sabato interactief

Wandelroute langs de mooiste villa's in Knokke

Sabato maakte een wandelroute langs de markantste huizen in Knokke met naam en faam. ©Jelle Vans

De dijk van Knokke te drukbezet met toeristen? Ga eens voor deze alternatieve excursie: een wandelroute langs de markantste huizen met naambordje, al honderd jaar een traditie in de badstad.

Wandelsafari in Knokke

1. Roemah Passir

Prins Karellaan 42

In het Indonesisch betekent Roemah Passir letterlijk ‘Huis in het zand’. De villa in de Prins Karellaan kreeg haar naam van de opdrachtgevers, de familie Lippens, niet van architect Antoine Dugardyn (1889-1962). Aan de woning is duidelijk te zien dat Dugardyn een tijdje in Engeland vertoefde, waar hij inspiratie opdeed bij klassieke landhuizen. Villa’s met namen uit Engeland, Frankrijk, Spanje of Congo zijn relatief courant in Knokke. Maar heel weinig mensen lieten zich inspireren door het Verre Oosten.

Villa Roemah Passir Prins Karellaan 42, Knokke ©Jelle Vans

Toch was er ooit nog een andere beroemde ‘Roemah’ in Knokke: Roemah Laoet, ‘Huis aan de zee’, de bijnaam van de koninklijke Villa in het Zwin. Die woning in klassieke hoevestijl werd in 1934 ontworpen door Jos Viérin. ‘Is dat ding in Knokke een boerderij of een villa? Wat is er nu koninklijk aan die villa?’, schreef de modernistische architect Huib Hoste. ‘Het is een slechte imitatie van de regionale architectuur.’

Zijn collega Gaston Eysselinck noemde de villa zelfs carrément de ‘koninklijke schuur’. Koning Leopold III was maar zelden in zijn schuur en de Compagnie du Zoute kocht de villa uiteindelijk terug. Het vastgoedbedrijf transformeerde haar in een restaurant en expozaal. Bij de herinrichting van het Zwin in 2015 werd Roemah Laoet gesloopt. De villa maakte plaats voor het nieuwe bezoekerspaviljoen van het Zwin, ontworpen door Coussée & Goris architecten.

Villa Roemah Passir Prins Karellaan 42, Knokke ©Jelle Vans

2. Les Arondes

Prins Karellaan 11

De Antwerpse architect Emiel Van Averbeke (1876-1946) is het bekendst van de Boerentoren, het art-deco-icoon uit 1931 in het centrum van Antwerpen. Het was de eerste wolkenkrabber op het Europese continent. Van Averbeke, toen de hoofdbouwmeester van Antwerpen, werkte tegelijk ook aan Villa Les Arondes (1928), ‘De Zwaluwen’, in de Prins Karellaan. De opdrachtgever was E. Rousseau, al deed de villa ook lang dienst als vakantiewoning van de bekende renpaardenarts Hilaire Lanckriet.

Even stijlzuiver als de Boekentoren kun je deze villa niet noemen. Door de strenge regels van de Compagnie du Zoute kreeg het modernisme nooit voet aan de grond in de villawijk. Rond de eeuwwisseling zagen de eerste cottages in Knokke er redelijk standaard uit: een sokkel in baksteen, crepi op de gevel en een puntdak met vakwerk - het archetype van de Knokse cottage.

In de jaren 20 stapten architecten zoals Van Averbeke stilletjes van die drieledige gevelopbouw af. In dit geval probeerde Van Averbeke de traditionele cottagestijl te omzeilen met strakkere, meer gestroomlijnde vormen, geïnspireerd op de bootarchitectuur. De luifel en ronde erker met buisleuningen zijn typisch voor de architectuur uit de roaring twenties, het pannendak was een Knoks compromis. Al is een zadeldak natuurlijk wel toepasselijk voor een paardendokter.

Villa Les Arondes, Knokke ©Jelle Vans

3. Villa Nautilus-Arcadië en Les Dauphins-Les Nymphes

Poolspad 1-3 en 5-7

Het is bijna niet te geloven: terwijl Léon Stynen (1899-1990) in 1927 aan zijn modernistische ontwerp voor het casino in Knokke werkte, tekende hij voor de familie Soetewey twee oerklassieke dubbelvilla’s in het Poolspad. Dat is een van de oudste verkavelingen in het Zoute.

Villa Nautilus-Arcadië en Les Dauphins-Les Nymphes, Knokke ©Jelle Vans

De Antwerpse architect werd daar duidelijk meer beknot door de conservatieve bouwregeltjes dan in de recentere verkaveling rond het Albertstrand, waar het modernisme vrij spel had. De twee dubbelwoonsten, prachtig gelegen op een hoge duin, hebben wel lichte art-decotrekjes en interessant metselwerk. Maar met dat traditionele vakwerk net onder het puntdak passen ze vooral perfect in de voorgeschreven villastijl. Beide goed verstopte villa’s zijn inmiddels beschermd.

De jonge Léon Stynen kende in de vroege jaren 20 zijn eerste successen in Knokke, de badstad waar zijn ouders een vakantiewoning hadden. In 1921 - hij was toen 22 jaar - ontwierp hij er een oorlogsmonument. Op de inauguratie daarvan ontmoette Stynen Alphonse Derboven, de directeur van de Vander Elst Frères-tabaksfabriek in Leuven, die hem prompt vroeg om voor hem een residentie te ontwerpen in Knokke. Via de connecties van Derboven, zijn ouders en Jacques Nellens haalde Stynen grote opdrachten binnen, onder meer voor het casino. De wedstrijd won hij al in 1925, het gebouw werd opgeleverd in 1930. 

Villa Nautilus-Arcadië en Les Dauphins-Les Nymphes, Knokke ©Jelle Vans

4. Euclides

Lispannenlaan 23, Duinbergen

Je woning een naam geven is geen traditie die helemaal uitgestorven is. Rond het Zegemeer in Duinbergen stoten we op een zwarte kustvilla met rieten dak, waarop in kleurrijke letters de naam Euclides staat. Euclides, als in de ‘vader van de meetkunde’ uit de 3de eeuw voor Christus? ‘Inderdaad’, zegt bewoner Frank Vanleenhove, bekend als oprichter van Surfers Paradise en Lakeside Paradise.

‘Mijn vader was leraar wiskunde in Oostende, maar kreeg in 1952 een vaste benoeming aan het Koninklijk Atheneum van Knokke-Heist. Op dat moment kocht hij een stuk grond bij het Zegemeer en doopte zijn nieuwbouwwoning Euclides. Toen mijn vrouw en ik er kwamen wonen in 2012 hebben we de naam behouden. Het originele poortje, dat mijn vader nog schilderde, is ook nog intact. Maar de gevelletters hebben we helemaal vernieuwd in een speelse surfstijl, geïnspireerd op onze surfreizen naar Bali en Costa Rica.’

Villa Euclides, Knokke ©Jelle Vans

5. Villa de Pagode

Arcadelaan 2

Op de kruising van de Elizabetlaan met de Arcadelaan staat een opvallende dubbelvilla met de letters ‘De P’ op de gevel. Het is alles wat nog overblijft van de originele naam De Pagode: een villa met een golvend tentdak, geïnspireerd op een Chinese pagode. Nu is het een filiaal van de verzekeringsmaatschappij Raadhuis. De woning is in 1935 gebouwd voor Pierre Vandaele (1901-1979), een aannemer die tientallen huizen neerzette in Duinbergen.

De Brugse architect Daniël Gevaert tekende het ontwerp. Gevaert werkte ooit bij Huib Hoste en hielp mee het casino renoveren - lees: bruuskeren - na de Tweede Wereldoorlog. Vandaele was geen onbesproken figuur: in het interbellum bouwde hij in Duinbergen een kapel, naar een ontwerp van Fritz Coppieters. Hij wilde daarna het gebied errond verkavelen, maar het bisdom stak daar een stokje voor door geen toestemming te geven voor de kapel. Ze bleef als een onafgewerkte ruïne staan en werd afgebroken na de Tweede Wereldoorlog. Vandaele verkaste uiteindelijk naar het Franse Anglet, waar hij stierf.

Villa De Pagode, Knokke ©Jelle Vans

6. Chaperon Rouge

Krokussenpad 1

Als je in Duinbergen mooie cottages met een lange historiek wilt zien, moet je naar de buurt rond de Duinendreef gaan. In het Krokussenpad kun je onmogelijk naast Chaperon Rouge kijken: een cottage met een schattige hoektoren uit 1912. De Brusselse architect Jules Smekens (1904-1976) tekende de plannen van de beeldbepalende villa.

Chaperon Rouge, Knokke ©Jelle Vans

Zijn feeërieke naam heeft het huis te danken aan het hoektorentje met rood puntdak. Grappig detail: ook in de Zoutelaan staat een dubbelvilla met de naam Roodkapje. Die werd in 1935 ontworpen door de Gentse architect Jan-Albert De Bondt (1888-1969). Het art-decovakantiehuis heeft eveneens een rood pannendak. Erg sprookjesachtig was De Bondts Knokse passage echter niet: omdat hij tijdens de Tweede Wereldoorlog had gecollaboreerd, werden zijn buitenverblijf in Knokke én zijn huis in Gent geconfisqueerd. In 1946 werd hij ook uit zijn beroep ontzet. Uit frustratie verbrandde hij in 1965 bijna al zijn originele plannen.

Chaperon Rouge, Knokke ©Jelle Vans

7. Rêve d’Enfant

Fochlaan 23

Componist en violist Eugène Ysaÿe (1858-1931) was goed bevriend met de Belgische koningin Elisabeth. Hij gaf haar zelfs privéles viool. Net als de koninklijke familie kwam Ysaÿe graag naar Knokke. Er zijn prachtige foto’s bewaard van de nogal zwaarlijvige muzikant, die aan het tennissen is in het Zoute.

Zijn eerste woning, Villa Chanterelle uit 1913, werd gesloopt tijdens de Tweede Wereldoorlog. Maar hij verbleef daarna in de Villa Rêve d’Enfant op de Fochlaan. Dat huis is vernoemd naar een muziekstuk dat hij in 1901 aan zijn zoontje Antoine (1894–1979) had opgedragen. In Knokke organiseren Les Amis du Zoute sinds 2017 een tweejaarlijks festival rond de muziek van Ysaÿe. Prinses Esmeralda is de meter van het evenement.

Lees verder

Advertentie
Advertentie