sabato

Foodondernemer Peter Rodrigues bouwt schoenenfabriek om tot privégalerie

Vooraan de vliegtuigcrashinstallatie van Rinus Van de Velde. Achteraan van links naar rechts: Robert Kusmirowski, Sandro Chia (twee schilderijen) en het stilleven met bonsais op sterk water van Various Artists. ©Annick Vernimmen

Van een gewezen schoenenfabriek in Merelbeke maakte ondernemer en kunstverzamelaar Peter Rodrigues een kunstgalerie annex biobierbrouwerij annex artiestencafé. Boven installeerde hij er zijn collectie monumentale kunstwerken waarvoor bij hem thuis geen plaats meer was.

Peter Rodrigues, de ondernemer achter biobakkerij De Trog, heeft een voorliefde voor monumentale werken. Vooraan een popsculptuur van Kati Heck, achteraan een schilderij van Sanam Khatibi. ©Annick Vernimmen

We kennen een paar galeriehouders die een zucht van opluchting slaakten toen Peter Rodrigues’ kunstruimte onlangs opende. De Gentse ondernemer achter de biobakkerij De Trog en de producent van tapenades, gegrilde groenten en pesto’s Delisol geniet alom bekendheid als een gepassioneerde kunstverzamelaar die niet vies is van monumentale werken. Hij durft kunst te kopen die vele malen groter is dan de beschikbare ruimte in zijn woning. Zijn enige probleem: hij kon die grote aankopen nergens uitstallen. Dus liet Rodrigues ze vaak in de depots van de galeries achter, in afwachting van een eigen exporuimte.

Die galerie is inmiddels een feit. En de eerste accrochage ook. ‘Ik heb overal in mijn kunstruimte kaartjes aangebracht met info over de kunstwerken. Maar die kloppen al niet meer, want ik koop nog altijd werken bij. En ik verhang ze bijna elke dag. Ik slaap er niet goed van als de scenografie niet juist zit. Een definitieve accrochage zal er nooit zijn. Daarvoor is de collectie nog in volle expansie en de voorraad kunst te groot.’

Oud brood

©Annick Vernimmen

Twee jaar geleden viel Rodrigues’ oog op een fabriek in Merelbeke, vlak bij zijn huis. In mooie art-decoletters staat nog ‘Sofacq’ op de gevel, kort voor Société de Fabrication de Chaussures de Qualité. ‘De fabriek, gebouwd in het interbellum, was eerst een leerlooierij, dan een schoenenfabriek en nog later een drukkerij. Wij maakten er een kunstgalerie, brouwerij en taartenbakkerij van’, zegt Rodrigues, die voordat hij in de voedingsbranche terechtkwam een managerscarrière uitbouwde bij de fotogroep Spector en The Reference, Belgiës eerste websitebouwer.

‘Wij kochten het pand én de aandelen van twee bejaarde drukkers, die helemaal alleen in het immense pand werkten. Ze palmden maar enkele vierkante meters in, de rest van het vervallen fabriekspand was afgesloten met plastic zeilen. Dat hier ooit tweehonderd schoenmakers tewerkgesteld waren, bewijzen de grote lockerruimte en de fietsenstalling beneden.

De voormalige fietsenparking van de fabriek, met onder meer werk van Xavier Mary. ©Annick Vernimmen

Rodrigues behield die industriële sporen en knapte het pand zo authentiek mogelijk op. Beneden installeerde hij deels de taartenbakkerij van Barista, de koffiebarketen die zijn vrouw uitbaat. Maar hij bracht er ook De Wilde Brouwers onder, een kleinschalige biobrouwerij waar hij zich inkocht.

De link is niet ver te zoeken: Denis De Wilde, de brouwer, gebruikt voor zijn wilde gisting niet alleen regen- en afvalwater, maar ook oud brood van De Trog, de biobakkerij waarvan Rodrigues mede-eigenaar is. ‘Denis brouwde vroeger bier in de gang van zijn huis. Heel lekker, maar veel te kleinschalig. Toen we samen op zoek gingen naar een gebouw om de microbrouwerij in onder te brengen, stootten we op dit pand. Beneden is er nu een café waar je de bieren kan proeven. Onze droom is om elke vrijdagavond een artiestencafé te houden: we nodigen dan telkens één kunstenaar uit die de bar runt.’

De dode bonsais op sterk water van Various Artists, een stilleven over vergankelijkheid dat hier museale allure krijgt. ©Annick Vernimmen

Rinus’ crash

De brouwerij en bakkerij hebben intussen een nieuw onderkomen in het gerenoveerde gebouw, maar eigenlijk was het vooral de eerste verdieping waarin Rodrigues brood zag. In de leegstaande productiehal, waar prachtig licht binnenvalt, zag hij de perfecte ruimte om zijn kunst te tonen. Behalve de ramen vervangen en de muren wit kalken veranderde hij niets aan de industriële vibe. ‘Bepaalde werken die hier nu uitgestald staan, had ik sinds de aankoop niet meer teruggezien. Van sommige wist ik zelfs niet meer dat ik ze had. Ze zaten al die tijd in kisten in een depot. Toen ik die openmaakte, voelde ik weer diezelfde schok als toen’, zegt hij.

Robert Kusmirow - ski’s valse replica van Jackson Pollocks atelier: een werk dat 10 vierkante meter inpalmt. ©Annick Vernimmen

Rodrigues verzamelt al 25 jaar puur op emotie. Hij is goed geïnformeerd, maar beslist snel en koopt graag wat andere collectioneurs - uit plaatsgebrek - geen optie vinden: monumentale sculpturen en ruimtevullende installaties. Zoals de dode bonsais op sterk water van Various Artists, een stilleven over vergankelijkheid dat hier museale allure krijgt. Net als Robert Kusmirowski’s valse replica van Jackson Pollocks atelier: een werk dat zeker 10 vierkante meter inpalmt in Merelbeke.

De poppen van Jos De Gruyter en Harald Thys, het kunstenaarsduo dat vanaf dit weekend België vertegenwoordigt op de Biënnale van Venetië. ©Annick Vernimmen

Hetzelfde geldt voor de enorme installatie van Jos de Gruyter en Harald Thys uit 1993, met ‘overblijfselen’ van de fictieve staatsgreep van ‘Keizer Ro’ in België. Met een bandopnemer, audiofragmenten, meubilair, documenten en ander fake news schetst het artiestenduo een vals beeld van de onbestaande keizer en zijn beleid. ‘Geen werk om thuis mee te leven’, zegt Rodrigues. ‘Ik ben trouwens naar het schijnt de grootste privéverzamelaar van Jos en Harald, die vanaf dit weekend het Belgische paviljoen op de Biënnale van Venetië inpalmen.’

Rodrigues is ook een van de weinige verzamelaars die grote sculpturen van Rinus Van de Velde wil of kan kopen. ‘In 2015 heb ik de kartonnen vliegtuigcrashinstallatie gekocht op Rinus’ derde solo-expositie bij Tim Van Laere Gallery. Sindsdien was die daar blijven staan, uit plaatsgebrek. Ik heb ook nog een grote houtskooltekening van Rinus, maar die is me te herkenbaar. Die hang ik nog niet uit.’ Het moet gezegd: in de ‘museale’ context in Merelbeke komt Van de Veldes installatie beter tot haar recht dan indertijd bij Van Laere. Rodrigues kan de werken de ruimte geven waarnaar ze snakken.

Hoewel de ondernemer zijn galerie aanvankelijk in één grote open ruimte wou onderbrengen, voegde hij nadien toch tussenwanden toe, ‘voor de leesbaarheid’. ‘Bezoekers klaagden dat ze de kunst niet rustig konden opnemen. Ze stonden hier soms buiten op 10 minuten. Met enkele extra muren hebben we de ruimte nu opgedeeld. Een voordeel, want zo kan ik ook kleinere werken een intiemere plek geven.’

Links het schilderij van Jan Van Imschoot dat Rodrigues uitleende aan de Prada Foundation voor Tuymans' barokexpo. ©Annick Vernimmen

Hij doelt op zijn sensuele fotomuur van Ed Templeton. Of zijn wand met schilderijen van Jan Van Imschoot, waarvan hij er onlangs nog een uitleende aan de Prada Foundation voor Luc Tuymans’ expo over barok. Ook de kleurrijke, naïeve werken van Nel Aerts, Pieter Jennes en Ben Sledsens - drie jonge Belgische talenten - hebben baat bij een neutrale omgeving tussen al dat sculpturaal geweld.

Keerpunt

De tribune van Kelly Schacht stond vroeger in de tuin van Rodrigues, maar kreeg hier een nieuw onderkomen tussen de brouwketels van De Wilde Brouwers. ©Annick Vernimmen

2000 was het keerpunt. In dat jaar kocht Rodrigues voor het eerst een kunstwerk dat hij zeker niet in zijn woning binnen zou krijgen: een enorme tafel van Bojan Fajfric, een artiest uit het voormalige Joegoslavië. Daarna volgde een levensgrote tribune van Kelly Schacht. Die belandde in de tuin. Een oplossing voor zijn ‘koopziekte’ drong zich stilaan op.

Eerst speelde hij samen met zijn vrouw Sabine Vandorpe (een ingenieur-architecte) met de idee om een reeks tuinpaviljoenen te bouwen. Daarin konden de grote kunstwerken een plek krijgen. Eén paviljoen van Matthieu Ronsse was al opgeleverd toen hij op dit pand in Merelbeke stootte.

De schilderijenwand met Pieter Jennes en Nel Aerts, rechts de fotowand van Ed Templeton. Vooraan een sculptuur van Atelier Van Lieshout. ©Annick Vernimmen

Of zijn verzamelwoede nu bekoeld is, zoals bij Anton en Annick Herbert, die hun afgeronde verzameling in een Gents privémuseum onderbrachten? ‘Ik vrees van niet. Ik koop geen grotere werken dan vroeger omdat ik nu meer plaats heb. Nooit denk ik in functie van de beschikbare ruimte, alleen in functie van mijn buikgevoel en mijn budget.

Ik koop liever vier werken van jonge kunstenaars dan één duur werk van een gevestigde artiest. Dan heb ik vier keer de emotie in plaats van één keer. Tegelijk denk ik soms: ik steek zo veel tijd en geld in die collectie; hoe kan ik al die inspanningen verzilveren? Meer en meer evolueer ik naar een commercieel galerieconcept.

Ik wil in de toekomst een reeks werken verkopen en opnieuw investeren in goeie jonge artiesten en die via mijn netwerk in de markt zetten. Daarvoor is dit gebouw natuurlijk ideaal: ik kan mijn collectie presenteren en tegelijk een soloshow of een groepsshow met nieuw werk brengen. Niet van gevestigde namen of dode artiesten, wel van jonge gasten waarmee je pinten kunt drinken. Bier en kunst gaan goed samen, vind ik.’

De Wilde Brouwers & Sofacq Gallery, Hundelgemsesteenweg 310, 9820 Merelbeke. Alleen volgens afspraak.

Lees verder

Advertentie
Advertentie