Advertentie
Advertentie
sabato

Ondernemer Anton Gonnissen rijdt mythische rally ‘Road to Mandalay'

‘De mechaniek van zo’n oldtimer is zo basic dat je uiteindelijk alles kunt herstellen met een stuk ijzerdraad, een sleuteltje van tien en logisch denken. Echt MacGyver spelen dus.’ ©Gerard Brown

Drie keer nam hij deel aan de Dakar-rally. Hij reed zes keer de Rally der Farao's en kocht een oude Bentley om ermee van Peking naar Parijs te racen. Op 1 februari vatte ONDERNEMER ANTON GONNISSEN samen met zijn vrouw Inge The Road to Mandalay aan: een 24-daagse rally van Singapore naar Myanmar. Maar dit keer liep het avontuur bijna noodlottig af. 'Twintig uur duurde het om mijn gewonde vrouw met een jet uit Myanmar weg te krijgen. Pure horror.'

Je zal het misschien niet geloven, maar mijn hang naar avontuur ontstond pas in 1998. Toen vroeg een vriend me om de 25 Uren Fun Cup in Francorchamps te rijden. Ik was 38 en in auto's was ik niet méér geïnteresseerd dan elke gezonde Vlaamse jongen. Ik was nooit naar races gaan kijken en van autotechniek kende ik helemaal niets. Maar wat was dat een openbaring! Tijdens mijn eerste vijf rondjes op het circuit van Francorchamps schreeuwde ik het letterlijk uit van vreugde.'

Vandaag is de 54-jarige Anton Gonnissen - eigenaar van het bedrijf ABS Bouwteam - een van de meest door het autovirus gebeten ondernemers van België: drie keer nam hij deel aan de Dakar-rally en ook een pak andere woestijnrally's en uithoudingsraces staan op zijn palmares.

©Anton Gonnissen

'Na dat eerste, schuchtere contact met de automobielsport reed ik algauw de 24 Uur van Zolder. En in 1999 schreef ik me in voor een Belcar-seizoen in een Porsche GT2. In 2000 volgde mijn eerste Dakar-rally, samen met een vriend. Ter voorbereiding nam ik deel aan de Rally der Farao's in Egypte, met een oude Toyota Land Cruiser.'

'Woestijnrally's werden uiteindelijk mijn allergrootste liefde. Voor mij zijn ze synoniem met the survival of the fittest. Vooral omdat de woestijnen je telkens een ongelooflijke mep verkopen. Ofwel ben je er doodsbang van en wil je zo'n woestijnrally nooit meer opnieuw rijden, ofwel word je erdoor bevangen, zoals zeilers door de zee. Je hebt een Lawrence of Arabia-DNA of je hebt het niet.'

'Ik was meteen overweldigd door de uitgestrektheid van die zandzee en de mix van ontzag en overwinningsdrang. Uiteindelijk heb ik zes Farao's gereden, één keer de Dubai International Rally, drie Dakars, naast nog wat kleinere races, zoals de Rally van Portugal. En dat zowel met terreinwagens, motoren, quads als vrachtwagens.'

De Dakar-rally van 2000 reed Gonnissen met een Toyota Land Cruiser, naar de editie 2004 trok hij met een Ginaf-vrachtwagen en in 2009 deed hij Argentinië en Chili aan met een Yamaha Raptor, een quad. Zo werd de architect-aannemer, samen met zijn vaste co-racer, de eerste ter wereld die drie keer op drie aankwam in de drie competitiecategorieën.

'Als je door het woestijnzand aan het racen bent, zit je eigenlijk in een bubbel. Het echte leven is dan ver weg. Het enige wat nog bestaat, zijn vertrek- en aankomsttijden, en de controleposten ertussen. Elke dag trekt de karavaan 400 tot 800 kilometer verder. Zoals een leger. Je lichaam en geest gaan over in een soort overlevingsinstinct, noem het een staat van oorlog zonder wapens. Intussen kan ik me voorstellen wat het betekent om aan het front te zitten: de enige dingen die je een houvast bieden, zijn eten, drinken, mecaniciens, dokters en een beetje info.'

©Gerard Brown

5 uur slapen... per week
'De rallywereld is een universum op zich', zegt Gonnissen. 'Je aanvaardt een nieuw koninkrijk, met een soort dictator aan het hoofd: de organisatie. En het is een leven waar je onder enorme druk staat. Een druk die je in het normale leven nooit kunt voelen. Je drijft op adrenalinepieken en beleeft dingen die je niet voor mogelijk houdt. Je krijgt pech, je rijdt verloren. "Ze zullen me niet meer liggen hebben", zei ik nadat ik in 2009 tijdens de eerste week van Dakar zeven uur had geslapen. De week erna sliep ik vijf uur. Iedereen denkt dat dat onmogelijk is. Maar het is wel doenbaar. In de Dakar-rally moet je twintig minuten voor je volgende vertrektijd binnen zijn. Wij haalden dat vaak op een uurtje na. We waren van het type dat arriveerde, afstempelde, een bandenwissel doorvoerde, en weer vertrok. Ik at ook amper.'

'In vijftien jaar autosport heb ik geen schrammetje opgelopen. Op de duur word je verwaand. Aanmatigend zelfs. Nu sta ik weer met beide voeten op de grond.'
Anton Gonnissen

'Ik ben ervan overtuigd dat leven in die modus van jou een bewuster mens maakt. Je hoort weleens dat we doorgaans maar 20 procent van ons intellect aanspreken. Ik ben daarvan overtuigd. In die situaties overstijg je jezelf. Elke geur, elk geluid, elke prikkel wordt sterker. Zo krijg je in de woestijn een soort nachtzicht: met een beetje maanlicht rijden we even vlot als overdag, terwijl we hier in België meteen vertragen als de lichten op de snelweg doven. Vast komen te zitten in de woestijn is je grootste angst. Dan is het alsof je een zwembad moet uitgraven. En dus denk je veel harder na. Zelfs wanneer je nauwelijks geslapen hebt.'
'Als je terugkeert naar het echte leven zakt de adrenaline en spreek je weer minder van je capaciteit aan. En op de duur geloof je niet meer wie je daar in de woestijn was. Maar je verlangt wel naar dat hondenleven. Raar hé?'

Vijftien jaar geleden stond Gonnissen mee aan de wieg van het World Expedition Racing Team (WERT). Met tien mannen maakt hij elk jaar een reis met enduromotoren. Het motto: hoe meer afgelegen, hoe liever. 'We rijden bij voorkeur op zogenaamde single tracks, wegen waarop je met een terreinwagen niet moet komen. Daar zie je de 'oude' wereld zoals hij echt is. Zonder bussen of hotels. We slapen op de grond en eten met de lokale bevolking. Zo heb ik mijn hart verloren aan Namibië. Daar neem ik mijn familie dan ook mee naartoe.'

In 2011 ging Gonnissen op zoek naar iets nieuws. Ook al omdat hij het wel wat had gehad met de autosport. 'Er gaat te veel 'funny money' in om. Het is fundamenteel oneerlijk: wie het meeste geld heeft, wint. Dat was ik moe. Zeker bij asfaltracen, maar ook bij Dakar. Als je pakken poen hebt, wordt jouw auto elke avond herbouwd. In een rally met classic cars is de competitie veel milder. Als je pech hebt, stopt iedereen. In Dakar houdt niemand halt.'

'Daarom loop ik ook graag marathons. Ook al heb je 100 miljoen euro op je rekening staan, je moet het helemaal alleen doen. Na de asfaltmarathons ben ik gaan lopen op de Chinese Muur en op de Noordpool, bij -35 °C. Nu doe ik ook aan trail running: klimmen en klauteren. Dat is als skiën, maar dan in de omgekeerde richting en zonder sneeuw.'

‘De ene seconde ben je verrukt dat je het initiatief hebt genomen om authenticiteit op te zoeken - want dat doen rally’s: in zo’n oude, open auto zie je wat weinig mensen zien. En de volgende seconde zit je in jouw ergste nachtmerrie.’ ©Gerard Brown

Beslist in een milliseconde
Gonnissen ging na het competitieracen ook op zoek naar een hobby die hij samen met zijn vrouw Inge kon beleven. En dus kocht hij tijdens Techno Classica, dé hoogmis voor oldtimerfanaten in het Duitse Essen, een Bentley. 'Het was een impulsaankoop. Beslist in een milliseconde. Dit model uit 1929 won in 1932 de 24 uur van Le Mans, waardoor hij een brok autogeschiedenis werd. Dit is weliswaar een Special: hij werd voor mij nieuw gebouwd op het chassis van een Mark VI uit 1950. Met een authentieke oude motor, versnellingsbak en ophanging hebben ze eigenlijk een nieuwe auto gemaakt. In 2012 werd hij geleverd en een halfjaar later zag ik de aankondiging van 'Peking to Paris'. Ik wist direct waar ik met mijn vrouw naartoe wilde.'

MacGyver
Aanvankelijk dacht Gonnissen dat zo'n oldtimerrally iets voor oude mensen zou zijn. Maar hij belandde vlug met beide voeten op de grond. Tijdens de eerste etappe in China stuurde de organisatie hem vijftig kilometer langs banen met enorme putten. 'Toen we aan het hotel kwamen, was de helft van de auto losgetrild. En er volgden nog vijf weken en 13.000 kilometer door China, Mongolië, Rusland, Oekraïne, Slowakije, Oostenrijk, Zwitserland en Frankrijk.'

'De Endurance Rally Association (ERA), - de organisator van de rally's Peking to Paris en The Road to Mandalay - staat erop dat iedereen zelf zijn auto herstelt. Nu hebben oude auto's twee voordelen: alle problemen eraan zijn logisch en eindig. De mechaniek is dermate basic dat je uiteindelijk alles kunt herstellen met een stuk ijzerdraad, een sleuteltje van tien en logisch denken. In Siberië heb ik stukken van een vrachtwagenband verknipt om de veerbegrenzers van mijn auto te repareren. Echt MacGyver spelen dus.'

'De volgende 33 dagen waren pure survival. Maar vooral onwezenlijk mooi. Je kan je niet voorstellen hoe fascinerend Mongolië is. Van oost naar west zagen we elke dag de wereld veranderen. En dat allemaal in een auto die eigenlijk in de eerste plaats dient om een concours d'élégance mee te winnen. Terug thuis heb ik hem wel naar Wales teruggestuurd, waar hij op 57 punten werd aangepast.'

Horror in Myanmar
Met 8000 kilometer is The Road to Mandalay korter dan Peking to Paris. Rustiger ook, en grotendeels op asfalt. Toch sloeg dit jaar het noodlot toe. Philip Young, de organisator van de race, viel aan de grens tussen Thailand en Myanmar met zijn motor. Aanvankelijk leek het niet zo erg, maar vorige week overleed hij aan zijn verwondingen.

Ook Gonnissen bleef niet van ellende bespaard. 'We lagen in tweede positie in onze categorie, reden met vijftig kilometer per uur door de bergen van Myanmar, toen er plots een rotsblok naar beneden kwam. Recht in Inges gezicht. De gevolgen waren verschrikkelijk.'

'Myanmar is een van de slechtste plaatsen om zoiets tegen te komen: er zijn geen dokters, geen ambulances en geen ziekenhuizen. Het medisch team dat ons begeleidde, met twee artsen die nog in Afghanistan hadden gediend, heeft haar leven gered. Maar het duurde twintig uur om haar met een jet uit Myanmar weg te krijgen. Pure horror.'

In 2011 kochten bouwondernemer Anton Gonnissen en zijn vrouw Inge deze herbouwde Bentley uit 1929, een model dat in 1932 de ‘24 uur van Le Mans’ won. ‘Een impulsaankoop. Beslist in een milliseconde.’ ©RV

'Toen ik in Bangkok op de intensive care naast haar zat, besefte ik het pas: de ene seconde ben je verrukt dat je het initiatief hebt genomen om authenticiteit op te zoeken - want dat doen rally's: in zo'n oude, open auto zie je wat weinig mensen zien, we reden bijna door de middeleeuwen. En de volgende seconde zaten we in onze ergste nachtmerrie. Een meter meer naar links of rechts, vooraf even remmen voor een geit of wat sneller rijden om iemand in te halen, en er was niets gebeurd. Het was een stofje in de kosmos.'

'Na acht dagen is mijn vrouw met een medisch vliegtuig naar Antwerpen gebracht. Twee dagen later is ze geopereerd. Wellicht komt het goed, maar niet zonder revalidatie. Als het niet was gebeurd, had ik je een verhaal van ongenaakbaarheid verteld. In vijftien jaar autosport heb ik geen schrammetje opgelopen. En op de duur vond ik dat normaal. Ik ben voorzichtig, dacht ik. Je wordt verwaand. Aanmatigend, zelfs. Nu sta ik weer met beide voeten op de grond. Toen een van mijn vrienden in de jungle van Cambodja zijn sleutelbeen brak, hebben we ook twintig uur gewerkt om hem per motor naar een ziekenhuis te brengen. Maar dit was wel even anders. Ik weet niet in hoeverre dit mijn hang naar avontuur zal beïnvloeden. Het is nog te vers. Alle aandacht gaat nu naar Inge en naar niets of niemand anders.'

©Gerard Brown

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie