sabato

Op boerderijvakantie bij modefamilie Fendi in Italië

Delfina Delettrez, de nieuwe creatief directeur juwelen bij Fendi, voelt zich het meest thuis op het platteland. ©Lea Anouchinsky

Fendi-erfgename Delfina Delettrez op stiletto’s in de modder met een lammetje in haar armen: een geforceerde poging om zich een countrylife-imago aan te meten? Fotoshoots vertellen zelden het hele verhaal, zo blijkt tijdens een bezoek aan de Fendi-farm in Italië.

Delfina Fendi Delettrez heeft hectische maanden achter de rug. Eind vorig jaar werd ze benoemd tot ‘creatief directeur juwelen’ bij het legendarische familiebedrijf. Een maand later lanceerde ze al haar eerste haute-joaillerielijn. Gelukkig vindt ze rust op de familiale boerderij.

Juweelontwerpster Delfina Delettrez – frêle, helemaal opgemaakt – drukt een lammetje tegen haar vermiljoenkleurige, halflange voilejurk uit de nieuwe lente-zomercollectie van Fendi. Op de achtergrond blèrt en roept een honderdkoppige kudde in een ongebreidelde kakofonie. Het beestje lijkt te trillen als een blad, maar Delettrez stelt ons gerust. ‘Dat is normaal voor zo’n lammetje. Het is nog maar een dag oud en moet zijn neuromusculaire systeem nog afstellen.’

Terwijl een paar stylisten zich ontfermen over de andere baby-lammetjes zijn de fotografe en haar assistente druk in de weer met statieven en lampen op deze ongebruikelijke set: een boerderij ten noorden van Rome. Voor de 33-jarige Delettrez, met voorovergebogen hoofd om iets te fluisteren in het oor van het lammetje, lijkt het alsof de rest van de wereld even niet bestaat.

Voor Delettrez is I Casali de plek waar ze de verplichtingen van de werkweek van zich af laat vallen. ©Lea Anouchinsky

Boerderijhotel

We bevinden ons op I Casali del Pino, een voor 100 procent gecertificeerd biologisch landbouwbedrijf dat in 2003 werd opgericht door Ilaria Fendi, de tante van Delfina. Op deze 175 hectare, gelegen in het natuurreservaat Parco di Veio, loopt Delettrez al rond sinds ze een tiener was. Intussen delen Delettrez en haar partner, kunstenaar Nico Vascellari, en haar drie kinderen Casa Cappella, een van de gerestaureerde huizen op het landgoed, met haar moeder Silvia.

We zitten een halve dag voor het vuur. We nemen de tractor en we gaan picknicken.
Delfina Delettrez
Héritière Fendi

De ‘John Deere Gator’ waarmee Delettrez rondrijdt als ze hier is, blijkt het voertuig te zijn waarmee ze destijds leerde rijden. Hier bestaat haar leven uit nieuwe en oude schapen, biodynamische teelt, het maken van kaas en charcuterie,  brandhout sprokkelen, afsluitingen controleren en eindeloze wandelingen maken in de bossen.

De ‘Gator’ waarmee Delettrez rondrijdt als ze hier is, is hetzelfde voertuig waarmee ze destijds leerde rijden. ©Lea Anouchinsky

Tussen Rome en Parijs

Op een dag met niet al te druk verkeer ligt I Casali del Pino op slechts een halfuur rijden van het Colosseum van Rome. Maar het natuurlijke tempo en de seizoensgebonden cycli lijken mijlenver verwijderd van de professionele omgeving waarin Delettrez zich doorgaans beweegt, tussen Rome en Parijs. In Rome werkt ze samen met een atelier met een dertigtal metaal- en edelsteenkunstenaars, en woont ze in een loftachtige flat in Ostiense, een wijk met de allures van Williamsburg. In Parijs heeft ze een pied-à-terre op de Place de Furstenberg.

‘Vanaf de eerste seconde dat ik voet zet op de boerderij, is het alsof mijn lichaam zich helemaal ontspant’, vertelt Delettrez lachend. ‘We zitten hier in een natuurreservaat, dus is alles volledig beschermd. Het lijkt wel alsof je ineens in Toscane bent: van een weg ergens in de voorstad beland je plots in een omgeving met alleen maar velden, dennen, cipressen, varkens en schapen.’ Ilaria Fendi zal me later vertellen dat ze hier bijna duizend varkens hebben, maar ook herten, wilde zwijnen en vossen.

I Casali del Pino is een 175 hectare groot biologisch landbouwbedrijf, te midden van het natuurreservaat Parco di Veio. ©Lea Anouchinsky

Slow living

De Casali zelf was vroeger een ‘borgo’, bewoond door de arbeiders van wat anderhalve eeuw geleden een bloeiende tabaksboerderij was. Het gebouw waarin vandaag het restaurant is ondergebracht dat op zonnige zaterdagen druk wordt bezocht door fancy jonge Romeinen op zoek naar de ‘zero-kilometer cuisine’ (groenten en vlees zijn ter plekke gekweekt) en weidse, open groene ruimten, was het pakhuis waarin de tabak werd gedroogd.

De Casa Cappella was het huis van de eigenaar. Boven de grote, ontheiligde kapel waarin ze wel eens een feestje organiseert, is de vroegere slaapkamer van de pastoor. Je kunt er zowaar nog een hint van wierook opsnuiven. In een andere slaapkamer staan minstens een half dozijn antieke kinderbedden van ijzer en hout. Neefjes en vriendjes van haar kinderen blijven immers geregeld overnachten. ‘Het lijkt wel een ‘dortoir’ voor seizoensarbeiders’, zegt ze. ‘Een beetje surrealistisch, maar prachtig, vind ik.’

'Dit is een van de weinige plekken waar ik helemaal zelf beslis hoe ik mijn tijd invul.'
Delfina Delettrez

De keuken, volledig in keramische tegels, heeft nog altijd de originele open haard.  Het sluimerende vuur van vandaag onderneemt een poging om het vocht op deze kleffe dag uit de lucht te halen.

In covidloze tijden is I Casali del Pino ook een countryhousehotel. De 16 kamers bevinden zich in een drie verdiepingen tellend gebouw, waar destijds de tabaksplukkers sliepen. ‘Mijn dochter vindt het heerlijk om in het hotel te logeren als we hier zijn’, zegt Delettrez. ‘Ze vindt het veel leuker als ze zich hier een gast kan wanen.’

De ‘alimentari’ van de borgo verkoopt de biologische productie van de boerderij: kazen, vleeswaren, gedroogde pasta en sauzen, gemaakt van granen en ter plekke geteelde producten.

In covidloze tijden is I Casali del Pino ook een countryhousehotel. De 16 kamers bevinden zich in een drie verdiepingen tellend bijgebouw. ©Lea Anouchinsky

Inspiratie uit de natuur

Voor Delettrez is I Casali de plek waar ze de verplichtingen van de werkweek van zich af laat vallen, en vervangt door glijdende uren en de natuur. ‘Dit is een van de weinige plekken waar ik helemaal zelf beslis hoe ik mijn tijd invul. We zitten dan een halve dag voor het vuur. Of we trekken eropuit met de tractor, picknicken bij die prachtige rivier daar over de bergkam achter de boerderij. Of we lunchen elke dag in een ander bos.’

Al sinds Delettrez in 2007 haar gelijknamige juwelenlijn oprichtte, vormt de natuur een belangrijk thema in haar collecties. Edelstenen die een kikker vormen op een ring, kleine geëmailleerde rupsen op delicate hangertjes of oorbellen van 18-karaats goud. Honingraat en spinnenweb als motief voor een halsketting.

En neen, het ontbreekt hier niet aan botten of schedels, en andere getuigen die ons eraan herinneren dat we sterfelijk zijn. Haar design heeft ook altijd iets baroks. ‘Het mysterie van die periode trekt me aan’, zegt ze. ‘Ik ben een Romeinse, het hoort bij mijn cultuur.’

De dood, een van de hoofdthema’s van de barok, maar ook de grote evenwichtsbrenger in de natuur, is niet iets waarvoor ze terugdeinst. ‘Ik bracht een deel van mijn jeugd door in Brazilië’, vertelt ze. ‘Ik leerde daar dat de natuur beangstigend kan zijn. De insecten zijn er veel groter, de kleuren zuurder. Als je erover nadenkt, kun je alleen maar vaststellen dat er iets afstotends in de natuur zit, iets gewelddadigs ook. Mijn norm voor wat schoonheid is, verandert voortdurend. Het maakt soms niet uit of iets als mooi of lelijk wordt beschouwd: als het me raakt, als het me dwingt om te reageren, dan is het interessant.’

Voor Delfina Fendi Delettrez is de Fendi-farm haar échte thuis en inspiratiebron. ©Lea Anouchinsky

Haute joaillerie

Eind vorig jaar maakte Delettrez een belangrijke professionele switch. Kim Jones, de nieuwe artistiek directeur voor couture en damesmode bij Fendi, kondigde toen aan dat Delettrez zijn team zou versterken als creatief directeur voor de juwelen. Als was het niet de eerste keer dat ze voor het ‘familiebedrijf’ aan de slag was. In 2016 werkte ze al eens mee aan een horlogecollectie.

Haar eerste creaties waren te zien tijdens de haute-coutureshow op 27 januari, een mijlpaal in de geschiedenis van het huis. Het was niet alleen de eerste coutureshow van Kim Jones voor Fendi. Het was ook Fendi’s entree op de januari-couturekalender. Tot dan showde het huis alleen in juni, en niet in januari.

Voor Delettrez staat ‘haute joaillerie’ voor een gevoel van ‘totale vrijheid, zonder de beperkingen van de serieproductie. Eigenlijk ben je kunstwerkjes aan het maken. Experimenteren en kunst zijn de belangrijkste dingen, in die volgorde.’

Als lid van de Fendi-clan heeft de geprivilegieerde toegang tot niet alleen het archief van het bedrijf, ze leeft er als het ware in. ‘Ik heb het geluk dat ik zo in de dressings van mijn moeder en grootmoeder kan binnenlopen om inspiratie op te doen.’

‘Ja, ik heb nauw samengewerkt met Jones. In de collectie komen onze twee culturen samen. Het Engeland van Virginia Woolf, de Bloomsbury-esthetiek, de passies van Kim, en mijn Rome. Er was één beeld uit het boek ‘Orlando’ van Woolf dat me bijzonder trof: van een Russische prinses die een parelsnoer op haar hoofd draagt in plaats van om haar nek, een persoonlijke, eclectische keuze. Dat was het vertrekpunt voor deze collectie.’

Delfina Delettrez ervaart de conventies in de juwelierskunst niet als een beperking. En doordat ze geen formele opleiding kreeg, is ze ongedwongener in haar materiaalkeuze, behandelingen, combinaties en ideeën. In haar verlovingsring zit bijvoorbeeld een diamanten band onder een andere van massief metaal. Neus- en oorringen tooit ze met edelstenen.

Ook voor Fendi experimenteerde ze met materialen. Rome wordt opgeroepen in de zwaarheid van marmer, maar de ‘steen’ is in werkelijkheid van muranoglas, in sommige gevallen bekleed met hars – een technische innovatie en creatieve afwijking ineen. ‘Ik wilde die lichtheid verenigen met een marmereffect, om marmeren objecten te maken die zich laten inspireren door de marmeren beeldhouwkunst, maar eigenlijk van glas zijn.’

Karl Lagerfeld

Tussen haar verblijven in Venetië door, waar ze de productie van de juwelen opvolgt, werkte Delettrez de voorbije maanden samen met haar broer Giulio Cesare. Om ‘Villa Laetitia’, dat andere familiehotel, langs de Tiber in Rome, een tweede leven te bezorgen.

Door de ligging vlak bij het historische centrum, de charme van het Liberty-interieur en het ouderwetse restaurant is Villa Laetitia voor een grote schare diehard fans in de modewereld dé favoriete logeerplek in de Italiaanse hoofdstad. Elke kamer is uniek en draagt de naam van een familielid of een Fendi-medewerker.

‘Eigenlijk heeft het veel weg van mensen entertainen in je eigen huis’, zegt Delettrez over de Villa. ‘Onze klanten kennen ons en wij kennen hen. Sommigen willen altijd dezelfde kamer. Een brengt bijvoorbeeld hulde aan Karl Lagerfeld: je vindt er zelfs originele schetsen van hem.’

Op tafel komen schapen- en geitenkazen, en pikante salami: allemaal producten die de familie Fendi hier zelf maakt. ©Lea Anouchinsky

Biologische landbouw

Voor de lunch vergezelt Ilaria Fendi ons in Casa Cappella. Delettrez, intussen al lang niet meer in haar Fendi-outfit, maar in een oude broek en Wellington-laarzen, zet schalen op tafel met schapen- en geitenkazen, en pikante salami: allemaal producten die daar aan de andere kant van het gazon worden gemaakt. Dan volgt pasta all’amatriciana met sappige blokjes varkenswang.

Daarna hebben tante en nicht het over de ontberingen die komen kijken bij het runnen van een boerderij die voldoet aan de strenge Italiaanse criteria voor biologische landbouw en veeteelt. De jarenlange strijd die ze voerden om het allemaal gecertificeerd te krijgen. Terwijl Fendi tegen de schoorsteenmantel leunt, zit Delettrez op de stenen richel ervoor, de armen om haar knieën.

Ilaria Fendi wist in 2003 niets af van de boerenstiel en leerde het allemaal al doende. De dames vertellen over de geschiedenis van de streek, over hoe het hier 4000 jaar voor de komst van de boerderij was. Over de Piazza D’Armi in de stad Veii, waar de Romeinen de plaatselijke Etruskische bevolking versloegen. Het ligt allemaal op loopafstand van het huis. Het hele gebied is een architectonische goudmijn, volgens Delettrez des te beter bewaard omdat het allemaal relatief onbekend is. ‘Ik denk dat wij, de familie dus, ons een beetje de beschermers van deze plek voelen.’

I Casali Del Pino, Via Giacomo Andreassi 30, Rome, Italië. Op het domein zijn ook 16 gastenkamers en een restaurant.
Villa Laetitia, Lungotevere delle Armi 22/23, Rome.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie