sabato

'Aan de Zoute Grand Prix mag ik niet eens deelnemen'

De mooiste oldtimer van Philippe Coget: Peugeot 504 cabriolet (1978).

Met een gloednieuwe Porsche doe je oldtimerverzamelaar Philippe Coget geen plezier. Liever redt hij Peugeots die in de jaren '70 het straatbeeld tekenden, zoals deze cabriolet.

Philippe Coget (55), handelaar in tweedehandswagens.

Eerste: Peugeot 305 berline (1980). 

Daily: Audi Q7 (2016). 
Beste: Audi Q7 (2016). 
Slechtste: Seat Ibiza (1984). ‘Een Fiat Ritmo met een Seat-logo. Een jaar gehad, vier maanden in de garage gestaan.’ 
Droom: Peugeot 204 cabriolet. ‘Ik heb er een op het oog.’

‘Deze Saab 99 (1972) is eigenlijk een Peugeot 204 cabriolet’, lacht Philippe Coget. Hij klopt op de bodemplaat. ‘Keihard. Nog nooit gezien. Hij stond dertig jaar op een boerderij. Maar ik zal hem weer verkopen, om met de opbrengst mijn droomwagen te kopen.’

Zijn liefde voor Peugeot gaat diep.‘Mijn grootvader Henri de Hemptinne was mede-eigenaar van de grote Peugeot-garage Ciac in Gent, die tot in de jaren 60 ook importeur was voor Vlaanderen. Nadien was nonkel Felix medezaakvoerder. Wij speelden in de showroom terwijl de grote mensen whisky dronken en sigaren rookten.'

'Nu is mijn neef er zaakvoerder. Mijn vader heeft nooit in auto’s gewerkt, maar om mijn moeder te mogen veroveren, moest hij wel met een Peugeot rijden - wat hij heel zijn leven met lichte tegenzin heeft gedaan.’ Coget verhuisde een paar jaar geleden naar Wallonië. ‘Ik handel in tweedehandswagens, maar de collectie is privé en staat daar compleet los van.’

De Peugeot 404 sedan (1967): een ontwerp van Pininfarina met Amerikaanse invloeden.

'Als kind was de showroom mijn speeltuin'

Hij profiteert van de winter om grote werken te doen. ‘Mijn Peugeot 404 pick-up (1980) is aan een motorvervanging toe en staat nu elders. Maar de 404 berline (1967) draait fantastisch. Dit was de eerste met injectie. De vinnen en het grote radiatorrooster verraden de grote invloed van de VS toen. Zo heb ik er nog een, uit 1972.’ Zijn Peugeot 504 GLD (1969) heeft nog bumpers in chroom en versnellingen aan het stuur.

‘Dat is wat de collectioneur zoekt: het eerste model. Hij heeft nog geen servo: om spieren te kweken hoef je niet naar Basic-Fit. Er staat 259.000 kilometer op de teller, maar deze motoren zijn onverwoestbaar. Geef ze water en olie, en ze halen een miljoen en meer. De 504 werd in Europa geproduceerd van 1968 tot 1983, maar in Zuid-Amerika en Afrika ging dat nog decennia door. De laatste rolde in 2006 van de band in Nigeria.

'Mijn 504 pick-up (1986) is wellicht de enige in België: op de Dienst voor Inschrijvingen van Voertuigen zat hij niet in de computer - wat me flink wat ellende opleverde. Die heb ik sinds 2013, toen ik na gezondheidsproblemen besloot om het wat kalmer aan te doen en oldtimers begon te verzamelen.’

De 504 GLD (1969) met z’n onverwoestbare dieselmotor.

'Mijn 504 pick-up is wellicht de enige in België'

De door Pininfarina ontworpen Peugeot 504 cabriolet (1978) is een ware schoonheid. ‘Deze heeft niet de complexe V6-motor die Peugeot samen met Renault en Volvo ontwikkelde. Die zijn nogal gulzig: raak het gas aan en hij slikt 18 liter, rij wat sportief en het wordt 23 liter. De mecaniciens die eraan kunnen werken, zijn bijna allemaal dood. Dit is een van de eerste tweeliters met mechanische injectie. De combinatie met servo is zeldzaam. Toen was dat echt wow.’

‘Een tijd geleden viel mijn dochter ermee stil’, vertelt hij. ‘Er lag 15 liter benzine op de weg. Na anderhalf jaar zoeken vond ik de dichtingsringetjes die ik nodig had. Vijf stuks voor vijf euro.’ Hij verdwijnt even en komt terug met een bokaal. ‘Kijk, ik heb er eentje over. Bij de webshop L’Aventure Peugeot Classic vind je grote onderdelen, maar dit soort dingen is een groot probleem.’

De 304 break (1977) is een zeldzaamheid geworden.

We lopen langs de Peugeot 304 GL break (1977). ‘Toen de 204 uit het gamma verdween, waren er nog duizenden interieurs over. Die werden gerecupereerd voor een goedkope uitvoering van de nieuwe 304. Destijds deed Peugeot alles waar het geld uit kon slaan. De 304 was eigenlijk een 204 met achteraan een extra stuk aan gelast. Dat wilde met de tijd weleens gaan hangen.'

'Zijn motor is wél zeer goed en supereenvoudig: een kind kan hem herstellen. Maar je ziet ze nog amper. Net als de Peugeot 505 GTD Familiale (1986). Die zijn allemaal naar Afrika. Er zijn acht plaatsen, maar ze kruipen er met 14 in en zetten nog enkele schapen op de bagagedrager. Op het platteland in Senegal en Ivoorkust is bijna elke taxi een 505 Familiale, ook al is hij sinds 1992 uit productie. In de voormalige Franse kolonies verkiezen mensen een Peugeot boven een Mercedes. Ook al omdat ze daarvoor gemakkelijker motoronderdelen kunnen laten maken bij de hoefsmid.’

Work in progress: het gat in de bodem van de Peugeot 204 (1972) wordt gedicht.

Hij heeft ook een Peugeot 104 (1972) en een 309 (1989). De 204 (1972) en 304 cabriolet (1972) zijn in restauratie. Die eerste heeft een gat in de bodem. ‘Een echte Peugeot’, lacht hij. De late 205 CJ cabriolet (1993) heeft versleten zetels, maar is voorts in prima staat.

‘Jamaar, het is geen CTI, hoor ik vaak. Of: kijk hier, een tikje roest! Daar heb ik een hekel aan. Aan de Zoute Grand Prix mag ik zelfs niet deelnemen. Maar ik hoef geen topuitvoeringen of perfecte auto’s. Mijn ding is: auto’s redden die in de jaren 70 mee het straatbeeld vormden. Iedereen wil een Porsche of MG, maar die weerspiegelen de echte geschiedenis niet. Van de Peugeot 304 waren er duizenden. Dát is erfgoed.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie