sabato

Girl bosses

©Sabato

‘Ik ben niet bazig, ik ben de baas’, zegt de Amerikaanse popster Beyoncé. Niet alleen in de muziek maar ook in de mode zwaaien vrouwen de scepter.

Formule? Half marketingbureau, half website. Maken samen met vennoot Michaël Schockaert campagnes, mode- en lifestylereportages voor tv, de geschreven pers, hun eigen website en sociale media.

Mogen opscheppen over? Meer dan 14.400 Facebookvolgers en 43.600 op Instagram. De website Belmodo.tv krijgt gemiddeld 100.000 bezoekers per maand. Vorige maand stapte de uitgeverij en productiemaatschappij Borgerhoff & Lamberigts in Belmodo.

 

Tussen de soep, de patatten en de pampers. Dat is de ontstaansgeschiedenis van Belmodo.tv in een no­tendop. Hoewel Tiany Kiriloff net moeder was ge­worden, beviel ze op 5 november 2008 samen met An­ge­lique Foré ook van Belmodo.tv, hun modewebsite slash productiebedrijfje. Destijds een deeltijdse baan, vandaag is Belmodo.tv een modebedrijf annex website met 100.000 bezoekers per maand. ‘En te bedenken dat we zijn gestart met elk 500 euro’, lacht Tiany Kiriloff, een ex-fotomodel met Chileens-Nederlandse en Russische roots.
Overdag werkte Kiriloff samen met Foré bij de jongerenzender JIM, waar ze elkaar ook hadden leren kennen en vriendinnen werden. Kiriloff presenteerde er het modeprogramma Alive.Style, Foré liep er eerst stage en kwam daarna vast in dienst. ‘Algauw beseften we dat we met een half­uurtje modenieuwtjes per week niet genoeg hadden’, zegt Kiriloff. En dus begon het team Kiriloff-Foré voor eigen rekening (video)reportages te maken in opdracht van merken en modebladen en te dromen van een eigen webstek. ‘Na het werk zaten we samen aan de keukentafel te brainstormen. Een naam zoeken, rubrieken bedenken, iemand vinden die het logo kon ontwerpen. Ik herinner me nog dat ik met allerlei kleine papiertjes collages had gemaakt met ideeën voor de site’, aldus Kiriloff.
‘Het hielp dat de vriend van Angelique onze website kon ont­werpen, want in het begin was het allemaal heel low budget’, aldus Kiriloff. ‘Voor de blog waarop ik mijn outfits postte, nam ik toen nog foto’s van mezelf met de zelfontspanner en een camera op statief (lacht).’

©Belmodo.tv

Hoewel de gratis site zonder veel toeters en bellen werd gelanceerd, kon hij, onder meer door Kiriloffs bekendheid in Vlaanderen, al snel op een hele rist bezoekers rekenen. Tot vier jaar geleden combineerden Kiriloff en Foré hun modewebsite met freelancewerk bij JIM. ‘Toen heb ik Tiany de spreekwoordelijke schop onder haar kont gegeven’, zegt Foré.
In 2011 namen beiden ontslag bij JIM, huurden een kantoor in Antwerpen en jatten en passant Michaël Schockaert bij JIM weg. Schockaert is vandaag contentmanager en chef van alle producties en medevennoot van Kiriloff en Foré. ‘We hebben van bij de start mooie opdrachten binnengehaald’, aldus Foré. Zo konden we de Miele Catwalk mee uitbouwen, waarin we op zoek gingen naar een XL-model, iets wat een paar jaar geleden nog avant-garde was.’

©Belmodo.tv

Plantrekkerij
Vraag aan Tiany Kiriloff hoe haar werkweek eruitziet en je krijgt een overzicht van wat de meeste mensen niet eens in een maand voor elkaar krijgen. Vandaag heeft ze een styling in Antwerpen, morgen een tv-opname. Daarna moet ze naar Gent voor een vergadering, en later deze maand doet ze Stockholm, Berlijn, New York, Milaan en Parijs aan. Ze schrijft voor de website, ontwerpt gastcollecties voor modemerken als Ve­ro Moda en Es­sentiel en doet presentatiewerk. Ki­ri­loff is het ge­zicht van Belmodo, Foré werkt achter de schermen. ‘Ik sta veel in de spotlights’, aldus Kiriloff. ‘Ik reis vaak en krijg voordelen die Angelique niet krijgt. Ge­lukkig heeft ze daar geen probleem mee.’
In het kantoor zijn vandaag 10 mensen aan de slag. Een van de 5 vaste medewerkers is salesmanager en uit de opdrachten voor derden is een volwaardige bedrijfstak gegroeid. Belmodo Media maakt kant-en-klare modeproducties en campagnes voor derden. Ki­riloff is vaak het gezicht van die campagnes - onder meer voor Modemuseum Hasselt, Maasmechelen Vil­lage en Stad Oostende. Foré denkt ze mee uit. Of die laatste haar droombaan gevonden heeft? ‘Ik ben gek van mijn job’, zegt ze. ‘Ik heb altijd goed willen verdienen, maar wel op mijn manier. Ik heb nooit de regels gevolgd. Mijn mantra is: laten we koppig zijn en onze zin doen. En daarin hebben Tiany, Michael en ik elkaar gevonden.’
Wat hen nog meer bindt? Plantrekkerij en creativiteit. ‘Tiany is de creatieveling’, aldus Foré. ‘Zij spot snel wat hip of nieuw is, toetst het bij mij en dan be­denken we samen wat we ermee kunnen doen.’ ‘Ik ben creatief en dus ook wel een chaoot’, vult Ki­riloff aan. ‘Ange­lique is er om de puntjes op de i te zetten.’ ‘Ik ben misschien iets koeler dan Tiany - daar zit haar Chileens bloed zeker voor iets tussen - maar toch zot genoeg om ook te springen en iets te wagen. Gelukkig heeft Mi­chael de finesse om die twee loslopende ‘trezen’ op het rechte pad te houden.’

Groter nest
Vorige maand kocht uitgeverij en productiehuis Borgerhoff & Lamberigts een meerderheidsbelang van 51 procent in Belmodo. ‘Als jong bedrijf moet je op een zeker moment een investering doen en het is altijd beter als iemand in jou investeert’, aldus Kiriloff. ‘Zo­dat je meer kunt groeien. Niet alleen fi­nan­cieel, maar ook qua knowhow. We zitten nu in een groter nest’, legt Kiriloff de keuze uit. Maar het kapitaal hadden ze niet nodig, be­klemtoont Foré. ‘Vorig jaar boekten we 10 procent winst, terwijl de omzet met 30 procent aandikte.’
Het partnerschap moet het mode-media-imperium waar Kiriloff en Foré altijd al van hebben gedroomd, een stapje dichterbij bren­gen. ‘We denken nu aan groter worden. Dan bedoel ik niet als bedrijf met meer medewerkers, maar gewoon beter worden’, aldus Foré. ‘We willen dé referentie worden als creatief bureau voor de modewereld. Nog straffere marketingcampagnes maken.’ De website krijgt binnenkort een make-over. ‘En we denken ook in de richting van een Belmodo-magazine. Misschien niet het ideale moment, want de magazinemarkt doet het niet goed. Maar we willen iets meer niche brengen. Een must have.’
Of het ook financieel wat oplevert? ‘Vandaag is het een goed draaiend machientje, maar het blijft knokken’, meent Kiriloff. ‘Ik leef goed, maar niet dat ik mij elke week een zotte uitgave kan permitteren. We zitten nog niet op een goudmijn.’

 

Formule? Opbrengstsysteem voor bloggers en Instagramgebruikers op commissie.

Mag opscheppen over? LIKEtoKNOW.it werd vier maanden na de lancering al door Vogue gebruikt.

 

‘Maak je geen zorgen, ik neem wel mijn pistool mee.’ Het was het ultieme argument waarmee de toen 19-jarige Texaanse Amber Venz haar ouders probeerde te overtuigen van haar bu­siness- en levensplan. ‘Ik vertelde hun waar ik over vijf jaar wilde staan in de modewereld en welke stappen ik daartoe wou ondernemen’, vertelde ze aan de website The Every Girl. ‘Ik zei hun: ik rij naar Los Angeles en word assistente van een stylist.’
Dat was Venz’ idee van een studentenjob. Tij­dens het schooljaar studeerde ze bedrijfscommunicatie in Dallas, in de zomer liep ze zoveel mogelijk stages, onder meer bij de modeontwerper Thakoon in New York. Daarnaast kluste de modebewuste Texaanse nog bij in een lokale kledingboetiek, waar ze als personal shopper en styliste op commissie werkte en startte ze haar modeblog VENZedits.com. Daar postte ze tot drie keer per dag outfits en raadde de nieuwste it-items aan. ‘Als snel kwam het besef: ik heb me uit mijn eigen business gewerkt’, geeft Venz toe. De klanten kochten wat zij via haar blog voorstelde en boekten geen afspraken meer met haar.
Hoog tijd dus om die blog te laten renderen, dacht Venz, en na even rondneuzen op het internet had ze door hoe populaire bloggers hun brood verdienen: via bedrijven die ad­vertenties met hun blog matchen en de relaties met adverteerders onderhouden.

Venz ge­­bruikte acht van die adverteerbedrijven. ‘Een administratieve nachtmerrie met allemaal verschillende logins en paswoorden en daarbovenop ook nog eens lelijke reclamebanners.’ Dat moest anders kunnen, vond Venz. En dus ontwikkelde ze samen met het technologiebedrijf NastyGoat de webtool reward­Style.com: een site die bloggers en YouTube-sterren linkt aan webshops en ervoor zorgt dat ze betaald krijgen voor elke klik of aankoop die ze genereren. Als een blogbezoeker bijvoorbeeld dat nieuwe handtasje van Balmain koopt dat een blogger gisteren postte, krijgt die laatste via een door rewardStyle opgezette link een commissie.
‘Sommige bloggers verdienen er meer dan 20.000 euro per maand mee’, zegt Venz over rewardStyle. In 2011 begon ze met 12 retailers, vandaag zijn het er meer dan 2.500. Vol­gens de Texaanse modeonderneemster hebben al 13.000 bloggers ingetekend op het systeem. Zelf verdient het bedrijf van Venz er pas aan als er ook effectief wordt gekocht. Vandaag leidt de - soms blonde dan weer roodharige - Venz twee kantoren: in Dallas en Londen.
Help, waar kan ik het kopen?
Sinds kort heeft Venz’ bedrijf er een nieuwe activiteit bij. ‘Op Instagram reageerde ik vaak op foto’s met de vraag waar ze dat jurkje of die schoenen hadden gehaald. Maar ik kreeg amper antwoord. Dan zat er niets anders op dan een screenshot te nemen en mijn zondagen al googelend naar ‘purperen organza trench’ of ‘zwarte schoen met enkelbandje’ door te brengen.’
Het idee voor LIKEtoKNOW.it - een link waarmee zowel de Instagrammer als de gebruiker ‘wint’- was geboren. Bij posts met de #liketkit moet je de blogger of Instagrammer niet langer lastigvallen met de vraag ‘Waar koop ik dat jurkje?’. Je ‘liket’ gewoon de foto. Binnen het uur stuurt het systeem de verkoopgegevens (van schoenen over jurkjes tot make-up) naar jouw mailadres. Met een klik ga je door naar Net-a-Porter, Nordstrom, Topshop of andere e-commercewebsites. Tegelijkertijd krijg je verkoopinformatie van goedkopere of gelijkaardige ‘get the look’-producten. Een service waarvan ook de Instagram­bloggers zelf beter worden. Wie de toelating heeft om #liketkit te gebruiken, verdient een percent op elke aankoop die de hashtag genereert.
Ook hier vond Venz het warm water niet uit, maar geen enkel systeem is zo simpel als een directe link in je inbox dankzij één like. Geniaal in zijn eenvoud, oordeelde ook het modeblad Vogue. Vier maanden na de lancering van LIKEtoKNOW.it maakte Vogue als eerste printmagazine zijn Instagramaccount (met meer dan 300.000 volgers) verkoopbaar via de app. Het Instagramaccount van LIKEtoKNOW.it zelf komt in de buurt, met bijna 200.000 volgers. Naar het volgende masterplan van Venz is het nog gissen. Maar haar ouders hebben er intussen wellicht alle vertrouwen in.

 

Formule? Glamoureuze vrouwenkledij. Denk aan leer, neopreen, torenhoge hakken en felle prints.

Mag opscheppen over? Mode-imperium met 10 winkels in Nederland, 4 in België en 1 in Londen. Het merk maakt zich sterk dat het in 24 landen wordt verkocht. Gulsens vermogen wordt geschat op minstens 24 miljoen euro.

‘Ik ben al tien jaar als een trein door het leven aan het rijden.’ Olcay Gulsen is net op stiletto’s haar spierwitte kantoor in Amsterdam binnengewandeld en zet meteen de airconditioning aan. ‘Ik heb sigaretten zitten roken, sorry. Ik ben ontzettend verslaafd.’ Gulsen, amper 34 en Nederlands bekendste modeonderneemster, drinkt naar eigen zeggen ook constant Red Bull. Het verbaast niet als je haar hoort spreken in haar snelle Brabants-Nederlands en een blik werpt op haar carrière.
Gulsens merk SuperTrash wordt vandaag verkocht in 15 eigen winkels en 24 landen wereldwijd. Beyoncé, Victoria Beckham en Rihanna dragen haar kleren. Gulsen brengt ook parfums uit, een kinderkledinglijn, een magazine, de lingerielijn ‘Madame Super­Trash’ en de ‘Olcay Gulsen’-lijn, het chi­quere zusje van SuperTrash. ‘Ik heb het honderd procent op wilskracht gedaan’, zegt Gulsen. ‘Ik had geen strategie of financiële middelen. Ik was een klein meisje met een onbezonnen droom.’
Dat kleine meisje groeide op in een arm, Koerdisch gezin in het kleine Nederlandse Waalwijk, waar ze onder de tirannie leefde van haar schizofrene en aan heroïne en alcohol verslaafde vader met vijf broertjes en zusjes. Maar Gulsen bleef niet bij de pakken zitten. Op haar 21ste startte ze Chill Agency, een wervings- en selectiebureau voor de modebranche. Zo kwam ze in aanraking met grote modebedrijven en dacht: dat kan ik beter. ‘Ik was een durfal, ja. Ik dacht: ik heb nu toch niets, dus ik kan ook niets verliezen. Maar ik was vooral naïef. Ik wist niet dat je meer nodig had dan een droom.’ Voor die droom had Gulsen heel wat over.
Zonder startkapitaal en opererend vanuit een ‘antikraakpand in Zoetermeer’ werkte ze zich omhoog. In 2002 startte ze met 2stepzahead, waar ze kleding van denimmerken als Yo! Japan en Criminal importeerde. Twee jaar later leerde ze de Amerikaanse it-girl Ava Riley kennen op een feestje van de New York Fashion Week. Riley had dan net het - toen nog onbekende - label SuperTrash gelanceerd, en Gulsen besloot het in Azië en Europa te verdelen.
Amper 5 jaar later is Gulsen de CEO van SuperTrash, waar ze de leiding heeft over 100 mensen. ‘Die onbezonnenheid van in het begin is er niet meer’, zegt ze. ‘Maar soms wou ik toch dat ik die opnieuw had. Als ik vandaag een idee heb, lijst ik automatisch meteen alle nadelen op. Als je jong bent, heb je dat niet, dan zie je alleen voordelen. Als ik nu jonge ondernemers zie, wil ik niet de oude zeur zijn die even alle valkuilen opsomt. Ik zeg liever: ga er gewoon voor en denk even niet aan de nadelen. Die eerste struikelblokken moet je tegenkomen. Het is goed als je eens goed op je bek gaat.’

Leugenaar
Van arm Waalwijks meisje tot Bekende Nederlander en miljonair: Gulsens verhaal leest als een droomverhaal. Te mooi om waar te zijn, dacht het Nederlandse zakenblad Quote. Volgens Quote heeft Gulsen verzonnen dat ze haar label van de Amerikaanse Ava Riley kocht om het wat meer glamour te geven. De twijfels weerlegde Gulsen nooit formeel. ‘Het deed pijn’, zegt ze daar vandaag over. ‘De breed in de pers uitgesmeerde verdenkingen lieten haar de achterkant van de roem zien. ‘Plots ben je voor heel Nederland een leugenaar. Eerst word je op handen gedragen, maar op een bepaald moment moet je daar van afdonderen. Daar was ik niet op voorbereid. Bij zo’n succesverhaal denken mensen dat je iets fout hebt gedaan. Maar ze denken niet dat ik misschien wel honderd keer harder heb gewerkt.’
Vandaag werkt ze nog altijd hard. En dat gaat ten koste van haar privéleven: tot nog toe liepen Gulsens relaties telkens na enkele jaren op de klippen. ‘Ik ben misschien die succesvolle zakenvrouw met een groot bedrijf, maar in andere dingen ben ik een loser.’ Ze zegt het zonder verpinken en lacht. ‘In mijn privésfeer bouw ik maar moeilijk dingen op. Zo vol overgave ik ben voor mijn bedrijf, zo slecht ga ik met alle andere dingen om.’
Die nietsontziende drive komt voort uit haar problematische verleden, zegt Gulsen zonder blikken of blozen. ‘Het is bijna een minderwaardigheidscomplex. Ik heb altijd meer mijn best moeten doen dan andere mensen. Mijn ouders hadden geen geld, waren buitenlanders en daarbovenop was mijn vader zwaar ziek. Als je die obstakels hebt, moet je als kind altijd drie stappen harder zetten. Dat is een juk. En dan ga je overcompenseren. Ik ben eigenlijk mijn hele leven aan het overcompenseren. Ik wil aan iedereen laten zien wat ik kan.’
Gulsen wil aan iedereen tonen dat het meisje uit Waalwijk de wereld kan veroveren. Maar dat meisje uit Waalwijk komt wel uit een Koerdisch gezin. Hoe heeft die cultuur haar beïnvloed? ‘Ik voel me heel Nederlands, maar er zit een stuk emotie en passie in mij dat heel on-Nederlands is. En ja, ik ben er wel altijd op gewezen dat ik geen Nederlander ben - niet op een nare manier, maar dat is toch iets wat je altijd voelt.’

Stewardess
Dat haar Koerdische moeder geen grote fan was van haar modeplannen heeft Gulsen echter niet tegengehouden. ‘Ze vond mode maar niets’, aldus Gulsen. ‘Ik ben drie maanden stewardess geweest en de ingelijste foto’s van mij in mijn pakje heeft ze nog altijd. In haar cultuur heeft iemand in uniform veel prestige. In de eerste drie jaar van SuperTrash vroeg ze me altijd: kun je niet gewoon weer stewardess worden? Maar ik denk dat ze nu wel beseft dat ik een zakenvrouw ben.’
Passie en powervrouw zijn Gulsens mantra’s. Wie meer dan vijf minuten met haar spendeert, beseft: de aard van het beestje blijft een emotioneel ondernemer. ‘Ik ben een beetje te gehaast. Ik ben ook heel impulsief. Ik wil alles meteen beslissen. Gelukkig heb ik nu een blok aan mijn been: het directieteam. Af en toe zeggen zij: ‘Ho maar, dat rekenen we eerst even na.’ Zij behoeden me voor veel dingen.’
Vandaag bestaat het directieteam uit drie vrouwen en drie mannen. Nochtans riep Gulsen jarenlang dat haar directieteam uitsluitend uit powervrouwen zou bestaan. ‘Rond 2008 nam ik ook uitsluitend vrouwelijke directieleden in dienst. Tot ik besefte: dat werkt niet. We zaten allemaal met dezelfde kant van onze hersenen te denken.’ Ze kauwt even op haar antwoord: ‘Weet je, soms zijn vrouwen beperkte denkers. Vrouwen komen van punt a naar b of c via een emotionele lijn. Ik ook. Daarom heb je mannen nodig in een team. Nu is het fifty­fifty, en die balans is goed.’
Maar dromen blijft Gulsen nog evenveel. SuperTrash sloot vorige maand een contract met de Almana-groep voor winkels in Qatar, Abu Dhabi en Koeweit. En er staan nóg twintig landen op haar verlanglijstje. ‘We moeten nog vijf of zes keer zo groot worden. Want je moet dromen om groot te worden’, zegt ze met fonkelende ogen. ‘Laatst kwam er een meisje solliciteren. Toen ik haar vroeg waar ze zichzelf in tien jaar zag, zei ze: ‘Dan ben ik de baas van SuperTrash.’ Dat vond ik fantastisch’, glimlacht Gulsen. ‘Ik dacht: jou moet ik hebben. Een stukje zelfoverschatting kan geen kwaad.’

 

Formule? De Shazam van de kleding: maak een foto en koop het copycatstuk.

Mag opscheppen over? Vond 2,8 miljoen euro bij investeerders, onder meer bij de beroemde mode­onderneemster Carmen Busquets, een van de belangrijkste investeerders in Net-a-Porter. De app werd in de eerste week na de lancering meer dan 100.000 keer gedownload.

‘Jij hoort hier niet thuis.’ Het was het beste carrièreadvies dat de Bra­zi­liaanse Daniela Ce­­ci­lio kon krijgen na vier jaar op het marketing­departement van een bouwbedrijf. ‘Jij moet in de mode werken.’ Cecilio, toen 24, nam het advies ter harte. ‘Ik zei mijn job op en richtte mijn modelabel op’, legt de in Lon­den wonende Braziliaanse uit met een sappig zuiders accent. Met succes. Haar collectie ging in Braziliaanse pop-upstores vlot over de toonbank. Maar toen werd Cecilio verliefd. Op José Neves, de man die de succesvolle onlinemodewebwinkel Farfetch.com uit de grond had gestampt, en op Londen. Ze verhuisde naar de Britse hoofdstad en ging opnieuw studeren: modemarketing en mo­detekenen. Daarna was ze enkele jaren directeur in het bedrijf van haar man.
Tot ze op een dag vruchteloos het internet afspeurde naar een vintage zonnebril van Chanel. ‘Echt onwezenlijk. Het was zo moeilijk om via Google een handtas terug te vinden die je ergens op straat of in een blad had gezien. Het idee voor mijn app is uit pure frustratie voortgekomen. Dus ontwikkelde ik een applicatie die werkt met beeldherkenning’, legt Cecilio uit.
ASAP54, de Shazam van de kleding zeg maar, ziet er met zijn vierkante fotootjes een beetje uit als ‘Instagram meets moodboard meets online shoppen’. ‘Ofwel upload je een foto van het internet, ofwel maak je een foto, bijvoorbeeld van een jurkje op straat’, aldus Cecilio. ‘Het programma zal de kleur, textuur en vorm herkennen en je de beste match tonen.’ De resultaten - van handtassen over schoenen tot sweaters - komen van 300 grote bedrijven zoals Net-a-Porter, Farfetch, Barneys, Neiman Marcus, Harrods en J.Crew, maar ook van de goedkopere H&M en Topshop. Als er iets wordt gekocht, krijgt ASAP54 commissie, gemiddeld 7 procent. ‘Maar soms loopt die op tot 20 procent,’ aldus Cecilio.

Slechte lookalikes
Wereldschokkende resultaten levert de app vooralsnog niet op. Om het exacte stuk te vinden moet je al geluk hebben en een aantal zogenaamde lookalikes zitten wel ver naast het gezochte origineel. ‘Daarom hebben we ook een team stylistes’, zegt Cecilio. ‘Zij sturen binnen de 24 uur hun suggesties naar jouw inbox.’ Los daarvan - en dat maakt de app ook een leuk speeltje voor fashionista’s - hoef je niet per se foto’s van kleding te up­loaden. ‘Je kunt ook foto’s maken van eten, landschappen, kunst en zien hoe dat wordt vertaald in mode.’
Omdat de app vooral op kleurherkenning goed scoort, zal de zoekmachine het exacte hemelsblauw van je behangpapier nagenoeg perfect terugvinden in kleding. En jouw ochtendmuesli laten vertalen naar een ring of handtas levert ook leuke resultaten op. Maar of dat tot ko­pen aanzet, is de vraag. De app haalt een groot deel van haar populariteit, net zoals In­stagram, als een semisociaal medium, waarbij je vrienden, bloggers en beroemdheden kunt volgen en kunt zien waarnaar zij op zoek zijn.

Google als voorbeeld
Een leuke gimmick maar geen miljoendollar­idee. Nochtans nam het merk een vliegende start met 2,8 miljoen euro van investeerders. Haar man José Neves van Farfetch gaf het goede voorbeeld met 568.000 euro en algauw volgde ook Carmen Busquets, de mo­de­onderneemster van Couturelab en een van de belangrijkste investeerders in Net-a-Porter.
Cecilio geeft toe dat ze nog geen gigantische verkoopcijfers kan voorleggen. ‘We verkopen, maar het aantal blijft klein. Op zich geen probleem. In het begin lag de focus op het uitbouwen van een onlinecommunity.’ Vandaag werkt Cecilio, die intussen leiding geeft aan een team van 20 mensen, aan de tweede stap. ‘We willen meer een algemeen platform worden om mode te ontdekken. Je zal er niet alleen kunnen zoeken op beeld, maar ook op kleur, trend, kernwoord of mensen. We willen overal zijn. Wij moeten de Google van de mode worden.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie