sabato

Belgisch brons op de Biënnale van Venetië

Van Geert laat de enorme kom kantelen, waarna een straal kokend brons recht in de opening blubbert. De gemiddelde temperatuur waarop het brons staat te pruttelen, is 1.200 °C. ©Karel Duerinckx

Afgelopen weekend opende de Biënnale van Venetië. Ook buiten het nationaal paviljoen kleurt de kunstexpo Belgisch. We troffen landgenoot Jo Van Geert live in volle voorbereiding.

Als we de deur van Jo Van Geerts bronsgieterij in Aalst openduwen, botsen we bijna tegen twee monumentale bronzen boomtakken. Elk naar schatting 4 meter hoog, in blinkend brons. Het is geen werk van de Italiaanse kunstenaar Giuseppe Penone, wel enkele onderdelen van Koen Vanmechelens enorme installatie 'Protected Paradise'. Die is vanaf dit weekend aan het Canal Grande te zien. Meer bepaald in de tuin van Palazzo Franchetti, op een triple A-locatie. 'Iedereen die in Venetië komt voor de Biënnale, passeert het beeld', zegt bronsgieter Van Geert. 'Het is een eer om de sculptuur te mogen maken voor Koen.'

Wie? Bronsgieter Jo Van Geert.
Wat? Produceerde in zijn Aalsterse bronsgieterij enkele onderdelen voor het 12 meter hoge kunstwerk 'Protected Paradise' van Koen Vanmechelen.
Waar? Het beeld komt in de tuin van het Palazzo Franchetti aan het Canal Grande, tegenover de Accademia.
U moet dit zien, want het is de grootste installatie die een Belgische kunstenaar dit jaar op Venetië zal tonen.

 

Het 12 meter hoge beeld bestaat uit twee bronzen bomen rond een centrale kooi waarin onderaan een ei uit massief carraramarmer van 12 ton zit. De marmerblok van 32 ton waaruit het gebeiteld is, komt uit de Italiaanse groeve waar ook Michelangelo kwam kiezen. Boven aan de kooi, gemaakt van plastic, komt een bronzen kippenpoot van 4 meter hoog en 700 kilogram, plus een ei in polyester. 'Koen Vanmechelen bezorgde me de ontwerpschets van zijn werk. Om die technisch mogelijk te maken, zijn ingenieurs van de firma De Nul ingeschakeld. Koens tekening resulteerde in een berekeningsdossier van 30 bladzijden. Het beeld staat buiten en moet dus tegen weer en wind bestand zijn. Daarom ontwierpen de ingenieurs voor het beeld een skelet van inox buizen, omwille van de stevigheid.'

©Karel Duerinckx

Slakken is een werkwoord
Al sinds eind december 2016 is Jo Van Geert bezig met het monumentale beeld. Het is veruit zijn grootste opdracht én zijn meest stresserende ooit. 'Omdat het voor Venetië is, natuurlijk. Maar ook omdat de deadline zo strak is. En omdat het beeld, door de grootte, in verschillende stukken gemaakt moet worden. Die moeten allemaal perfect op elkaar aansluiten, anders kunnen we opnieuw beginnen. Al die onderdelen moeten we eerst assembleren, om ze daarna weer open te slijpen, zodat de inox structuur erin kan.'

'Vervolgens is er nog het speciaal transport naar Venetië, over het Canal Grande naar het Palazzo. Daar komen alle onderdelen samen en staat een kraan van 300 ton klaar om alles op de juiste plaats te heffen. Daarna kan ik de onderdelen weer aan elkaar lassen.'

Intussen zien we links in het atelier Van Geerts medewerker bij de smeltkroes de temperatuur opmeten: 600 kilo brons staat te pruttelen tot 1.200 °C. De vlam slaat groen uit, de metaallegering geeft een oranje gloed op het gezicht van de bronsgieter. 'Eerst even slakken, vooraleer we kunnen gieten', roept Van Geert. Slakken is geen meervoudig weekdier, maar een werkwoord, zo blijkt. Zijn medewerker schept de onzuiverheden uit de gigantische kom. En dan is het showtime.

De atelierdeuren gaan dicht om rondwaaiend stof te vermijden, de temperatuur stijgt meteen. De roodgloeiende legering van 90 procent koper en 10 procent tin komt in beweging met een hef-arm. 'Normaal hebben we een kleinere kroes van 150 kilo, maar voor deze opdracht moeten we heel grote stukken gieten.'

Welke vormen Van Geert precies giet, kan je eigenlijk niet zien. In de gietput staan zeven grote cilinders in vuurvast materiaal met een gietgat bovenin. Rondom de cilinders zit een ijzeren spanband. 'Aan de binnenkant is de sculptuur uitgespaard met de verlorenwastechniek. Als het brons in het gietgat vloeit, vult het beeld zich', zegt Van Geert.

©Karel Duerinckx

Een medewerkster bedient de kraan van de smeltkroes. Een andere bronsgieter haalt de deksels van de cilinders. Van Geert laat de enorme kom kantelen en een straal kokend brons blubbert recht in het gat. Perfect gemikt in de kleine opening, zodat er bijna niets morst: absoluut niet evident met zo'n zware kroes. De zeven gietcilinders vult Jo Van Geert een voor een, tot de kom brons leeg is. Op elke gietvorm staat een code. Daaraan leest Van Geert af hoeveel was, hoeveel ontluchtingen en hoeveel brons in het beeld zitten. 'Dat bepaalt de volgorde van gieten. Dikke stukken giet je het best met iets 'kouder' brons', weet hij.

Om de schets van Koen Vanmechelen uit te werken, was een 30 pagina's dik dossier van De Nul nodig.

Archeologie van de toekomst
Het cruciale werk zit erop. Van Geert is duidelijk opgelucht, niks is misgelopen. 'Ik heb 35 jaar ervaring, maar brons gieten volgens de verlorenwastechniek is absoluut geen exacte wetenschap', zegt hij. 'De kunstenaar levert eerst een beeld in gips of klei. Of in het geval van Koen Vanmechelen: een schets. Op basis daarvan werden de kippenpoot en de takken gesneden uit een blok piepschuim. Van die vorm maken wij een negatiefmal in silicone. Die mal gieten we positief af in was. Het resultaat: een wassen versie van het beeld, aangevuld met gietkanalen. Langs die gietboom stroomt het brons tot in alle hoeken en kan de lucht gemakkelijk ontsnappen. Rond dat wassen beeld plaatsen we een bekisting in vuurvast materiaal: een mengeling van gips, porfier en chamotte. Die cilindervorm bakken we veertien dagen lang op 600 °C. De was loopt er geleidelijk uit, maar de vorm errond hardt uit. In die negatieve vorm kap ik uiteindelijk het brons van 1.200 °C.'

De gegoten beelden moeten eerst buiten afkoelen. En na een dag worden de cilinders kapotgeslagen met een voorhamer. 'Dat is een zalig moment. Precies archeologie: je bevrijdt een beeld uit een steen. En dan rest ons nog de gietkanalen af te slijpen en het beeld af te werken naar wens: blinkend, ruw of gepatineerd. De techniek om bronzen beelden te maken is eigenlijk ook een soort archeologie: in 3.000 jaar is die amper geëvolueerd. Denk de elektriciteit en het aardgas weg en de oude Babyloniërs of Oude Grieken kunnen zo aan de slag in Aalst.'

Al sinds eind 2016 is Jo Van Geert in zijn bronsgieterij in Aalst bezig met de onderdelen van Koen Vanmechelens enorme kunstinstallatie 'Protected Paradise', vanaf dit weekend te zien in de tuin van het Palazzo Franchetti in Venetië. ©Karel Duerinckx

Brad Pitt
Jo Van Geert bouwde de voorbije decennia een internationale reputatie uit als bronsgieter. Hij volgde academie, maar leerde de bronsstiel bij zijn buurman Bert Gheysels, die een kleine gieterij had in Erembodegem. Omdat hij zo gefascineerd was door vuur en metaal ging hij er geregeld meehelpen. Onder meer beelden van Roel D'Haese en George Grard werden er gegoten. Dertig jaar geleden bouwde Van Geert thuis een 'backyard foundry'. Daar was zijn eerste grote opdracht een beeld voor de stad Aalst van Ronald De Winter: een standbeeld van Koning Boudewijn. De opdrachten namen toe, en hij wierf zijn eerste personeelsleden aan.

Het maken van bronzen beelden is in 3.000 jaar amper geëvolueerd. Denk de elektriciteit en het aardgas weg en de Babyloniërs of Oude Grieken kunnen hier zo aan de slag.

Twintig jaar geleden richtte hij een professionele bronsgieterij op in Aalst. Al snel kreeg hij opdrachten van Thomas Houseago, nu een superster in Los Angeles en de privéleraar sculptuur van Brad Pitt. Toen was Houseago nog een arme kunstenaar die de eindjes moeilijk aan elkaar kreeg. Vandaag werkt Van Geert voor enkele Belgische toppers als Thomas Lerooy, Peter Rogiers, Sofie Muller, Eric Croes, Douglas Eynon en Wilfried Pas en ook Koen Vanmechelen. Als we rondkijken in het atelier, herkennen we inderdaad wassen onderdelen van hun sculpturen. Van Geert en zijn zeven medewerkers zijn uitvoerders van hun ideeën. Zij vertalen de zotte kronkels van een kunstenaar in een bronzen beeld. 'Kunstenaars mogen zich niet laten beperken door technische moeilijkheden. Ze moeten vrij denken. Het is aan ons om hun gedachten te concretiseren.'

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie