Kunst(enaar) collecties

Zijn artiesten zelf kunstverzamelaars? Welke werken koopt Wim Delvoye - bekend van zijn Cloaca-kakmachines, getatoeëerde varkens en gotische betonmolens - voor zijn eigen interieur? Het antwoord is verrassend. ‘Een oude meester is als een goed glas wijn, een hedendaags kunstwerk als een snuif coke.’

- Is een Gentse hedendaagse kunstenaar (49), onder meer bekend om zijn Cloaca-kakmachines, getatoeëerde varkens en gotische betonmolens.
- Exposeert nog tot 31 oktober bij galerie Emmanuel Perrotin in Parijs.
- Had tot vorige week een grote soloshow in het Pushkin Museum in Moskou.
- Verzamelt oude meesters.

‘In 2008 kocht ik het Kasteel de Bueren in Kwatrecht, waar ik mijn kunstcollectie voorlopig onderbreng. Toen de financiële crisis uitbrak, begon ik oude meesters te kopen. Ik dacht dat geld sterk in waarde zou zakken, dus koos ik voor die investering. Wat ben je tenslotte met geld? Euro’s zijn gedrukt door mensen zonder talent, mijn schilderijen zijn gemaakt door mensen mét talent. Dan omring ik me daar liever mee. Ik koop liefst oude meesters, omdat ze vaak zo ongelofelijk knap geschilderd zijn. En omdat ze goedkoop zijn voor zo’n kwaliteit. Niet onbelangrijk: er worden er geen meer bijgemaakt, in tegenstelling tot hedendaagse kunstwerken waarvan de instroom oneindig is. Meer en meer mensen grijpen terug naar oude meesters en klassieke schoonheid, merk ik. Kijk maar naar het succes van Michaël Borremans.’

Advertentie

‘In de collectie heb ik 17de- tot 19de-eeuwse werken, over zowel profane als religieuze thema’s. Er hangt een mooie ‘Caritas Romana’ van Jean-Baptiste Santerre in de eetkamer en een prachtige 17de-eeuwse kopie van Da Vinci’s ‘Mona Lisa’ in het salon. De devote Madonna ernaast zou ik durven toeschrijven aan Guido Reni. Een van mijn lievelingswerken is een ‘Amor Venalis’ van Bernhard Keil, een Deense barokschilder uit de 17de eeuw. Hij is beter bekend onder zijn Italiaanse pseudoniem Monsù Bernardo. Het tafereel is opmerkelijk: twee oude vrouwen houden een glas wijn en een zak geld in hun handen. Een jonge maagd kijkt aarzelend, omdat een oude rijke man in de kamer ernaast aan het wachten is. De vertwijfeling is het mooiste moment dat de schilder kon kiezen voor dit tafereel. Twee pooiers en een lichtekooi: vreemd dat zo’n prostitutiethema op zo’n groot formaat werd geschilderd. Je ziet meteen de invloed van Caravaggio aan het dramatische licht. De verfkorst zit vol leven. De handen zijn prachtig geborsteld, je ziet het bloed onder de huid. Op zoiets raak je niet uitgekeken.’

Advertentie

‘Een afgelijnd jaarlijks kunstbudget heb ik niet. Dat is ook niet nodig, want er komen toch niet zo vaak goede oude meesters op de markt. Meestal alleen als er iemand doodgaat of als er iets discreet moet worden verkocht. Ik hou van ongerestaureerde werken in hun ‘jus’. Liefst in hun origineel kader. Je mag gerust zien dat ze oud zijn. Ik koop nu minder dan vroeger: ik moet nu al veel werken in dozen of kisten bewaren. Vroeger verzamelde ik ook eerste edities van oude encyclopedieën, maar die heb ik intussen weer laten veilen. Hoeveel kunstenaars zijn er nu nog bekend uit de 17de eeuw? Op pakweg honderd na zijn ze allemaal vergeten. Zelfs de beroemdste kunstenaars van nu kent over 300 jaar bijna niemand nog. Van oude meesters word je bescheiden, van hedendaagse kunst pretentieus. Een oude meester is als een goed glas wijn, een hedendaags kunstwerk als een snuif coke. In de hedendaagse kunstwereld wordt elke dag warme lucht gepompt in de ballon. De markt wordt vanzelf ondersteund. Oude meesters hebben geen lucht nodig, want er is helemaal geen speculatieve ballon. De meeste werken zitten toch al in musea.’

Advertentie
Advertentie
©Guy Kokken

‘Hedendaagse kunst is een no-brainer. Het is een speculatief goed, dat vlot circuleert op de kunstmarkt. Bovendien is het sexy: op vernissages zie je overal jonge mensen die mooi gekleed zijn. Om hedendaagse kunst te kopen, moet je geen kenner zijn. Je moet gewoon veel geld hebben. Dom zijn weerhoudt je niet om een Warhol te kopen, want je herkent die vanaf 30 meter afstand. Zijn werk ziet eruit als een logo, vandaar dat zijn marktwaarde zo hoog is. Oude meesters herken je niet van zover. Ze hebben geen ‘wall power’ of ‘brand identity’ en leveren jou geen bewondering van jonge vrouwen op. Ze zijn subtieler, verfijnder, meer op kenners gericht. Je kan er ook moeilijk mee speculeren, want de markt is veel te klein. Het genre lokt een ander type verzamelaar, die in stilte zoekt en verzamelt. Ik kan mezelf geen goed werk van Warhol veroorloven. Maar voor de prijs van één Warhol of Basquiat kan ik wel tien goeie oude schilderijen aanschaffen. Alleen vergt dat wat langer zoek- en studeerwerk. Ik kan niet meedoen met de rijke verzamelaars, wel met de slimme.’

Wim Delvoye, tot 31 oktober bij Galerie Emmanuel Perrotin in Parijs. www.perrotin.com

Gesponsorde service

Lees Meer