sabato

Horta's mooiste art-nouveauhuis Hôtel Solvay opent als museum

Hôtel Solvay, België's best bewaarde art-nouveauhuis. ©Photo News

Hôtel Solvay is het absolute meesterwerk van Victor Horta. En het goede nieuws: voortaan is het toegankelijk als museum. Eigenaar Alexandre Wittamer over de missie van zijn Unesco-stadspaleis.

‘Enfin, un hôtel de maître comme tous les autres’, schreef architect Victor Horta (1861-1947) in zijn memoires over Hôtel Solvay, dat werd gebouwd tussen 1895 en 1903. Maar de happy few die de privéwoning aan de Louizalaan al bezochten, zullen hem tegenspreken: zo zijn er geen twee. Wie er nooit binnenraakte, kunnen we blij maken: het best bewaarde art-nouveauhuis van België is voortaan open als museum.

Sommigen houden van jagen, mijn hobby is Hôtel Solvay in ere houden.
Alexandre Wittamer
Eigenaar Hôtel Solvay

Daarvoor mogen we de familie Wittamer – de couturiers, niet de chocolatiers – bedanken. Zij kocht in de jaren 50 het stadspaleis en redde het zo van de sloop. Dat trieste lot ondergingen tal van andere art-nouveaugebouwen na de Tweede Wereldoorlog: het Maison du Peuple en Hôtel Aubecq bijvoorbeeld, om er maar twee van Horta te noemen. De architect heeft het gelukkig niet meer meegemaakt: hij stierf in 1947.

Hôtel Solvay in de Louzialaan. ©Alexander d'Hiet

Onbewoond sinds 1945

Vandaag is Alexandre Wittamer (43) de eigenaar van Hôtel Solvay. Beroepshalve is hij CEO van taxshelter.be, al neemt het stadspaleis dat hij erfde een behoorlijke hap uit zijn tijd. En uit zijn vrijetijdsbudget.

‘Na mijn grootouders en ouders ben ik de derde generatie Wittamers die het huis onderhoudt. Ik besteed er veel tijd en middelen aan. Sommigen houden van jagen, mijn hobby is Hôtel Solvay in ere houden’, zegt hij.

‘Prachtige herinneringen heb ik aan dit huis. Ik was een jaar of tien toen ik op een dag merkte dat de rechtertrapleuning een tikje warmer aanvoelde dan de linker. Mijn grootvader schrok van mijn rake observatie. Maar toen hij het liet onderzoeken, bleek Horta inderdaad twee verschillende houtsoorten te hebben gebruikt.’

Alexandre Wittamer (43) is de eigenaar van Hôtel Solvay. Hij behoort tot de derde generatie Wittamers die het huis onderhoudt. ©Alexander d'Hiet

Wittamer verwelkomt ons in zijn kantoor op de gelijkvloerse verdieping: een ruimte die niet toegankelijk is voor de bezoekers van het pas geopende museum. Het is best koud in het bureau, waar nog de originele telefoon van de Solvays aan de muur hangt.

‘Het huis is 2500 vierkante meter groot en heeft nog overal enkel glas: zoiets verwarmen kost handenvol geld’, geeft hij toe. ‘Ik zou hier niet kunnen wonen. De 19de-eeuwse voorzieningen voldoen niet meer aan de 21ste-eeuwse standaarden. Trouwens: niemand van mijn familie heeft hier gewoond. Het staat al leeg sinds 1945, toen de Solvays naar hun kasteel in Terhulpen verhuisden.’

Musée Solvay

Het nieuwe Musée Solvay is zonder meer een enorme aanwinst voor Brussel, die dankzij het Hortamuseum al behoorlijk wat art-nouveautoeristen lokt. Die korte en flamboyante stroming kwam in een economische bloeiperiode aan het einde van de 19de eeuw.

'Voor Hôtel Solvay beschikte Victor Horta over een onbeperkt budget.'
Alexandre Wittamer
Eigenaar Hôtel Solvay

Solvay was een van die industriële succesverhalen uit die tijd. Als autodidactisch chemicus diende Ernest Solvay op zijn 23ste al een eerste patent in voor de productie van soda. Het zou het begin worden van een internationaal chemieconcern.

Ernests oudste zoon Armand kwam na de plotse dood van zijn oom Alfred in 1894 onverwachts aan het hoofd van het bedrijf. Bij die functie hoorde een prestigieuze woning. Dat Armand voor de jonge Horta koos, was opmerkelijk. Zeker omdat de andere Solvays aan de prestigieuze Louizalaan in veel klassiekere huizen woonden. In zijn memoires lezen we dat Horta zelf ook verrast was ‘dat zij beslisten om te werken met ‘de duurste architect van de stad’. Die dan nog het minst conformeerde met wat een huis van standing was.’

Voor Hôtel Solvay gebruikte architect Victor Horta 23 verschillende soorten marmer en twaalf soorten hout, waarvan veel uit Congo. ©Alexander d'Hiet

‘Voor Hôtel Solvay beschikte Horta over een onbeperkt budget’, zegt Wittamer. ‘We weten zelfs niet hoeveel deze woning in totaal gekost heeft. Hij kon hier met de meest luxueuze materialen experimenteren: wel 23 verschillende soorten marmer en twaalf soorten hout gebruikte hij, waarvan veel uit Congo.’

Het maakt Hôtel Solvay qua opulente luxe en schaal vergelijkbaar met Villa Empain: het decadente ‘hôtel particulier’ van Louis Empain, zoon van baron Empain, aan de Rooseveltlaan.

Unesco-werelderfgoed

Anders dan Villa Empain staat Hôtel Solvay sinds 2000 op de lijst met Unesco-werelderfgoed. Al is het altijd een verborgen parel gebleven.

‘Nieuwsgierige mensen bellen hier wel eens aan, ja. Nu het een museum is, wordt het voor iedereen toegankelijk. Maar eigenlijk stelden mijn grootouders het al open in de late jaren 50. Alleen kwam er niemand: art nouveau was toen helemaal niet meer in de mode’, vertelt Wittamer. ‘Mijn grootvader Louis gaf me de gouden raad: volg nooit de modetrends, maar je instinct.’

De elegante details van Hôtel Solvay zijn overal terug te vinden. ©Alexander d'Hiet

Eind jaren 50 zochten Louis Wittamer en Berthe De Camps een extra plek voor de ateliers en verkoopsalons van hun couturemerk Valens. Op dat ogenblik hadden ze ongeveer honderd naaisters in dienst, dus wilden ze een gebouw met veel licht en een goeie ventilatie.

Mijn grootvader Louis gaf me de gouden raad: volg nooit de modetrends, maar je instinct.
Alexandre Wittamer
Eigenaar Hôtel Solvay

‘Door zijn ideale ligging viel hun oog op de Louizalaan. Dus gooiden mijn grootouders briefjes in alle bussen van de huizen die hun bevielen. Onder meer ook op nummer 224, een pand dat al leegstond sinds 1945’, vertelt Alexandre Wittamer. ‘Toen mijn grootouders hun bod uitbrachten, waren er nog andere geïnteresseerde kopers: bouwpromotoren die het wilden afbreken om er een appartementsgebouw op te zetten. Gelukkig kozen de Solvays voor mijn familie.’

Nee, de Solvays waren geen klant bij Valens. Nochtans kocht het couturehuis in Parijs modellen bij de ontwerpers van het moment: denk aan Yves Saint Laurent, Christian Dior of Pierre Cardin. Louis Wittamer en Berthe De Camps ontwierpen zelf ook mode. Vooral feestkledij en bruidsmode, omdat ze bekend waren voor hun borduurwerk. ‘Pas eind jaren 90 legde het modehuis de boeken neer’, zegt Wittamer. ‘Het Antwerpse Modemuseum heeft nog zo’n tweeduizend patronen in zijn collectie.’

Prachtige getinte ramen in Hôtel Solvay. ©Alexander d'Hiet

Vernieuwende architectuur

Zeven jaar sleepte de werf van Hôtel Solvay aan. Logisch voor zo’n somptueus stadspaleis, waar alles op maat is ontworpen en gemaakt. Het huis kon twaalf personeelsleden herbergen en was uitgerust met de nieuwste snufjes: stromend warm water, ventilatie en elektrisch licht. Vooral dat laatste moet een spectaculair uitzicht opgeleverd hebben. Alleen al in de receptieruimtes waren er 166 lichtpunten: een vuurwerk zonder weerga.

Gezien de woning ook moest dienen als visitekaartje en ontvangstruimte kon Horta uitpakken als nooit tevoren. Dat merk je al in de entree: boven de dubbele trap installeerde hij een grote koepel in gekleurd Tiffany-glas. Helaas, een V1-bom die in de buurt ontplofte tijdens de Tweede Wereldoorlog, herleidde die tot splinters. Maar de Wittamers lieten het glas identiek herfabriceren. De trap leidt naar de bel-etage, met aan weerskanten salons en een eetkamer. Let ook op het parket in exotisch hout: de initialen van Armand Solvay zijn er in sierlijke krulletters in verwerkt.

Maar liefst zeven jaar sleepte de bouw van Hôtel Solvay aan. Alles is er op maat ontworpen en gemaakt. ©Alexander d'Hiet

Horta liet zich niet alleen als interieurkunstenaar gaan. Als architect bedacht hij ook enkele vernieuwende oplossingen. Om de warmte binnen te houden, kon je op de leefverdieping elke ruimte afsluiten met draaibare luiken in glas: een modulaire oplossing met een groot ruimtelijk effect. De stalen draagconstructie van de woning – die hij bewust zichtbaar liet – liet hem toe om met een open plan zonder dragende binnenmuren te werken. Daarmee was hij zijn tijd ver vooruit: pas twintig jaar later zou dat vrije plan een van Le Corbusiers moderne principes worden.

Origineel meubilair

Dat het Hôtel Solvay er vandaag nog bijna exact uitziet zoals toen de Solvays erin leefden, komt omdat het al zestig jaar met dezelfde zorg wordt behandeld door dezelfde familie. Toen Louis Wittamer en Berthe De Camps het huis kochten, konden ze gelukkig ook de hele inboedel erbij kopen.

Alexandre Wittamer. ©Alexander d'Hiet

Niet alleen het maatwerk van Horta, maar ook het losse meubilair, de schilderijen en de tapijten, die allemaal speciaal voor de woning waren gemaakt. Dat zijn grootouders daar vorige week postuum van de stad Brussel nog een Zinneke-award voor hebben gekregen, raakt Alexandre diep.

‘Er ontbreekt eigenlijk maar één meubel: het bed’, zegt hij. Dat belandde via het veilinghuis Dorotheum in een buitenlandse collectie. ‘Maar omdat we steun krijgen van het kabinet van de Brusselse staatssecretaris voor Stedenbouw Pascal Smet (sp.a) zal het opnieuw gemaakt worden.’

Het zijn dergelijke onzichtbare retouches die het huis permanent nodig heeft. ‘De elektriciteit is bijvoorbeeld volledig genormeerd, alles wordt nu verlicht met leds’, zegt Wittamer. ‘Ook de centrale verwarming is vernieuwd.’ Na de herstelling van het dak volgt dit jaar nog een enorme opdracht: de restauratie van de gevel.

Horta's meesterwerk

Het Musée Solvay zet niet zozeer de familiegeschiedenis van de Solvays in de verf, maar vooral het genie van Horta als architect en interieurkunstenaar. De manier waarop hij craftsmanship van het allerhoogste niveau combineerde tot een totaalkunstwerk is ongezien. En onbetaalbaar, zeker naar hedendaagse normen. Alleen al voor het pointillistische doek van Théo Van Rysselberghe in de traphal – het grootste werk uit zijn carrière – is Hôtel Solvay een bezoek waard.

Wittamer zal nog nagaan hoeveel bezoekers de trappen in het hotel kunnen dragen. ©Alexander d'Hiet

‘Zelfs al was Armand Solvay een mondain man, toch is zijn huis eigenlijk niet gemaakt om honderden mensen per dag te verwelkomen’, zegt Wittamer. ‘Vandaar dat we nu een studie hebben besteld om te checken welk gewicht het huis – en vooral de trap – exact kan dragen. Zo kunnen we het juiste aantal bezoekers toelaten.’

Voorlopig ligt de limiet op twintig personen per uur. Die lopen rond zonder gids, want het museumbezoek verloopt via een QR-code waarmee je alle uitleg over de woning op je smartphone krijgt.

‘Voor digibeten is er ook een brochure’, zegt Wittamer. ‘En wie bang is om tijdens een bezoek besmet te raken met corona, kunnen we geruststellen: we hebben net het Brussels Health Safety-label gekregen.’ Twintig man in een huis van 2500 vierkante meter met enkel glas: dat is veiliger dan shoppen in de Nieuwstraat.

Hôtel Solvay is op donderdag en zaterdag open. Reserveren op hôtelsolvay.be

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie