ©Senne + Eefje @ Initials LA

Je zou de opflakkerende moestuinhype dan ook gemakkelijk kunnen categoriseren als de zoveelste therapiehobby, zoals we ons ook aan yoga en keramiek laven voor een moment van zingeving. Een homp klei, een breinaald of een artisjokkenkiem: in deze seculiere samenleving schuilt spiritualiteit zowat overal.

Toch lijkt er met de moestuin wel degelijk meer aan de hand. Terwijl de meeste therapiehobby’s het moeten stellen met dubieuze statements van een handvol believers, schopte het tuinonderzoek het tot de hoogste regionen van de wetenschap. Zo investeert de overheid in zowel Scandinavië als de UK fors in grootschalige studies over moestuintherapie, onder meer door King’s Fund, de prestigieuze denktank over het Britse gezondheidssysteem.

©Coffeeklatch

De resultaten zijn zo verbluffend dat tuinieren steeds prominenter wordt in het gezondheidsstelsel: in Scandinavië wordt een tuincursus terugbetaald door het ziekenfonds, in de UK kan de kweektuin zelfs op doktersvoorschrift. Zo toont een Britse meta-analyse aan dat wie met aarde werkt aanzienlijk gelukkiger is dan zijn medemens, en dat slechts een halfuurtje wroeten al bijdraagt tot verlaagde stressniveaus.

Groene vingers zijn zelfs een langer leven beschoren: een moestuin blijkt een van de grootste gemene delers tussen bewoners van de zogenaamde Blue Zones, gebieden waar de bevolking gemiddeld ouder wordt dan elders. En volgens een Australisch onderzoek doet dagelijks tuinieren ook het risico op dementie significant dalen.

 Gelukshormoon

'De band die we met planten voelen, zit letterlijk in ons DNA.’
Sue-Stuart Smith
Auteur 'Tuinieren voor de geest'

De redenen daarvoor lijken evident: beweging, frisse buitenlucht, zonlicht en afleiding, het is gezond boerenverstand dat een mens daarvan opkikkert. Maar ook neurologisch bestaat er zoiets als een ‘zaai-high’. Die beschrijft de Britse neuropsychiater Sue Stuart-Smith uitvoerig in het boek ‘Tuinieren voor de geest’, waarmee ze wil bewijzen dat tomaten telen zoveel meer is dan ‘een aardige hobby’.

‘Het contact met bepaalde microbacteriën in de aarde stimuleert het gelukshormoon serotonine. Dat komt doordat die bacteriën ook ons immuniteitssysteem bevorderen, en ons lichaam er mogelijk op die manier voor zorgt dat we die grond ook vaker gaan opzoeken. Zelfs gewoon de geur van vochtige aarde - geosmine met een geleerd woord - doet zowel het stresshormoon cortisol als onze hartslag dalen. De band die we met planten voelen, zit dus letterlijk in ons DNA.’

Het magische moment wanneer de eerste kiemen bovenkomen. ©Photo News

Bovendien genereert het oogsten van zelf geteelde groenten een shot dopamine in de hersenen, en heeft zelfs zaaien vaak al dat effect. ‘Het geeft een kick om eigenhandig nieuw leven te wekken uit een klein zaadje. Daarom hebben ook mensen met een depressie veel baat bij een moestuin: het geeft eigenwaarde, iets positiefs om je mee te identificeren’, aldus Smith, die overal ter wereld therapeutische tuinen bezocht, onder meer ook enkele initiatieven van de vzw Terra-Therapeutica in België.

‘Mensen kunnen hun zorgzame kant tonen, zonder verstrikt te raken in de complexiteit van menselijke relaties. Bovendien is het een leerschool in morele waarden als vertrouwen, tolerantie en geduld.’

 Tuincatharsis

Knipscharen en tuinschepje van Arket.

Die morele waarden blijken in mijn geval maar dun gezaaid: hoewel het tuincentrum me na vijf dagen al de eerste kiemen beloofde, staar ik na tien dagen nog altijd naar een levenloze bak bruine potgrond op mijn dakterras. Ik krijg zo stilaan de indruk dat er alleen verderf voortvloeit uit mijn gieter, wat mijn stresslevels niet bepaald ten goede komt.

Dat de fleurige buurvrouw intussen wel al neuriënd de jungle op haar terras bezweert, maakt de moraal er ook niet beter op. Hoezeer goeroes er ook op hameren dat geen voorkennis is vereist: het vertakte plantenrijk met al zijn weetjes en regeltjes is behoorlijk intimiderend.

‘Net zoals we voor bijen in kaart brachten welke bloemen ze het meest appreciëren, bestaat er ook voor de mens zoiets als een universeel heilzame habitat.'
Alistair Griffith
Auteur 'Your Well-being Garden'

Ik ga te rade bij Alistair Griffiths, botanicus bij de Royal Horticultural Society, en al jaren bezig met het design van de ideale welzijnstuin op verschillende plekken in Groot-Brittannië. Zijn missie: de moderne stadsmens niet alleen verder aansporen tot het onderhouden van een moestuintje, maar die ook zo ontwerpen voor een optimaal mentaal effect.

‘Eerst en vooral: kies als beginner alleen planten die je niet kapot krijgt, zoals sla of radijzen. Je hoeft zeker niet meteen zelf te zaaien - ook een babyplantje aankopen en verder opvoeden, is al een hele prestatie.’

Tip: laat je zaadjes eerst ontkiemen in een klein potje in de vensterbank. ©Photo News

Mijn mediterrane pepers en kerstomaten blijken dus een tikkeltje te ambitieus, en bovendien lang niet de beste plantenkeuze voor de betere tuincatharsis. ‘Net zoals we voor bijen in kaart brachten welke bloemen ze het meest appreciëren, bestaat er ook voor de mens zoiets als een universeel heilzame habitat.'

'Zo is recent gebleken dat lavendel, al langer bekend om zijn kalmerende werking, het serotonineniveau in de hersenen doet stijgen. De geur van rozemarijn werkt dan weer erg opwekkend, met een verhoogd dopaminelevel. En rozengeur verlaagt het stresshormoon adrenaline met zo’n 30 procent.’

Bovendien raadt Griffiths aan om behalve de nodige ‘pandemie-survival’-groenten ook een rist bloemen te planten, het liefst nog met een doorgedreven geometrie en een weldoordacht kleurenpalet. ‘Als je van je moestuin een echte welzijnsplek wil maken, zijn esthetiek en kleur minstens zo belangrijk. Uit onderzoek weten we dat vooral groene, blauwe en paarse bloemen ons goed doen voelen, zoals geraniums of - opnieuw - lavendel. Die kun je dan weer mooi combineren met een prikkelend accent in oranje, zoals de calendula.’

Ook kleurige bloemen zijn belangrijk om van je tuin een welzijnsplek te maken. ©Hollandse Hoogte / Ries van Wendel de Joode

Zo bevind ik me, een maand na die Zwarte Woensdag van 18 maart, opnieuw in dezelfde penibele hamsterpositie. Deze keer niet met een kar vol potgrond, maar met een virtueel winkelmandje propvol hoopgevende calendula’s, kalmerende lavendelplantjes, oppeppende rozemarijnscheuten, geruststellende kropslababy’s en - hoe kon ik anders? - een metaforische artisjok.

Wanneer ze dat virus ook in de kiem zullen smoren, míjn kiemen zullen floreren. Als ik er geen courgette noch zielenrust aan overhoud, dan op z’n minst een terras waarmee ik de afgunst van de buurvrouw mag oogsten. Want ook dát biedt houvast in onzekere tijden. Zelfs vanaf een meter afstand.

Lees verder

Advertentie
Advertentie