sabato

Binnenkijken bij een van Belgiës legendarische naoorlogse architecten

Binnenkijken bij architect Lucien-Jacques Baucher in Ukkel ©Annick Vernimmen

Lucien-Jacques Baucher (89) is een van de laatste overlevende legendarische architecten van de generatie die net na de Tweede Wereldoorlog België mee vormgaf.

Na zijn studies aan La Cambre, waar hij les kreeg van Louis Herman De Koninck, werkte hij een tijd voor Eugène Delatte (een ex-medewerker van Henry Van de Velde) en Constantin Brodzki, bekend van het CBR-gebouw in Watermaal-Bosvoorde, waarin nu de co-workingspace Fosbury & Sons huist.

Vroeg in zijn carrière kon hij toparchitect Le Corbusier ontmoeten, wat een diepe indruk naliet. Tussen 1952 en 1963 had Baucher een samenwerkingsverband met het architectenkoppel Odette Filippone en Jean-Pierre Blondel, eveneens afgestudeerd aan La Cambre.

Langs een gang die dienstdoet als exporuimte vol 20ste-eeuwse kunst van onder meer Pol Bury, Leon Wuidar, Jo Delahaut en Bram Bogart kom je binnen in de gelijkvloerse woning.

Nadien liet hij zich in Brussel onder meer opmerken met Résidence Vincennes (1962-1965) en Résidence Val du Roi (1964-1967), twee luxueuze appartementsgebouwen in Elsene, die nog nagenoeg niets van hun originele sfeer hebben verloren.

Baucher woont nog altijd in het huis dat hij voor zijn gezin ontwierp in 1965-1966, in samenwerking met René Sarger. 'Daarvoor woonde ik met mijn vrouw en twee kinderen op een klein appartementje met één slaapkamer. Het derde kind was op komst, dus ik moest me haasten met het ontwerp', vertelt hij.

Het huis ligt goed verscholen op een glooiend terrein aan een privéwegje in Ukkel. Langs een gang die dienstdoet als exporuimte vol 20ste-eeuwse kunst van onder meer Pol Bury, Leon Wuidar, Jo Delahaut en Bram Bogart kom je binnen in de gelijkvloerse woning.

Doordat het huis geen verdiepingen heeft, profiteert elke bad-, slaap- en de woonkamer van natuurlijk licht. 'Tekenen doe ik al lang niet meer. In mijn studio liggen nog mappen vol met plannen en ontwerpschetsen, ook uit de tijd van mijn ouders' bekende interieurzaak Baucher-Feron op de Louizalaan. Ik ben dat nu allemaal aan het archiveren.'

Blikvangers

Het zit in de familie

©Annick Vernimmen

'Voor Expo 58 ontwierp ik mee drie gebouwen. Onder meer het informatiepaviljoen dat op het De Brouckèreplein stond en het selfservice-restaurantpaviljoen voor Marie Thumas, de Franse conservenproducent. Mijn kleinzoon maakte een tekening op basis van een van mijn paviljoenschetsen.'

'De leefruimte is één groot volume met een open plan. De functies zijn alleen opgedeeld door modulaire tweezijdige kasten van Tecno. Mijn ouders hadden vanaf 1934 een bekende interieurzaak, waar ze consulting gaven en de nieuwste designmeubelen verkochten, onder meer van Cassina, Tecno en Arflex. Ze deden ook totaalinrichtingen, onder meer voor de Nationale Bank en de familie Boël. Nagenoeg al mijn meubels komen daarvandaan.'

'We waren erg goed bevriend met de Brusselse keramist Pierre Culot. Omdat hij nooit geld had, kwam hij altijd 'toevallig' op woensdag rond het middaguur langs. Hij wist dat wij dan uitgebreid kookten voor onze kinderen en at dan vaak een hapje mee. Zijn zoon Joseph startte met succes zijn atelier in Roux-Miroir opnieuw op.'

'Met de jaren hebben we een kunstcollectie opgebouwd, die nog deels van mijn ouders komt. Achter mij hangt een werk van Julio González. En doorheen de witte Tecno-kast zie je een blauwige Alechinsky, een kunstenaar die we goed kennen.'

Collectiedrang

©Annick Vernimmen

'Mijn vrouw, die decoratrice en kunstenares is, verzamelt al heel lang glaswerk. We hebben vooral art-nouveauvazen, maar ook art-decostukken en kunstwerken van Borek Šípek.'

'Omdat ik zo weinig mogelijk draagmuren wou - typisch voor een woning met een open plan - is de hele plafondoverspanning gebouwd met een speciaal ontwikkelde structuur van holle houten dozen.'

Bosmens

 

©Annick Vernimmen

'Het huis paalt aan het Verrewinkelbos, dat ooit deel uitmaakte van het Zoniënwoud. Het prachtige stukje natuur van 15 hectare, dat sinds 1990 beschermd landschap is, telt onder meer beuken van twee eeuwen oud.'

Het abstracte rode schilderij van Marthe Wéry - naast het raam - is kort voor haar dood gemaakt.

'Dit is geen huis met een rood, geel en blauw salon. Overal koos ik voor dezelfde materialen op de vloer en de plafonds, zodat de ruimtebeleving niet onderbroken wordt. De tuin, die ik ook ontwierp, is rondom het huis afgeboord met witte keien en ronde waterpartijen.'

Lees verder

Advertentie
Advertentie