sabato

Luca Beel maakt 'limited edition'-bowl met schelpen uit Knokke

Luca Beel is de tweede designer die exclusief voor Sabato tableware ontwerpt. ©Alexander D'Hiet

Speciaal voor Sabato maakte ontwerpster Luca Beel een unieke strandversie van haar fameuze terrazzobowls met - in plaats van marmer of glas - Knokse schelpen. ‘Terrazzo maken is als een cake bakken.’

‘Ken je dat heerlijke gevoel na een dag strand? Doodmoe maar voldaan. Ik herinner me dat nog uit mijn jeugd. Precies dezelfde zalige soort vermoeidheid heb ik nu na een dag werken in mijn atelier.’ We ontmoeten Luca Beel (28) bij haar thuis in Ledeberg. Ze serveert koffie aan de keukentafel terwijl we samen de vijf schalen op de vloer bekijken. Allemaal proeven die ze maakte voor ons.

©Alexander D'Hiet

Beel is de tweede op rij die exclusief voor Sabato tableware ontwerpt. Vorig jaar nodigden we Atelier NL uit om een Knokke-versie te maken van zijn zandglasserie. In aanvulling op dat unieke glaswerk maakt Beel nu grote fruitschalen in terrazzo met schelpen, ook wel granito genoemd.

Vandaag een hip materiaal, maar eigenlijk een 15de-eeuws afvalproduct. Om van hun overschotten en afgekeurde partijen af te raken, strooiden de Italianen kleine brokken marmer en graniet in het natte cement. Zo maakten ze kerkvloeren en terrassen, vandaar de naam. Doordat zo veel mensen erover liepen, sleten ze af en kwam er als grote verrassing een mooi patroon tevoorschijn. Upcycling anno 1400 dus.

Beel was een early adopter - of zelfs een voorloper - van de terrazzohype. Al in 2014 maakte ze het eerste exemplaar van haar schaal. Het jaar ervoor had ze als toegangsproef voor de meubelopleiding in Mechelen een betonnen salontafel op wieltjes gemaakt.

‘Ik vond beton leuk om mee te werken, omdat je er zowel ruwe als gladde oppervlaktes mee kan maken. Dus wilde ik het eens proberen in een object. De schaal was bedoeld als kerstcadeau voor mijn zus Laura. Uit een blok piepschuim lepelde ik zelf een mal waarin ik een mengsel van kiezels en beton goot. Maar de schaal leek eerder op een koeienvlaai’, lacht Beel. Al was haar zus er naar verluidt best blij mee.

‘Ik had een betere mal nodig, zoveel was duidelijk. Gelukkig heb ik een handige schoonvader. Hij is architect (Paul De Mulder van het Brusselse architectenbureau De Bouwerij, nvdr.), maar vooral een problemenoplosser en een superbricoleur. Samen maakten we een nieuwe mal van een oude boiler. Hij sleep daar de bolle boven- en onderkant van, en met een stuk tuinslang verbond hij de twee helften aan elkaar. Dat gaf al een beter resultaat, maar de foutenmarge bleef groot: te veel scheve schalen. Dus liet ik de schaal uittekenen in 3D om een professionele mal te maken.’

Anders dan het klassieke terrazzo met marmer en graniet verwerkt Beel van alles in haar fruitschalen: kiezels, gekleurd glas en zelfs glazen knikkers. ©Alexander D'Hiet

Rottende mossels

Alle schalen - ze noemt ze Luca Bowls - maakt de jonge ontwerpster volledig met de hand in haar atelier in Gent. Anders dan het klassieke terrazzo met marmer en graniet verwerkt Beel van alles in haar fruitschalen: kiezels, gekleurd glas en zelfs glazen knikkers, wat een confetti-effect oplevert.

De meeste van haar schalen maakt ze op bestelling. ‘Iemand die tijdens haar vakantie in Corsica stukjes afgesleten glas had verzameld op het strand vroeg me om daarmee een schaal te maken als reissouvenir. Een andere keer verwerkte ik een geërfd glazen servies. Je kan echt herinneringen in terrazzo steken.’

Toen Sabato Beel belde met de vraag of ze een schelpenversie wilde maken, moest ze niet lang nadenken. ‘Schelpen stonden al lang boven aan mijn lijstje om eens uit te testen. Maar het was er nog niet van gekomen. Dit was de ideale aanleiding.’

©Alexander D'Hiet

Een tijd geleden kon je Beel dus spotten op de stranden van Knokke. Een zeef in de hand en blik op de grond. ‘Mijn materiaal sourcen was zeker geen straf. Schelpen rapen vind ik heerlijk. Op voorhand waarschuwden vrienden me dat je in Knokke niet veel schelpen vindt, maar daar heb ik niks van gemerkt. Ik heb - als het op schelpen rapen aankomt - dan ook een geoefend oog. Als tiener ging ik soms met een vriendin haaientanden zoeken in Cadzand en kwamen we nooit met lege handen naar huis.’

Terug in haar atelier begon het echte werk: de schelpen wassen. ‘Al het zeezout en zand moesten eraf. En aan de mosselschelpen mocht zeker niks meer van het diertje hangen. Anders rot dat ín de schaal. Dat is dus een voor een schrobben. Monnikenwerk, maar dat is echt mijn ding.’

Daarna sloeg ze aan het experimenteren met verschillende mengsels van schelpen, vulsteentjes, kleuren en pigmenten. Ze pakt een van de schalen van de grond. ‘Kijk, deze is gemaakt met mossels, zwarte steentjes en donker beton. En die met drie verschillende kleuren zaagjes, oftewel ‘couteaukes’. In de basis verwerkte ik groen en blauw pigment voor extra zeegevoel’, legt Beel uit.

Dit keer raapte ze alle schelpen op het strand, maar in de toekomst wil ze mosselschelpen ophalen bij restaurants. ‘Omdat het een afvalproduct is waar ze moeilijk weg mee kunnen. Zo kan ik een steentje bijdragen. Ecologie vind ik belangrijk. Vroeger maakte ik mijn mallen en gietmateriaal schoon onder de kraan. In mijn nieuwe atelier heb ik geen stromend water meer, dus poets ik met dezelfde emmer water. Het vuil bezinkt en zo is het weer bruikbaar.’

©Alexander D'Hiet

Onvoorspelbaar

Van elke schaal noteert Beel het recept in een notitieboekje, zegt ze terwijl ze er eentje voorleest. 27 mei: 2 kilo kapotte schelpen, gele, witte en roze, 4 kilo zwarte, witte en blauwe vulsteentjes, 1 liter water, zand, cement. ‘Omdat ik schrik had dat het kitscherig zou worden, werkte ik met kapotte schelpen in plaats van hele. In het begin was het nog wat zoeken naar de juiste verhouding tussen schelpen, stenen en beton. Eigenlijk is terrazzo een beetje zoals een cake bakken: hoeveel chocolade doe je erin om te zorgen dat je hem voldoende proeft, zonder dat de textuur verandert.’

‘Ik heb al eens een geërfd glazen servies in mijn schalen verwerkt. Je kan echt herinneringen in terrazzo steken.’

Het betonmengsel giet ze via een klein gaatje onder in de mal die op een triltafel staat. Door het schudden geraken de steentjes - of de schelpjes - en het beton verspreid tot in de verste uithoeken. Maar dat maakt het proces ook onvoorspelbaar. ‘Je weet nooit op voorhand hoe de schaal er zal uitzien. Dat ontdek ik pas bij het polijsten’, zegt Beel.

Dat deed ze jarenlang zelf. Maar nu besteedt ze die klus uit aan Betesco, een Waregems bedrijf dat betonnen trappen op maat maakt. ‘Zij schuren nat. Terwijl ik alleen materiaal heb om droog te schuren, wat erg ongezond is. Bovendien is het polijsten erg tijdsintensief. Aan één schaal was ik vier uur bezig en vaak was ik niet tevreden over het resultaat. Dat is nu allemaal opgelost. Elke keer als ik er schalen ga ophalen, is het alsof ik cadeautjes oppik.’

Dit keer raapte Luca Beel, de dochter van architect Stéphane, alle schelpen op het strand. Maar ze wil in de toekomst graag ook mosselschelpen ophalen bij restaurants. ‘Ecologie vind ik heel belangrijk.’ ©Alexander D'Hiet

Op foto valt het niet meteen op, maar de bowls zijn behoorlijk groot: bijna 50 cm doorsnee. De vorm heeft Beel zo ontworpen dat de schaal sterk genoeg is van zichzelf en geen wapening nodig heeft. Ze maakt haar schalen van beton, dat vanzelfsprekend zwaar is. Tel daar de stenen, het glas of de schelpen bij op en je krijgt een zwaargewicht: haar kloeke bowls wegen 11 kilo per stuk. Een contrast met haar eigen frêle verschijning: tenger, blonde krullen en staal- - euh - zeeblauwe ogen.

Identiteitscrisis

Architectuur behoort tot Beels dagelijks leven. Haar vader is de bekende architect Stéphane Beel, die onlangs nog het Afrikamuseum in Tervuren verbouwde. Haar vriend is architect, net als haar zus. En zelf werkt ze niet alleen als ontwerpster, maar ook als architectuurfotograaf. In haar klantenbestand zitten behalve haar vader grote namen als Bel Architects, dmvA en ‘t Huis van Oordeghem.

Terrazzo is eigenlijk een afvalproduct, ontstaan in het Italië van de 15de eeuw.

Die carrière ontstond heel spontaan. ‘Ik heb me nooit afgevraagd of ik architectuurfotografe wilde worden. Ik ben er gewoon in gerold. Tijdens mijn studies vroeg mijn zus of ik wat projecten wilde fotograferen voor haar toenmalige werkgever, 360 architecten. Toen mijn vader die foto’s zag, mocht ik ook voor zijn boek enkele beelden maken. En via die weg kwam ik op de radar van Bel Architects’, doet Beel uit de doeken.

‘Natuurlijk heb ik door mijn opvoeding affiniteit met architectuur. Ik vind het ook heel inspirerend om rond te lopen in die gebouwen. Tijdens mijn studies fotografie had ik last van zelftwijfel, een kleine identiteitscrisis. Mezelf bestempelen als kunstenaar wilde ik niet. Maar een documentairefotograaf zat ook niet in mij. Bovendien zijn er al zo veel goede fotografen, wat had ik daar nog aan toe te voegen?’

‘Ik miste het functionele aspect en ook het tastbare eindresultaat. Ik wilde echt dingen creëren. Daarom schreef ik me na het KASK in voor meubelontwerp aan Thomas More in Mechelen. Ik nam even afstand van fotografie. Daardoor kreeg ik er weer zin in.

Vooral als ik reis, fotografeer ik veel. Zo werk ik nu aan verscheidene vrije reeksen, bijvoorbeeld een over skiërs en over beton. Voor die laatste ga ik naar plaatsen waar de verschillende componenten van beton vandaan komen. Bijvoorbeeld naar een ondergrondse mijn in Noorwegen en een kalkontginning in Denemarken, maar ook naar Carrara. De reeks wordt een mix van landschappen en abstracte beelden.’

Zeven weken zee

©Alexander D'Hiet

Hoe aanwezig architectuur ook is, haar lievelingsvakantie is geen architectuurtrip. ‘De perfecte vakantie is er een vlak bij zee. Als kind ging ik met mijn moeder en meter naar de kust en sindsdien ben ik megafan.

Sinds mijn 15de doe ik aan golfsurfen en als vakantiejob trok ik elke zomervakantie zeven weken naar de Franse of Spaanse kust. Daar was ik fotograaf op surfkampen. Ik kwam met een pak minder geld naar huis dan wanneer ik zeven weken in een fabriek zou werken. Maar mijn tijd aan zee was me zoveel meer waard.’

Deze zomer trekt ze naar Sicilië en daar horen ook wat dagen strand bij. ‘Ik verheug me nu al op de middagen schelpen rapen en stenen zoeken. Helaas gaan we met het vliegtuig, waardoor de laatste vakantiedag pijnlijk zal zijn: welke stenen neem ik mee en welke blijven hier?’

Aan de Belgische kust vind je Beel meestal in Oostende of Knokke. ‘Als je Knokke binnenrijdt via Retranchement: dat is echt prachtig. Helaas is mijn vriend Max niet zot van de zee. Hij haat het zand dat overal tussen kruipt. Toen we laatst samen aan het strand waren, zei hij: ik zou nooit aan de kust willen wonen. Geef mij maar een huisje in de Ardennen. Nu hou ik ook best van de bossen, maar als ik zou mogen kiezen, wordt het 100 procent de zee. De zee is altijd mooi, ongeacht het weer of het seizoen.’

Het Knokke-gevoel bij uw thuis

Bestel de speciaal voor Sabato gemaakte Knokke-bowl op orlanda.store/sabato

Levering 12 weken na bestelling. Bestellen kan tot 31/08/2019.

Dit artikel verschijnt in onze Knokke Special op zaterdag 22 juni.

 

 

Lees verder

Advertentie
Advertentie