sabato

Het Bangkok aan de Noordzee van chef Dokkoon Kapueak

©Alexander D'Hiet

Proef van haar traditionele Pad Thai en je bént in Thailand. Boo Raan sterrenchef Dokkoon Kapueak leerde als tienjarig kind op het Thaise platteland koken van haar oma.

Toen ik die ster kreeg, heb ik van de stress twee nachten geen oog dicht gedaan. We zijn nu eenmaal anders dan het gemiddelde Belgische sterrenrestaurant. Bij ons komen alle gerechten samen op tafel, als een sharingmenu. Misschien moest ik de gerechten toch in gangen serveren? Duurdere ingrediënten gebruiken? Mooier bestek op tafel leggen?'

‘Ik kreeg die ster voor wat ik nú doe. Dat besef geeft me rust. Ik blijf trouw aan mijn keuken.’
Dokkoon Kapueak
Boo Raan sterrenchef

'Ik was bang voor nieuwe klanten, die misschien met bepaalde verwachtingen naar het restaurant zouden komen. Was ik wel sterwaardig? Ik vroeg advies aan andere sterrenchefs en gelukkig drukten ze me op het hart dat ik helemaal niets moest veranderen. Ik kreeg die ster voor wat ik nú doe. Dat besef geeft me rust. Misschien passen we de komende maanden wat details aan, maar ik blijf trouw aan mijn keuken.’

Dokkoon Kapueak is vijf jaar chef van het Thaise restaurant Boo Raan in Knokke. Het witte vest met de Michelinster zit haar als gegoten. ©Alexander D'Hiet

‘Wie zou het zijn?’

©Alexander D'Hiet

Flashback naar 11 januari 2021, de dag waarop de Michelinsterren worden uitgereikt. Normaal gezien is dit een bruisende liveshow met publiek, maar door corona verloopt de ceremonie dit jaar online. Dokkoon Kapueak, al vijf jaar chef van een Thais restaurant in Knokke, is blij met de link die ze van de organisatie heeft gekregen. Ze wil graag weten wie van haar culinaire vrienden zal worden beloond met een ster. De uitzending duurt lang, dus houdt ze in de tussentijd ook een zakelijke bespreking.

Na een tijdje valt haar oog weer op het beeld: ‘Ha, er is iemand uit Knokke genomineerd. Wie zou het zijn?’ Dan verschijnen twee woorden op het scherm die haar letterlijk van haar stoel doen vallen: Boo Raan. Haar restaurant heeft zijn eerste ster binnen. En ineens verschijnt ze in het groot op het scherm.

► Ontdek onze speciale Knokke-la-Route format

©Sabato

Een decennium geleden ruilde Dokkoon Kapueak Thailand voor België om hier in het massagesalon van haar tante te werken. Ze leerde er de persoon kennen die haar introduceerde in de Belgische culinaire scene. Wat volgde, is een klassiek voorbeeld van ‘rags to riches’: opgegroeid in armoede en nu opgenomen in het elitaire gezelschap van bekroonde chefs. Een verhaal waar Dokkoon (kortweg ‘Koon’) Kapueak zelf een bloedhekel aan heeft. ‘Als ik in een interview nog één keer moet lezen over mijn zielige afkomst, ga ik over mijn nek’. In mijn hoofd schrap ik meteen de helft van mijn vragenlijst.

Boo Raan importeert wekelijks nog voor 1000 euro kruiden en groenten uit Thailand, het restaurant probeert nu een lokale piste uit. ©Alexander D'Hiet

Lokaal

Plaats van het interview is Het Polderveld, een biologische zelfplukboerderij in een deelgemeente van Knokke. Hier worden sinds kort speciaal voor Kapueak moeilijk verkrijgbare kruiden gekweekt, zoals korianderwortel en Thaise basilicum. Boo Raan importeert wekelijks voor 1000 euro kruiden en groenten uit Thailand. Logisch dat het restaurant een lokale piste uitprobeert.

‘Ik gebruik alle technieken die ik thuis heb geleerd. Ik serveer een samenvatting van wat er in de verschillende Thaise streken wordt gegeten.’
Dokkoon Kapueak
Boo Raan sterrenchef

De zon staat hoog en is fel. Kapueak begroet me met een nauwelijks waarneembare glimlach. Haar lange haar nonchalant in een hoge paardenstaart. Met de gitzwarte zonnebril, minijurk en kakigroene regenlaarzen heeft Kapueak niet meteen de looks van een doorsnee Michelinchef. Ze tokkelt afwezig op haar smartphone, terwijl de fotograaf een geschikte locatie zoekt voor een portret. Zakenpartner Patrick De Langhe, die het commerciële luik van het restaurant voor zijn rekening neemt, glimlacht vergoelijkend.

‘Sinds we die Michelinster hebben, werd ze continu geïnterviewd, terwijl ze natuurlijk ook zeven maanden aan een stuk takeawaymaaltijden heeft gekookt met haar team. Daarnaast werken we aan een kookboek, dat veel tijd in beslag neemt. Je begrijpt dat het niet evident is om dan je ene vrije dag systematisch op te offeren aan mijn gekke ideeën en initiatieven. Ze is moe. Het is tijd voor een welverdiende vakantie.’

©Kris Jacobs

Papajasalade

We wandelen langs de peultjes en de paksoi. Ik vraag Kapueak waar ze op dit moment zou willen zijn. ‘Nu?’ Ja, nu. ‘Oh, ik denk op mijn terras boven het restaurant, lekker chillen. Daar ben ik het liefst, zeker na een drukke werkweek. Of met wat vriendinnen op het strand. Ik heb zowel Belgische als Thaise vriendinnen, die goed met elkaar overeenkomen. Als we samen zijn, maken we papajasalade, een gerecht dat we allemaal graag eten. Mijn leven is eigenlijk heel eenvoudig, er hoeven geen spectaculaire dingen te gebeuren.’

‘Als ik in een interview nog één keer moet lezen over mijn zielige afkomst, ga ik over mijn nek.’
Dokkoon Kapueak
Boo Raan sterrenchef

Kapueak woont inmiddels langer dan tien jaar in Knokke, een heel ander decor dan het tropische landschap waarin ze opgroeide. ‘Ik kwam hier aan in de winter. Alles was nieuw, vooral de kou: ik was gewend aan 38 °C. Heel belangrijk is dat ik me veilig voel in Knokke, zeker als je het vergelijkt met een stad als Brussel, waar ik nooit gerust ben op straat. Het is hier ook mooi en netjes, vooral de huizen en de auto’s. Uiteraard mis ik Thailand af en toe. Het is inmiddels twee jaar geleden dat ik mijn moeder heb kunnen zien. Normaal ga ik elk jaar naar mijn familie, maar dat is nu onmogelijk met de quarantaineregels.’

Kikkers uit de sloot

Kapueak belandde in België via tante Nid, de zus van haar vader. Zij was getrouwd met een Belg en had in Knokke een massagesalon. Nid stelde Kapueak voor om een maand bij haar te komen werken. Misschien was het leven in België iets voor haar en kon ze zo ook beter voor haar familie zorgen. Kapueak, die als kind leefde op een dieet van ‘sticky rice’ en kikkers uit de sloot, hoefde geen twee keer na te denken. ‘In Thailand is het normaal dat je voor je familie zorgt, we hebben alleen elkaar. Er is geen ander vangnet. Als kind was ik vaak alleen, mijn ouders moesten keihard werken. Ik ben opgevoed door mijn grootmoeder. Mijn tante was wel extreem streng en beschermde me enorm, ik mocht in het begin zelfs niet alleen weg. Dat was niet verkeerd, voor mij is dat normaal. Ze wilde alleen het beste voor mij. Vorig jaar is mijn tante weer in Thailand gaan wonen.’

©Alexander D'Hiet

Kapueak werkte al enkele jaren in het massagesalon, toen een van haar vaste klanten vroeg om een takeawaymaaltijd voor hem te koken. Dat was Patrick De Langhe, toevallig ondernemer in de evenementensector. Voor Kapueak was het een makkie: als tienjarige kon ze al een volledige maaltijd bereiden, dat had ze geleerd van haar grootmoeder.

De Langhe was zo onder de indruk van haar uitgebalanceerde gerechtjes, dat hij haar uitnodigde om te koken op een beurs. Hun kraam bleek zo succesvol, dat ze nadien gingen samenwerken voor cateringopdrachten. Kapueak leerde De Langhe zelfs Thais koken. Daaruit volgde uiteindelijk Boo Raan.

Té pikant

Die eerste maanden stond De Langhe bij haar in de keuken, vandaag staat er een brigade van Thaise meisjes. Letterlijk betekent de naam van hun restaurant ‘volgens de traditie’. Ik vraag me af of het écht zo is: eet bijvoorbeeld haar eigen familie dezelfde gerechten die zij hier serveert? We zijn inmiddels aangekomen in het restaurant. Kapueak heeft zich in kokstenue gehesen en zet haar haar vast in een dot.

‘We zijn nu eenmaal anders dan het gemiddelde Belgische sterrenrestaurant. Bij ons komen alle gerechten samen op tafel, als een sharingmenu.’
Dokkoon Kapueak
Boo Raan sterrenchef

Ze denkt even na. ‘De keuken op het noordelijke Thaise platteland is veel soberder, maar ik gebruik wel alle technieken die ik thuis heb geleerd. Wat ik hier serveer, is een beetje een samenvatting van wat er in verschillende Thaise streken wordt gegeten. Uiteraard heb ik de dosering van de specerijen moeten aanpassen aan de westerse smaak. In Thailand zelf gebruiken ze veel meer chilipepers en garnalenpasta.’ Ik vind het een beetje jammer dat de smaken ‘softer’ zijn, maar De Langhe vertelt dat zelfs Kapueak, na al die jaren in België, de hoeveelheid chilipepers in de lokale Thaise keuken inmiddels ook te pikant vindt. ‘Je moet daarmee opgroeien en het een beetje onderhouden, anders is het onmogelijk om van zo’n gerecht te genieten.’

Dokkoon Kapueak is een klassiek voorbeeld van ‘rags to riches’: opgegroeid in armoede en nu opgenomen in het gezelschap van bekroonde chefs. ©Alexander D'Hiet

150 eendeneieren

De Langhe ging zakelijk met Kapueak in zee wegens haar uitzonderlijke kooktalent. Hij wilde haar graag begeleiden en een kans geven om te groeien. Hij beklemtoont dat het succes zeker niet vanzelf is gekomen en dat Kapueak een ijzeren werkdiscipline heeft. ‘Ik weet dat ze het er niet meer over wil hebben, maar de verhalen over vroeger zijn echt schrijnend. Ze hadden daar niets, zelfs geen elektriciteit. Ze stuurt nog steeds geld op naar haar familie. Dat heeft ze altijd gedaan, ook toen ze zelf amper geld had. Het begint gelukkig ook te renderen. Onlangs kocht ze een heel aantal eenden voor haar moeder: ze leggen dagelijks tot wel 150 eieren die op de markt verkocht kunnen worden. Dat is toch prachtig? Ze heeft ervoor gezorgd dat haar mama op eigen benen kan staan. Jammer genoeg is haar vader enkele jaren geleden gestorven.’

Sergio Herman

©Alexander D'Hiet

Kapueak moest van nul leren hoe je kookt in een restaurant. Dat is helemaal anders dan thuis een potje klaarmaken voor het gezin. Hoe ga je bijvoorbeeld om met verschillende bestellingen die tegelijk binnenkomen in de keuken? Hoe organiseer je de voorraad? Hiervoor werd ze gecoacht door sterrenchef Christophe Van den Berge (Jardin).

In geen tijd werd Boo Raan een bedevaartsoord voor andere chefs, die verrukt waren over de fantastische smaken. De Langhe herinnert zich nog goed hoe het begon. ‘Na één lovende recensie waren we vertrokken. Al heel snel kwam Sergio Herman eten met zijn gezin. Hij zat aan een tafeltje met uitzicht op de keuken. Alles wat hij bestelde, heb ik minstens twee keer opnieuw gemaakt voordat ik het durfde te serveren. Toen ik nadien aan zijn tafel kwam en hij me een hand gaf, waren mijn handen helemaal klam van het angstzweet.’

Vandaag voelt Kapueak zich een stuk meer op haar gemak. Terwijl ze voor mij een authentieke Pad Thai bereidt, observeer ik haar van een afstand. Ernstig en zelfverzekerd snijdt ze de ingrediënten, die sissend in de wok belanden. Het aroma is bedwelmend. Deze chef ‘staat’ er. Het witte vest met geborduurde Michelinster zit haar als gegoten. Haar zelfvertrouwen is langzaam gegroeid. ‘Wist je trouwens dat ik, voor ik naar België kwam, kapster was in Bangkok? Ik realiseerde me onlangs dat ik als chef eigenlijk nog steeds hetzelfde doe als toen: elke dag nieuwe mensen ontmoeten en ervoor zorgen dat ze gelukkig naar huis gaan.’ En die Pad Thai? Ga vooral zelf proeven.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie