sabato

Eindelijk, met de hogesnelheidstrein langs de zijderoute in Oezbekistan

De Kalyanminaret: het enige stukje van Buchara dat de Mongoolse heerser Dzjengis Khan overeind liet toen hij de stad in 1220 plunderde. ©UIG via Getty Images

Vergeet de eindeloze tocht op de rug van een kameel. Vergeet de putten en het stof tijdens de lange autorit. Voortaan brengt de Afrosiyob- hogesnelheidstrein de legendarische steden Samarkand en Buchara binnen bereik. Voor een verlengd weekend Oezbekistan. Eindelijk.

'Duivelswagen! Zo noemden de Oezbeken decennialang de trein. Dat had niets met het vervoermiddel zelf te maken. Wél met de Russen, die in 1895 op Oezbeekse bodem de Trans-Kaspische spoorweg hadden aangelegd. Die spoorverbinding werd voor de Russen cruciaal om Centraal-Azië te veroveren, maar de Oezbeken waren de Russische annexeerders - en dus ook hun 'duivelswagens' - liever kwijt dan rijk.

Of het nu per kameel of later per auto was, de tocht van de Oezbeekse hoofdstad Tashkent naar Samarkand was altijd een tijdrovende onderneming. Daar komt nu verandering in. ©ullstein bild via Getty Images

Gelukkig zijn de Oezbeken, die in 1991 weer onafhankelijk werden, intussen bijgedraaid, toch wat treinen betreft. Terwijl Oezbekistan tot voor kort nog synoniem was met 'far away' moskeeën, kamelen en woestijnen - een land waar je wel al van gehoord had, maar dat simpelweg onbereikbaar was - is het sinds de dood van dictator Islam Karimov in 2016 wel degelijk de 21ste eeuw binnengetreden.

Met een soepeler visumprocedure voor westerse toeristen. En met de Afrosiyob-hogesnelheidstrein, die vandaag al de Oezbeekse hoofdstad Tashkent in een paar uur verbindt met Samarkand en Buchara, steden op de zijderoute vol intrigerende mozaïeken en glimmende blauwe koepels, getuigen van het bloeiende verleden van dit Centraal-Aziatische land.

Volgend jaar wordt ook Khiva op het hogesnelheidsnet aangesloten, waardoor de steden van de zijderoute helemaal aantrekkelijk worden voor een iets langere citytrip.

Post-Sovjetstad

Dat Tashkent een Sovjetverleden heeft, merk je nog altijd aan de monumentale brutalistische gebouwen, zoals het stoïcijnse Hotel Oezbekistan. Toch is de opgeruimde hoofdstad van Oezbekistan veel levenslustiger dan je van een post-Sovjetstad verwacht. Iets wat in belangrijke mate te danken is aan het woestijnklimaat, dat hier bijna elke dag blauwe hemels tevoorschijn tovert.

Ook op de wegen van de hoofdstad is de Sovjetrigiditeit niet echt meer te vinden: in de 24 uur dat we er verblijven, zijn we getuige van maar liefst twee zware auto-ongevallen...

Gelukkig moeten we ons daar aan boord van de Afrosiyob geen zorgen over maken. Tegen 210 kilometer per uur verruilen we Tashkent al snel voor een stoffige woestijn waarin het landschap zich af en toe laat opschrikken door verlaten dorpjes en tractoren met drie wielen.

De Afrosiyob-hst brengt de legendarische Oezbeekse stad Samarkand binnen bereik. ©UIG via Getty Images

We hebben een kaartje in business gekocht, een van de drie klassen op deze trein, naast vip en economy. Onze coupé is ruim en comfortabel, met grote ramen die het zanderige landschap in breedbeeld naar binnen brengen. Maar ook in economy zijn de rijtuigen ruim, mét airconditioning en een snackbar waar je thee en koekjes kan kopen.

Plov, het nationale gerecht van Oezbekistan: vlees en groenten die urenlang met engelengeduld zijn gestoofd met kruiden, gedroogd fruit en rijst. ©rv

Niet voor ons, echter. Wij hadden eerder op de dag, aan een kraampje in de hoofdstad, al 'plov' besteld, het nationale gerecht van Oezbekistan: vlees en groenten die urenlang met engelengeduld zijn gestoofd met kruiden, gedroogd fruit en rijst. Een caloriebom, maar wel zeer lekker.

Draaikolk van goud

Registan, in Samarkand, was altijd al een van de hoogtepunten op de zijderoute. Voor ons is het de eerste stop. Het grote plein hier laat zich omzomen door drie 'madrassa's'. Een van die moslimscholen is gebouwd in de 15de eeuw, de twee andere stammen van de 17de eeuw. De imposante portieken prikkelen de verbeelding. Overal in de hoeken duiken minaretten en koepels op.

Oezbekistan was lange tijd een land waar je wel al van gehoord had, maar dat simpelweg onbereikbaar was. De hogesnelheidstrein maakt daaraan een einde.

Nog interessanter zijn de mozaïeken in de Sher Dor-madrassa: die tonen afbeeldingen van dieren, iets wat doorgaans verboden is in de islamitische architectuur. Welke beesten er precies staan afgebeeld aan beide kanten van de top van de boog, is moeilijk uit te maken. Het lijkt een vreemde kruising van een leeuw en een tijger.

De meeste historische moskeeën en madrassa's werden in het Sovjettijdperk geseculariseerd. Als bezoeker kan je er dus zonder enige beperking rondlopen. De binnenkant van sommige bogen oogt ronduit spectaculair: versierd met trosjes stucwerk, geschilderd in helder blauw, groen en wit.

Het meest onder de indruk raak je van de binnenste koepel van de Tilla Kari-madrassa. Als je omhoogkijkt naar de concentrische cirkels van delicate bladeren en bloemen voelt het plots alsof je naar boven wordt gezogen in een betoverende draaikolk van goud.

Korancafés

De historische necropolis van Shah-i-Zinda. ©rv

Je kunt het je moeilijk voorstellen, maar deze ooit heilige gebouwen, waar jonge geleerden in volstrekte eenzaamheid de koranverzen uit het hoofd leerden, zitten nu volgepropt met kraampjes en cafés. Misschien is het wel dat cohabiteren van het heilige en het alledaagse dat deze plek zo'n unieke sfeer bezorgt.

In een van de kleine cafeetjes, ingericht in wat ooit een studentenkamer was, drinken we hete zwarte thee, terwijl iets verderop een paar souvenirverkopers vette soep slurpen en met vlees gevulde gebakjes eten - 'somsa' noemen ze die hier.

De oogverblindend mooie, blauwe mozaïeken in de mausoleums van Shah-i-Zinda. ©rv

Vlakbij bevindt zich ook Shah-i-Zinda, een necropolis op een heuvel. Het eerste mausoleum werd hier duizend jaar geleden gebouwd. De portieken hebben nog meer oogverblindende, blauwe mozaïeken.

Zonder make-up

De volgende dag zetten we onze treinreis voort, op naar Buchara. Deze lijn, 256 kilometer lang, werd in 2016 geopend en verkortte de reistijd tot anderhalf uur - de volledige reis van 600 kilometer, van Tashkent naar Buchara, duurt nu bijna drieënhalf uur.

Onder het Sovjetbewind werden de moskeeën en madrassa's in de oude stad gesloten. Omgebouwd tot kantoren en magazijnen, en dus vaak vergeten. Daardoor is het oude stadsgedeelte ook goed bewaard gebleven. De kamelen zijn vervangen door fietsen en veel kraamhouders mikken nu op de toerist in plaats van de karavaanvoerders. Maar het geheel van smalle straatjes, lommerrijke winkeltjes en glimmende koepels heeft nog altijd iets tijdloos.

In de winkeltjes vind je verrassende hoeden, versierd met bont en zelfs harige staarten. Maar ook fijn geweven tapijten, felkleurige borden, kommen en schotels, of beschilderd zijdepapier.

Een paar hoeken verderop botsen we totaal onverwacht op de intrigerende Kalyanminaret: naar verluidt het enige stukje van Buchara dat de Mongoolse krijgsheer Dzjengis Khan overeind liet toen hij de stad in 1220 plunderde. De minaret is 48 meter hoog en tot ver in de woestijn te zien. Helemaal boven, na zowat honderd trappen, zijn er 16 ramen van waaruit evenveel muezzins vijf keer per dag met hun gezangen opriepen tot het gebed.

De minaret is verrassend zuinig versierd, met hooguit wat metselwerk - Dzjengis Khan noemde de toren een mooie vrouw die geen make-up nodig heeft. De Kalyanmoskee en de Mir-i-Arab-madrassa ernaast zijn dan weer weelderig versierd, met gedetailleerde mozaïeken. Als we binnengaan, zijn we er helemaal alleen.

Stalin

Een souvenirwinkeltje in Registan, Samarkand. ©rv

In de vroegere handelsstad wonen nog altijd heel wat kunstenaars. Veel souvenirs die je in de winkeltjes vindt, worden hier in Buchara gemaakt. In de kleine werkplaatsen kan je de ambachtslui bezig zien, als je je hoofd even binnen steekt.

Zoals de familiezaak van Iskandar Khakimov, waar ze poppen van papier-maché maken. In de tijd van de Sovjets werden de klassieke ambachten hier ontmoedigd, want Stalin maakte van Oezbekistan het centrum van de katoenproductie, zodat er werkvolk nodig was om te irrigeren, te plannen en te oogsten. Maar de mensen bleven hun ambacht achter gesloten deuren bedrijven, en konden het zo overleveren aan de volgende generaties, die er vandaag nog altijd mee bezig zijn.

In een ander Buchara dan destijds weliswaar: amper twaalf jaar geleden waren hier iets meer dan vijftig hotels. Nu zijn het er minstens drie keer zoveel. Soms lijkt Buchara nog altijd een vergeten stad, maar iets zegt ons dat dat niet lang meer zal duren.

©rv

Vanuit Brussel vlieg je naar Tashkent via, onder meer, een tussenstop in de Britse hoofdstad Londen of de Turkse hoofdstad Istanbul. Er vertrekken elke dag zeven treinen van Tashkent richting Samarkand en zes in de omgekeerde richting. Wie in het station een hst-ticket koopt voor het traject Tashkent-Samarkand betaalt 87.917 som (9 euro) in vipklasse, 63.650 som (6 euro) in businessclass en 45.363 som (4 euro) in economy class. 


Lees verder

Advertentie
Advertentie