Advertentie
Advertentie
sabato

Zijn de meubels van het Salone del Mobile gered?

Dat de designweek van Milaan na twee afgelaste edities in april in 2020 en 2021 dit jaar alsnog kan plaatsvinden, is een absolute triomf voor de stad. ©Salone del Mobile

Tweeënhalf jaar na de vorige editie opende het belangrijkste interieurevenement ter wereld, het Salone del Mobile, deze week opnieuw de deuren in Milaan. De grootste designbeurs kreeg een nieuwe vorm, een nieuw beleid én een nieuwe naam: Supersalone. Maar hoe super is dat Salone dan?

È così bello rivederti! (het is zo fijn om je terug te zien!). Dat de designweek van Milaan na twee afgelaste edities in april in 2020 en 2021 dit jaar alsnog kan plaatsvinden, is een absolute triomf voor de stad. Die designweek omvat niet alleen de meubelbeurs Salone del Mobile, maar ook een hele reeks installaties, presentaties en evenementen in de binnenstad die verzameld worden onder de naam FuoriSalone. We mogen niet vergeten dat deze regio van Italië een van de zwaarst getroffen gebieden was tijdens de eerste Europese coronagolf.

Zeggen dat er momenteel een optimistisch sfeertje hangt in de stad is een understatement. ©Salone del Mobile

Zeggen dat er momenteel een optimistisch sfeertje hangt in de stad is dan ook een understatement. En er is nog meer goed nieuws. De interieurbusiness boomt vandaag als nooit tevoren. Budgetten voor reizen en restaurants werden massaal in het eigen huis geïnvesteerd. Heel wat bedrijven fluisteren ons toe absolute records te breken in de verkoop.

QR-codes

Toch is het allesbehalve business as usual. De beurs, die na het officiële uitstel afgelopen april snel in mekaar gestoken moest worden, kreeg een zwaar afgeslankte vorm. In vier hallen verzamelen op dit moment 423 exposanten. Voor wie dat toch niet klinkt als een klein evenement: in 2019 waren die exposanten nog met 2418. Ook qua bezoekersaantal zal het Salone dit jaar bijlange niet op de bijna 400.000 van twee jaar geleden afkloppen, niet het minst omdat er vanuit Azië, het Midden-Oosten en de Verenigde Staten nagenoeg niemand de oversteek heeft gemaakt.

©Matteo Imbriani

Daarom werd ook beslist dat het grote publiek vanaf dag één welkom is op het Salone, andere jaren is dat alleen tijdens het laatste weekend zo. Om dat publiek een extra reden te geven om de beurs te bezoeken, krijgen nagenoeg alle meubels een QR-code die rechtstreeks leidt naar een onlineverkooppunt.

Die QR-codes zijn bevestigd op kleine houten blokjes, want de kleinere stands van dit ‘Supersalone’ zijn volledig recycleerbaar en worden volgende week minutieus ontmanteld. Ook dat is nieuw, na jaren van gigantische beursstands die als volwaardige huizen werden neergezet om een week later weer te worden afgebroken. En waarvoor het dringen was tussen de bezoekersmassa om überhaupt iets te kunnen zien.

Selfie met Marcel Wanders

Ook de bomen die dit jaar in de gangen prijken, krijgen straks een nieuw leven in de binnenstad, waar ze door de organisatie Forestami vakkundig zullen worden overgeplant. Allemaal kleine initiatieven die toch aantonen dat de gigantische mastodont die het Salone del Mobile geworden was in een duurzame tijdgeest niet langer houdbaar is.

Duurzaamheid is ook de rode draad doorheen de expo ‘The Lost Graduation’ die naast de beursstands plaatsvindt. Hier krijgen eindwerken die door de coronacrisis nooit echt getoond konden worden eindelijk het platform dat ze verdienen. Zoals Simon Gehring, die via een algoritme berekent hoe hij elk kleinste stukje hout kan gebruiken in het meubilair dat hij maakt, zodat er nagenoeg geen afval overblijft. Een student aan de designacademie van Stuttgart die hoopt dat ook de grote producenten op die manier zullen gaan werken.

Molteni&C bootst het interieur van een vliegtuig na, en bij Natuzzi prijken kunststofversies van de designers met wie ze samenwerken. ©Diego Ravier

Van die grote producenten zijn er toch heel wat aanwezig op het Supersalone, de naam die deze aparte editie meekreeg. Vooral Italiaanse toplabels zoals Molteni&C, Kartell en Natuzzi weten met de beperkte ruimte die ze meekregen indrukwekkende installaties uit de mouw te toveren. Molteni&C bootst zelfs het interieur van een vliegtuig na, en bij Natuzzi prijken kunststofversies van de designers met wie ze samenwerken. Ideaal voor wie altijd al droomde van een selfie met Marcel Wanders.

Heropleving van de showroom

Wie een beetje thuis is in de wereld van design en interieur merkt meteen enkele grote afwezigen op daar in de beurshallen. Internationale pioniers als Vitra, Hay of Roche Bobois bijvoorbeeld beslisten niet deel te nemen aan deze ‘lastminuteminibeurs’, net als Belgische labels die andere jaren wel van de partij zijn, zoals Indera, Tribù en Extremis. Al is in de wandelgangen te horen dat de meesten van hen in april 2022 wél opnieuw aan het designcircus willen deelnemen.

Heel wat merken die de beurs naast zich neerlegden, hebben hun aandacht volop gericht op de showrooms in de binnenstad. Design Holding, de investeringsgroep boven merken als B&B Italia, Flos en Louis Poulsen, grijpt de designweek zelfs aan om een gigantische nieuwe showroom ‘D-Design’ te openen waar de drie labels samenkomen.

©Matteo Imbriani

Luxelabels als Hermès en Dior pakken met poëtische installaties uit, terwijl Alcova, een platform voor opkomend designtalent, kiest voor het historische decor van het voormalige militair hospitaal van Milaan om meubels en accessoires te presenteren.

Prijsverhogingen onafwendbaar

Wat meteen duidelijk wordt na enkele dagen Milaan is de absolute goesting in kleur. Het is tijd voor wat optimisme en blijheid, en dat trekt zich door in de uitvoeringen van sofa’s, stoelen en tafels. De collectie van Baxter bijvoorbeeld zit verhuld in een zweem van paars en bruin. Bruin inderdaad, want ook aan de jaren 1970 is nu definitief geen ontkomen meer aan. De lage Togo-achtige sofa’s schieten bij zowat alle grote designlabels als paddenstoelen uit de grond, net als de witte bouclé stoffen die in de seventies al eens furore maakten.

Het is tijd voor wat optimisme en blijheid, en dat trekt zich door in de uitvoeringen van sofa’s, stoelen en tafels. ©Matteo Imbriani

Al is het met de stoffen niet zo goed gesteld vandaag. Heel wat producenten zien hun wachttijden voor stoffen behoorlijk oplopen ten gevolge van de coronacrisis. ‘Wij hebben zelfs al enkele stoffen uit ons gamma moeten verwijderen, omdat de wachttijd opliep tot ruim twintig weken’, aldus Ilse Thoelen, marketingmanager bij outdoorspecialist Tribù. Ook voor hout en aluminium dreigen er serieuze tekorten. Een prijsverhoging lijkt in de sector onafwendbaar.

Hoopgevende Supersalone

De meningen over het Supersalone en de designweek in het algemeen zijn verdeeld. Het hangt er maar van af aan wie je het vraagt natuurlijk. Wie op de beurs staat, geeft aan daar bijzonder blij mee te zijn. In de stad verkondigen ze dan weer ‘het einde van het Salone del Mobile’.

Zo’n vaart zal het in elk geval niet lopen. Hier en daar gaan stemmen op om er een tweejaarlijks event van te maken, maar daarvoor lijken de economische belangen van zowel producenten als de stad Milaan te groot.

De meningen over het Supersalone en de designweek in het algemeen zijn verdeeld. ©Salone del Mobile

De weg naar duurzaamheid, digitalisatie en schaalverkleining op de beurs zelf lijkt ons alvast hoopgevend. En ook de heropleving van de showrooms is mooi om zien. Het is nog maar de vraag hoe die twee zich zullen verzoenen tijdens de volgende editie van de Milanese designweek in 2022. Als die mág plaatsvinden. Hout vasthouden dus. Als je nog hout te pakken krijgt tenminste.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie