sabato

Wie is de vrouw die haar naam gaf aan de iconische Lotus Elise?

©rv

Twintig jaar verdween ze van de radar, wat tot veel speculatie leidde. Maar Elisa Artioli, de vrouw naar wie in 1995 de iconische Lotus Elise werd vernoemd, is helemaal terug. Dankzij een hashtag. 'Amerikanen vragen me zelfs om hun sokken te signeren.'

Op 12 september 1995 onthulde het roemruchte maar noodlijdende Lotus op het autosalon van Frankfurt een gloednieuw model. Toen het doek met opschrift 'I am Elise' van het prototype gleed, verscheen op het roterende platform niet alleen een kleine, in 'British Racing Green' gelakte sportwagen. Op de bestuurdersstoel stond ook een klein meisje, dat onwetend poseerde voor de verzamelde autopers. Elisa Artioli was op slag wereldberoemd onder autofans. 'Ik was tweeënhalf: van het salon zelf herinner ik me niets', lacht de kleindochter van toenmalig Lotus-eigenaar Romano Artioli 23 jaar later. 'Onlangs herbekeek ik met mijn moeder de video. Een paar uur lang moest ik in die auto blijven zitten. Maar ik huilde of morde niet. En na de presentatie wilde ik er niet meer uit.'

Toenmalig Lotus-eigenaar Romano Artioli met zijn kleindochter, naar wie de Elise is genoemd. ©rv

Redding

©rv

Een jaar later verscheen de Lotus Elise op de markt. Met het concept keerden de ontwerpers terug naar de kwintessens van de auto's waarmee Team Lotus zes formule 1-wereldtitels voor piloten en zeven constructeurstitels vergaarde. 'Ad lightness', luidde het dogma van stichter Colin Chapman. Dat paste hij vanaf 1952 ook toe op auto's voor de weg, met de Seven als oer-Lotus. De compacte, lichte en uiterst wendbare Elise was daar een moderne opvolger van. Een innovatief chassis van verlijmd aluminium droeg bij tot de rij-eigenschappen en -sensaties waaraan veel duurdere pk-monsters niet konden tippen. De Elise was dé auto om bochten te verslinden in de Dolomieten, de thuishaven van de Artioli's.

De looks van het simpele sportwagentje kwamen uit de pen van Julian Thomson, vandaag advanced design director bij Jaguar. Later zou de Belg Steven Crijns, nu senior designer bij McLaren, de Elise Series 2 tekenen: een aangepast ontwerp, maar trouw aan de oorspronkelijke filosofie. Ook de Series 3, die tot vandaag op de markt is, wijkt daar niet fundamenteel van af. De Elise werd de redding van Lotus. Inmiddels werden ruim 33.000 exemplaren verkocht. Dat lijkt weinig op 22 jaar, maar naar Lotus-normen is het een succes.

Bugatti

Romano Artioli had Lotus Cars in 1993 gekocht van General Motors, dat het bedrijf in 1986 had overgenomen, vier jaar na de dood van Colin Chapman. De Elise - waarvan de naam dus verwees naar zijn eerste kleindochter - was zijn eerste wapenfeit als eigenaar. De naam paste perfect in de merkgeschiedenis, waar behalve de Seven alle modellen met de letter E begonnen: Elite, Elan, Europa, Esprit, Eclat, Excel. Elisa werd wel Elise omdat dat internationaal beter bekt.
Lotus was niet het enige merk dat Artioli, die fortuin had gemaakt als invoerder van Japanse wagens, bezat. In 1986 had hij zijn levensdroom gerealiseerd: hij verwierf van de Franse staat het merkenrecht op Bugatti.

Nadat hij Lotus had gekocht, verhuisde Artioli tijdelijk naar Engeland. 'Daar was hij alleen, en zo voelde hij zich ook', herinnert Elisa zich. 'Wij zijn Italianen: de familie is essentieel. Gevolg was dat ook ons gezin en dat van mijn tante in 1995 naar Engeland trokken. Van dat land herinner ik me nog dat ik in de kleuterschool steevast zei dat ik Lotus Elise heette. Ik heb dat lang écht geloofd, gebrainwasht als ik was door mijn grootvader. Zijn passie is grenzeloos. En in mij zag hij de toekomstige autofreak van de familie.'

Het Elise-model werd de redding van Lotus. Inmiddels werden al 33.000 exemplaren verkocht, naar Lotus-normen een succes. ©rv

#iamlotuselise

Op de kleuterschool zei ik steevast dat ik 'Lotus Elise' heette. Ik heb dat lang écht geloofd, gebrainwasht als ik was door mijn grootvader.

Na de lancering van de Lotus verdween Elisa van de radar. Hoe het de peuter verder verging, was vele jaren voer voor speculatie onder Lotus-fans. Al in 1996 verkocht Romano Artioli het meerderheidsbelang van Lotus aan het Maleisische Proton. Een jaar later keerde de familie terug naar Bolzano. Daar groeide Elisa verder op, als dochter van een provincieraadslid en een industrieel, die scheidden toen ze nog klein was. 'Op school praatte ik aanvankelijk vaak over auto's, maar onder meisjes viel dat niet altijd goed', vertelt ze. 'Op een bepaald moment hield ik daar maar mee op.'

Ze kwam weer boven water toen ze in 2015 onder de hashtag #iamlotuselise plots berichten ging delen op sociale media. 'Ikzelf dacht dat geen kat daar interesse voor zou hebben. Maar tot mijn grote verbazing bleken veel mensen zich af te vragen waar ik was en wat ik deed.'

Elisa Artioli kwam weer boven water toen ze onder de hashtag #iamlotuselise plots berichten ging delen op sociale media. 'Die hashtag heeft mijn leven veranderd.' ©rv

Haar eigen zilvergrijze Lotus Elise S1 (1997) speelt een hoofdrol in de posts. 'Een geschenk van mijn grootvader toen ik vier was', lacht ze. 'Toen ik klein was, stond hij thuis in de garage. Behalve tijdens speciale gelegenheden, zoals het tweede huwelijk van mijn moeder, werd hij niet gebruikt. Maar ik groeide wel op met die auto en ernaar kijken maakte me blij. Op mijn achttiende behaalde ik mijn rijbewijs, maar in Italië mag je het eerstvolgende jaar slechts auto's besturen met een vermogen lager dan 55 kilowatt per ton. En de Elise is niet extreem krachtig, maar wel zeer licht. Ik moest dus nog een jaar wachten om ermee te rijden.'

Ze lacht als ze het grote moment beschrijft. 'Ik was al vaak achter het stuur gekropen, maar er voor het eerst echt mee rijden voelde compleet maf. Eerst was ik bang. Zo'n spartaanse Elise rijdt anders dan een gewone auto. Hij is zeer laag, voelt harder, reageert veel directer. De eerste tien minuten beefde ik. Daarna begon ik te flippen. Ik schaterlachte als een malloot. Ook nu nog word ik blij als ik erin stap. The best feeling ever. Ik draag er zorg voor, maar hij dient wel om te rijden.'

Signeersessies

Inmiddels heeft de Elise van Elisa 55.000 kilometer op de teller. Haar roadtrips kunnen we volgen op Facebook en Instagram. 'Die hashtag heeft mijn leven veranderd', zegt ze. 'Sindsdien heb ik veel gereisd en leerde ik een pak mensen kennen. Waar ik ook ben: ik word uitgenodigd op meetings en rondritten. In België woonde ik dit jaar de Ypres Lotus Day bij. En in september reed ik een week door Toscane, met op het eind een bijeenkomst van de Italiaanse Lotus-club in Como.'

©rv

Ze signeerde al talloze exemplaren. 'Zeker toen ik in Princeton werd uitgenodigd op de jaarlijkse Lotus Owners Gathering. Amerikanen houden daarvan. Ze vragen zelfs om hun sokken te signeren. Ik vind het fijn om mensen te ontmoeten, maar ben wel introvert. Als mensen me aanstaren of - erger - me filmen terwijl ik parkeer, word ik zenuwachtig. En zet me niet op een podium. Ik heb geen enkele verdienste aan mijn verhaal. Ik heb gewoon geluk.'

Dat laatste werd haar al verweten. 'Ik moet weleens horen dat ik geboren ben met een auto onder mijn kont. Sommigen denken dat ik alleen maar roadtrips doe en niet werk. Maar dat is niet zo. Alleen post ik geen foto's van mezelf aan mijn werktafel: dat boeit niemand.'
'Of ze gaan ervan uit dat ik vijf Lotussen heb. Of dat Lotus me betaalt. Niet, dus. Ik sta niet op de payroll. Lotus is gewoon een - vrij dure - hobby', verzekert ze.

Ze studeerde architectuur in Wenen, waarna ze werkte in Berlijn. Zopas verkaste ze naar München voor een nieuwe job in een architectenbureau. 'Daar neem ik mijn Vespa of gebruik deelauto's, da's handiger in de stad', klinkt het. 'De Elise liet ik achter in Bolzano, voor zijn winterslaap. Toen ik in Madrid studeerde, nam ik hem wel mee. Ik gebruikte hem dan in de weekends. En aan het eind deed ik een roadtrip naar Zuid-Spanje, langs alle kuststeden, en dan helemaal terug tot Zuid-Frankrijk. Het was bloedheet, en een airco heeft mijn Elise niet. Bovendien kreeg ik problemen met de koppeling. Ik kon amper schakelen. Na een week vol ellende geraakte ik eindelijk bij de dealer in Toulouse, rood als een kreeft. Een heel avontuur. De Elise, zeker de S1, is ontdaan van alle comfort. Je ziet af, maar je geniet ervan. Ik hou van die spirit.'

SUV

De verkoop van Lotus - in schijfjes - moest Romano Artioli destijds helpen om de putten bij Bugatti te vullen. Tevergeefs: het faillissement bleek onafwendbaar. Het gros van Artioli's fortuin ging op aan Bugatti, dat uiteindelijk in handen kwam van Volkswagen. Op zijn 85ste leidt Artioli nu CRMT, een bedrijf nabij Lyon dat motoren converteert naar aardgas.

Lotus zelf wist dankzij de Elise en enkele afgeleide modellen te overleven, maar ook niet meer dan dat. Het voortbestaan bleef onzeker. Tot vorig jaar, toen Geely - de Chinese groep die ook eigenaar is van Volvo en 10 procent bezit van Daimler, de fabrikant van Mercedes en Smart - een meerderheidsbelang nam in Lotus en bekendmaakte dat het ruim 1,5 miljard euro in Lotus wil pompen.

Een opluchting voor de fans van het kleine, oer-Engelse karaktermerk. Al valt het te betwijfelen of 'light is right' het adagium blijft. Er is al sprake van een SUV.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content