sabato

‘Met de Porsche 964 Carrera RS hebben we een bijna-doodervaring gehad'

Geert Nouwkens en zijn Porsches. ©Thomas Vanhaute

Een tocht langs garages in België. Deze week: Geert Nouwkens, ‘Porschist’ in hart en nieren.

‘In 1975 bestelde ik mijn eerste Porsche’, vertelt Geert Nouwkens. ‘Een nieuwe 924, het toenmalige instapmodel. Dat kon ik me veroorloven. Sindsdien kocht ik 14 nieuwe exemplaren, plus een handvol klassiekers. Met een Porsche heb ik nooit pech gehad. En tot het jaar 2000 heb ik er amper 25.000 euro kapitaal aan verloren. Ik reed er telkens twee, drie jaar mee, en de overnameprijzen waren altijd zeer interessant.’

De 991 GT3 (2018) is de jongste aanwinst. ©Thomas Vanhaute

De laatste is een 991 GT3 (2018). ‘Ik heb er dit jaar al 15.000 kilometer mee gereden. Zelfs als ik naar de bakker ga, moet ik me bedwingen om die auto te laten staan. Hij rijdt spectaculair. Met zijn 4.0-motor van 500 pk is hij bijna een supercar. Dan valt 12 liter verbruik best mee.’ Over de passagiersstoel is een alcantara overtrek gespannen. ‘Het is ook de favoriet van Pauline, onze Franse buldog’, lacht Nouwkens. ‘Als de deur opengaat, loopt hij ernaartoe en springt erin.’

‘Ik heb bijna alle GT3’s gehad, de bijna-raceversie van de Carrera met atmosferische motor. Die moet je hoog in de toeren jagen als je op zoek gaat naar pk’s, en dat vind ik fijner dan het rechtlijniger karakter van de GT2 met turbo. Het is een totaal andere manier van rijden. Ook de 930 Turbo Targa (1989) was spectaculair. Hij leverde zowel onderstuur als overstuur, en gaf een enorme boost bij pakweg 3.000 toeren. En hij was zeer zeldzaam: van de uitvoering die ik had, werden er slechts 115 exemplaren gebouwd.’

‘De GT3 RS (2005) had ik zeker moeten houden. Die was zeer competitief op het circuit en is nu al een klassieker. Maar hij had een rolkooi. Nogal onhandig als daily: mijn echtgenote kon niet mee.’

Deze 911 Carrera (1987) heeft slechts 105.000 kilometer op de teller. ©Thomas Vanhaute

Vier stuks blijven over. ‘Door plaatsgebrek, maar ook omdat ik vind dat auto’s moeten rijden. Een grote collectie wordt een opgave. Dat wil ik niet.’ Maar geen nood. Zijn vrouw Marleen maakte een boek met alle auto’s van zijn leven. We openen de lederen kaft en bladeren. Het begint bij een NSU Prinz II (1958) en eindigt bij de Ferrari 458 Italia (2012). ‘Ja, ik ben eens vreemdgegaan’, lacht Nouwkens. ‘Fantastische auto hoor, Ferrari. Kunst, vind ik. En een uitstekende dubbele koppeling. Maar toch: door de centraal geplaatste motor was het een makkelijk te besturen auto. De helemaal achterin gelegen motor geeft de Porsche een totaal ander karakter en gedrag, die me zeer bevallen. Het is echt een duwer.’

Na twee 924’s volgde een 944 (1982) en in 1987 de eerste Carrera. ‘Eindelijk’, lacht Nouwkens. ‘De 911 was toen al 23 jaar op de markt en ten dode opgeschreven wegens ouderwets. Maar dat model had zo’n specifiek karakter dat hij het nadien nog jaren heeft uitgezongen. Kijk, met die auto is mijn zoon Geert Junior uit de kraamkliniek gekomen. Later verkocht ik hem, maar nu staat er een identiek exemplaar in de garage. Met 105.000 kilometer op de teller rijdt die als nieuw.’

Geert Nouwkens (75)
Erenotaris

Daily: Porsche 991 GT3 (2018).

Eerste: NSU Prinz II (1958).

Beste: Porsche 964 Carrera RS (1992).

Slechtste: Lotus Elise R (2005). ‘Fantastische rijdersauto, maar als Porschist verdraag je geen pech.’

Droom: Porsche 904 GTS. ‘Maar die is onbetaalbaar.’

 

We hebben duidelijk met een notaris te maken. ‘Van klassiekers vraag ik altijd eerst de ‘geboorteakte’ op’, zegt hij. ‘De fiche waarop staat wanneer en met welke opties een auto de fabriek verliet en naar welke dealer hij is gegaan. In 1988 kocht ik mijn eerste 356 Coupé (1963). Daaraan heb ik ook zelf veel gewerkt. Later volgde een 356 SC Cabriolet (1965). De originele motor ervan staat hier in de living, als kunstwerk. Neen, die auto’s mis ik niet. Ik reed er niet graag mee. In originele uitvoering zijn ze niet aangepast aan het hedendaagse verkeer.’

De favoriet van de hele familie is de 964 Carrera RS, nieuw gekocht in 1992. De op iets meer dan 2.000 exemplaren geproduceerde lichtgewicht-racevariant is voor velen de ultieme Carrera. ‘Het is een extreem brutaal ding. Op droog wegdek kan ik hem vrij goed beheersen, maar bij regen is dat aartsmoeilijk.

Met deze auto hebben we onderweg naar Francorchamps een bijna-doodervaring gehad. Het regende en bij 170 km/h deed zich plots aquaplaning voor. Mijn zoon Wouter zat aan het stuur, zijn vrouw ernaast, en ik achterin - waar geen zitje is. De auto ging dwars en we schoven 500 meter zijdelings over de snelweg. Het duurde eindeloos. Uiteindelijk wist Wouter hem te controleren, en zonder brokken kwamen we op de pechstrook tot stilstand.’

‘Op een concours d’elegance in Saint-Tropez wonnen we er de tweede plaats mee. Behalve de nieuwe lak is hij compleet origineel en heeft amper 45.000 kilometer op de teller. We hebben al hoge biedingen gekregen, maar deze gaat niet weg.’

De extreem brutale 964 Carrera RS (1992). ©Thomas Vanhaute

‘Ook op mijn 75ste rij ik nog zeer graag. Vier, vijf keer per jaar ga ik op circuit. Mijn drie zonen gingen al heel vroeg mee. Toen ze nog te klein waren, legde ik een kussentje onder hun poep, zodat ze toch werden toegelaten. We gaan ook geregeld karten met vrienden. Ik ben dan de traagste van ons vieren, maar vaak toch nog sneller dan andere deelnemers.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content