sabato

Luxehuis Delvaux opent eigen museum

©Delvaux

Al bijna twee eeuwen maakt Delvaux de favoriete ‘arm candy’ van de Belgische beau monde. Hoog tijd dus voor een eigen museum. ‘Wie ons wil bezoeken, zal moeite moeten doen.’

Een gigantische Brillant-handtas. Niet in leer, maar in twee grote stukken epoxyhars die in totaal acht lagen verf kregen. Dat is het eerste wat je te zien krijgt als je vanuit het atelier van Maison Delvaux in Brussel de industriële lift naar boven neemt en uitkomt in het nieuwe Delvaux-museum.

Wat verder staat een Delvaux-versie van Manneken Pis, gekleed in een schort zoals de artisans van het Belgische lederwarenhuis die nog altijd dragen en - noblesse oblige - een reeks opeengestapelde Brillant-handtasjes als hoed. Ook de ‘Belgitudes’, een reeks kleine tassen met typisch Belgische elementen zoals mosselen, kunstenaar Magritte en de Belgische driekleur, staan in het nieuwe museum uitgestald.

©Delvaux

‘Ik wou de speelse aanpak die artistiek directeur Christina Zeller hanteert bij haar collecties vertalen naar deze plek’, zegt scenograaf Bob Verhelst, die in 2009 ook al de MoMu-tentoonstelling ‘Delvaux, 180 jaar Belgische luxe’ ontwierp. ‘Dit museum moet iets tijdloos uitstralen. Het is de bedoeling dat het er ook over tien jaar nog goed uitziet. Het mocht dus niet te stijf ogen.

’Een chronologische opstelling kreeg het museum dus niet, wel een thematische - denk aan ‘de geschiedenis van de handtas’ of ‘innovatie’. ‘We willen internationale klanten vooral tonen waarvoor België staat en hoe de Belgische manier van denken en leven Delvaux beïnvloedt’, verduidelijkt Jean-Marc Loubier, CEO en voorzitter van het bedrijf. Bezoekers kunnen trouwens niet zomaar binnenwandelen op een druilerige zondagnamiddag, met een nog druppende paraplu in de hand.

‘Wie hier binnen wil, zal moeite moeten doen en tijd opofferen’, aldus Loubier. ‘We stellen ons huis open, maar verwachten ook een inspanning van het publiek. Wie het museum binnen wil, zal een afspraak moeten maken via de web­site. We willen een kwalitatieve band opbouwen met ons publiek.’ 

1. De oudste telg is vermist.

Le Princesse van Delvaux is officieel de eerste ‘handtas’ in de wereldgeschiedenis. ©rv

Delvaux gaat er prat op de uitvinder te zijn van de eerste lederen handtas. Correcter: de Brusselse fabrikant vroeg in 1908 als eerste een handtaspatent aan. Charles Delvaux produceerde oorspronkelijk reiskoffers en ontwierp een kleiner, trapezevormig, bruin lederen model voor vrouwelijke reizigers: zo werd ‘Le Princesse’ de eerste of­ficiële handtas ooit. Haar geboorteakte hangt vandaag in het museum, net zoals enkele ontwerpschetsen, maar de tas zelf heeft Delvaux níét meer in bezit.

‘We zijn al jarenlang op zoek naar die Princesse en voor het museum hebben we nog een extra inspanning gedaan en advertenties geplaatst’, aldus Verhelst. ‘Maar we zijn er niet in geslaagd er een in handen te krijgen.’ 

‘Toch zijn we ervan overtuigd dat Le Princesse ooit opnieuw thuiskomt’, vult Loubier aan. ‘Mensen brengen geregeld oude tassen binnen. Veel van onze ontwerpen worden van generatie op generatie doorgegeven.’ Opmerkelijk: de oudste ‘handtas’ die nu in het mu­seum te zien is, is er een voor… mannen. Ze werd in 1910 vervaardigd en hoorde bij het uniform van een treinconducteur.

2. Martin Margiela bij Delvaux.

Van de Martin Margiela-tas bestaan er maar twee exemplaren. ©Delvaux

Sinds 1945 staan er bij Delvaux vooral vrouwelijke ontwerpers aan het roer: vandaag is dat Christina Zeller, eerder leidde ook Veronique Branquinho de ontwerpafdeling. Wat minder geweten is, is dat ook de iconische modeontwerper Martin Margiela een handtas liet maken bij het Brusselse huis. 

In 1983 ontmoette de toenmalige CEO van Delvaux de toen 26-jarige Margiela: hij was bezig met zijn afstudeercollectie voor de Antwerpse Modeacademie en had hulp nodig bij het maken van een zwarte, uitrolbare tas met gespsluiting. ‘Van die tas bestaan er wereldwijd maar twee exemplaren’, zegt Loubier. ‘Een bevindt zich in het archief van Maison Margiela, de andere staat in ons museum.’ 

De connectie met de Antwerpse Modeacademie zou ook na Margiela overeind blijven: behalve Branquinho ontwierpen ook Bruno Pieters en tassendesigner Niels Peeraer voor het huis.

3. Delvaux steekt België naar de kroon.

Als huwelijkscadeau voor - toen nog - prins Albert en Paola in 1959 ontwierp Delvaux een zwarte alligator­lederen tas: Mon Grand Bonheur. ©Delvaux

Delvaux werd opgericht in 1829, een jaar voor de scheiding tussen Nederland en België officieel werd erkend. In 1883 duidde koningin Marie-Henriette, of mevrouw Leopold II, Delvaux per brief aan als hofleverancier. Het huis kreeg die eer tot 1898, waarna het negen jaar hofleverancier af was. 

In 1907 verwierf Delvaux opnieuw de titel en behield die tot 1914. Daarna volgde een lange periode waarin het koningshuis af en toe klant was, maar het Brusselse merk geen officiële link meer had met het hof. Iets wat Delvaux niet tegenhield om eind 1940 een kroon in zijn logo en binnenvoering te verwerken. 

In 1964 werd de relatie hernieuwd, nadat Delvaux in 1959 zijn meest befaamde royaltymoment beleefde: het ontwierp als huwelijkscadeau een zwarte alligatorlederen tas voor de toenmalige prinses Paola, genaamd ‘Mon Grand Bonheur’. Het model ging daarna ook in productie. De relatie met het koningshuis is sindsdien solide. 

4. Chinees, maar niet made in China. 

Het Delvaux-atelier in Brussel. ©Delvaux

Toen het Belgische kroonjuweel in 2011 in Chinese handen kwam, werd het ergste gevreesd. Toch werd het atelier in Vietnam vrijwel meteen ontmanteld. ‘Ons productieproces draait om knowhow en traditie, ook onze Aziatische klanten vinden dat belangrijk’, legt Loubier uit. ‘Het Vietnamese atelier had geen plaats in dat verhaal.’ De Belgische en Franse werkplaatsen bleven wel bestaan.

Sinds begin dit jaar kwam daar ook een nieuw atelier bij in het Franse Avoudrey. In totaal werken er nu 220 ambachtslui voor het huis. 

5. Elf uur voor één Brillant.

De Brillant, ontworpen voor de wereldtentoonstelling in 1958. ©Delvaux

De Brillant werd speciaal voor de wereldtentoonstelling van 1958 ontworpen, toen Delvaux ook de hostessen van de Expo 58 van een kleine zwarte handtas voorzag (voor alle duidelijkheid: géén Brillant). De Brillant bestaat uit 64 stukken metaal en leder en wordt met de hand gemaakt. Vroeger duurde het 8 uur om de tas te produceren, sinds de herlancering is het ontwerp nog ingewikkelder geworden en neemt de fabricage 3 uur langer in beslag. 

Video’s in het museum tonen de verschillende stappen van het productieproces. Het leder dat vroeger manueel werd uitgesneden, wordt nu met een lasercutter afgelijnd om verspilling tegen te gaan. De lappen leer worden vervolgens binnenstebuiten aan elkaar gestikt. 

Ten slotte nog dit: Delvaux is naar eigen zeggen altijd mee geëvolueerd met de nieuwste tendensen en dus ook met de nieuwste vormen van vervoer. Dus hadden de handtassen midden in de 20ste eeuw een verborgen sluiting: het was Delvaux’ manier om het leven van zakkenrollers die het op trams en bussen op een van hun handtassen hadden gemunt, wat moeilijker te maken.    

Wie het Delvaux-museum wil bezichtigen (Louis Schmidtlaan 7, 1040 Etterbeek) kan een afspraak maken via de website.

Lees verder

Advertentie
Advertentie