sabato

Expeditie Groenlandia: met een luxezeiljacht naar de wildernis rond de poolcirkel

Groenland heeft de oudste rotsen op aarde: tot 3,6 miljard jaar oud. Ter vergelijking: in Europa zijn ze hoogstens 700 miljoen jaar oud. ©Thomas De Boever

Wat gebeurt er als een zakenman zijn luxezeiljacht uitleent aan twee dertigers met een passie voor Groenland? Welkom aan boord, voor een twaalfdaagse expeditie waar de zon geen enkele keer ondergaat, je plekken aandoet waar nog nooit een mens is geweest en 'river dance' geen dansje, maar een manier van overleven is.

'Als dit lukt, hoef je je geen zorgen te maken - dénk ik', zegt Willem Vandoorne (30) tijdens een eerste wandeltocht van 20 kilometer. We zijn in de vallei rond Sisimiut, een kleurrijk stadje van 5.000 inwoners - het grootste van Groenland - waar een klein passagiersvliegtuigje ons vanuit Kangerlussuaq dropte. Enkele kilometers volgen we de Arctic Circle Trail. Ook die komt uit Kangerlussuaq en vergt zeven tot tien dagen stappen. Maar het grootste deel van de dag trekken we langs onbestaande paden, waarbij geregeld wat 'bushbashing' komt kijken. In de bergen zien we de meest sneeuwrijke winter sinds 1961 wegsmelten. De toendra is er zompig. Bloemen ontluiken. Muggen beginnen te zoemen. Drinken doen we van helder kabbelend maar ijskoud water, waar we noodgedwongen ook op blote voeten doorheen waden. Het wordt algauw lastig, maar een arend fleurt ons weer op. 'Ook voor mij is dit onbekend gebied', lacht Vandoorne.

In de zeemist doemen de contouren van The Moonlight II of London op: het zeiljacht dat de komende twee weken ons basiskamp zal zijn en van waaruit Sofie Vanmaele (34) uit Knokke en de Gentse geoloog Vandoorne Groenland attaqueren. Onze kamer is aangekleed in wit leder, geel suède en sfeervol hout. Behalve een journalist en een fotograaf zijn er nog zes gasten aan boord voor deze testvaart.

'IJsbeer! Bakboord!'
De volgende dag vertrekken we voor een 'sea voyage' van 150 mijl die 36 uur zal duren. Bestemming is Disko-eiland ofwel Qeqertarsuaq. Kapitein Bruno Flamant (63) en de schippers Rob Leye (28) en Jan Martinus Stalmans (32) varen in shifts van vier uur. Op 12 mei vertrokken ze met het schip vanuit Zeebrugge. Rond deze tijd keren ze terug.

Concentratie is vereist: de boot houdt zelf haar koers aan, maar ontwijkt geen ijsschotsen. Omdat er nul knopen wind staat, varen Flamant en Leye op de motor. Het is middernacht en bij 5 °C zitten we vooraan op het dek. Behalve het zachte gezoem van onze boot en het kalme, klotsende water is het stil. Desolaat, ook. En licht. Twee weken lang zal de zon niet ondergaan. Hier moet je je wekker zetten om te gaan slapen. Maar dat doen we niet, want algauw zien we een ijsberg naderen. 'De eerste is altijd speciaal', zegt Vandoorne. Twee uur later varen we langs een grillig gevormde sculptuur die even groot is als onze boot van 98 voet. Duizenden exemplaren zullen volgen.

De volgende dag is Disko-eiland al vanaf 60 mijl te zien. De lucht is helder hier, het licht fel. 'Je weet toch wat zeilen is?', antwoordt Flamant op mijn vraag of dat gepland was, de hele reis op de motor varen. 'Zeilen is de traagste manier om daar te komen waar je niet wil zijn. Afgelopen nacht hebben we even de twee voorzeilen uitgezet. We haalden 25 knopen.'

Kilometerslange trektochten maken deel uit van deze Groenland-reis. En neen, er zit niet één makkelijke bij. ©Thomas De Boever

Het is alweer middernacht wanneer Disko-eiland voor ons ligt, op nog een dik uur varen. Op het dek weerklinkt Marvin Gay uit de luidsprekers. We zien een kolonie zeehonden. Sofie Vanmaele is high van zoveel magie. Hiervoor doet ze het.

'Een ijsbeer op de ijsberg aan bakboord!', klinkt het plots van aan het roer. Iedereen stormt naar het dek. Traag vaart de kapitein rond de ijsmassa. We strekken onze halzen. Bijna zijn we er helemaal rond. Nu moet hij wel tevoorschijn komen. Maar op onverklaarbare wijze blijkt het beest verdwenen. 'Ze kunnen twee meter hoog uit het water springen!', zegt iemand. 'En aan boord klimmen!', weet een ander.

Geweer te koop
'De gelijknamige hoofdplaats van het eiland Qeqertarsuaq is met 850 inwoners de veertiende gemeenschap in Groenland. Aan het strand spotten we een eerste walvis. Liefst een halfuur lang volgen we het gigantische dier.

Plots weerklinkt een beangstigend gekraak en gedonder, waarna een brok in het water knalt en ons bootje aan het deinen gaat.

Daarna komt de briefing voor de eerste tweedaagse wandeltocht. Op tafel liggen twee geweren. 'Gekocht in Nuuk', zegt Vandoorne. 'Dat kan hier gewoon in de supermarkt. Een licentie is niet nodig.' Hij en Vanmaele leerden vooraf schieten. 'Zodra het ijs smelt, trekken de ijsberen noordelijker', legt hij uit. 'De kans dat we er hier een zien, is één op duizend, en vervolgens zowat één op honderd dat hij agressief wordt. Maar veiligheid boven alles.' Alleen de Inuit mogen jaarlijks een zeer beperkt aantal ijsberen doden voor consumptie. En volgens de traditie mag degene die het dier het eerst zag over het vlees beschikken, niet wie het neerlegt.

Twaalf graden is zacht voor de tijd van het jaar, maar het weer kan hier snel omslaan. Vrijwel meteen zijn we getuige van een surrealistisch tafereel: een regionaal voetbaltoernooi, op felgroen kunstgras. Dit moet zowat het mooiste voetbalstadion ter wereld zijn, tegen een achtergrond van bergen aan de ene kant, en aan de andere ijsbergen in zee, waarin walvissen springen en sproeien. Ilulissat speelt tegen Nuuk. De bekers staan klaar. Er zijn ook damesploegen.

Al na twee kilometer verlaten we de verharde paden en komen terecht in de moerassige Blaesedalen-vallei. 'Marsh Mellow Valley' lacht een van onze medereizigers. Het moeras stapt verdomd moeilijk. Amper drie weken geleden lag hier nog een dik pak sneeuw. 'De begroeiing is moeilijk voorspelbaar en heuvels zijn op satellietbeelden niet zichtbaar', zegt Vandoorne. Hij gebruikt Google Earth ter voorbereiding, maar dat heeft zijn beperkingen, net als de beschikbare kaarten. Er komt ook flink wat klimmen en dalen bij kijken, en riviertjes die niet op de kaarten staan. Om ze over te steken zijn er trucs: een 'river dance' bijvoorbeeld. Met z'n tienen vormen we een kring, zodat de sterke, ijskoude stroming ons niet aan het vallen brengt. 'Waarom doe ik dit?', loop ik algauw te denken. 'Om het te hebben meegemaakt, de wildernis en de schoonheid', luidt het antwoord aan mezelf. Ze is onovertroffen. Op een plaats zonder naam, midden in de nog besneeuwde plateaus en vlak bij een tien meter hoge waterval zetten we de tent op. 's Nachts houden we om beurten anderhalf uur 'berenwacht'.

Gezichtsbedrog
Na het ontbijt en een nieuwe koude 'river dance' leert de geoloog ons naar de natuur kijken. Groenland heeft de alleroudste rotsen op aarde: tot 3,6 miljard jaar oud - in Europa zijn ze hoogstens 700 miljoen jaar oud. Maar Disko-eiland is pas 45 tot 50 miljoen jaar jong en heeft een totaal ander landschap dan de rest van de westkust. Aan een waterval van twintig, dertig meter hoog zien we zuilen van basalt. Aan de andere kant tientallen zichtbare lavalagen. Een ronduit uniek landschap.

Onze laatste afdaling loopt langs idyllische vergezichten, in volle zon. En we zien het doel: onze boot. Maar niet zonder een flinke portie gezichtsbedrog. Hoewel hij vlakbij lijkt, zullen we nog ruim twee uur onderweg zijn. Uitgeput stappen we aan boord, na negen uur en 18 kilometer over lastig terrein. Over de twee dagen een tocht van 28 kilometer. Er was niet één makkelijke bij.

Haaien voor de honden
Disko-eiland is ruim 8.500 km² groot en behalve Qeqertarsuaq is Diskofjord er het enige bewoonde dorp. Zodra een dorp in Groenland minder dan vijftig mensen telt, vallen de Deense subsidies weg. Doorgaans verhuizen de bewoners dan en is de gemeenschap ten dode opgeschreven. Je zal maar de vijftigste zijn en weg willen, bedenk ik.

Nadat we met de zodiac aan land zijn gegaan, lopen we langs een dertigtal huizen, sneeuwscooters, een paar generatoren en een benzinetank, maar er is geen levende ziel te bespeuren. De was hangt wel op, net als repen vers versneden, drogend vlees. Sleehonden hangen aan de ketting, naast hoopjes vis.

De ijsfjord van 40 kilometer lang en 7 kilometer breed maakt Ilulissat tot Unesco-werelderfgoed. ©Thomas De Boever

'Het vlees is van een haai.' Na een kwartier komt een vrouw aangewandeld, aan haar hand een jongetje. In goed Engels vertelt Margarethe Lukassen (38) dat er nog zeventig bewoners waren toen ze hier in 1989 kwam wonen. Nu resten er 19. Vooral vissers op rust. De meeste jonge mensen zijn weggegaan. Het visverwerkend bedrijfje werd gesloten. Net als de school: er waren nog twee leerlingen. En zij was de lerares. Overmorgen verhuist ze met haar man en drie kinderen naar Qeqertarsuaq. Dan blijven dus 14 zielen over. Verrassend genoeg komen er in de zomer nogal wat toeristen naar Diskofjord, net als Groenlanders met vakantie. 'Ook wij blijven komen', zegt Margarethe. 'En als het kan, keer ik over dertig jaar terug, voor mijn oude dag.'

'Het haaienvlees is voor de honden', zegt ze nog. 'Wij eten dat niet, Oost-Groenlanders wel.' Ze loopt naar binnen en brengt gerookte kabeljauw en narwal mee. De walvis met de gigantische vooruitstekende slagtand werd vorige winter een week lang gedroogd. Het vlees is gitzwart, kurkdroog, beenhard. 'Makkelijk een jaar houdbaar.'

Onderweg naar het zeiljacht laten we alles bezinken. De kabeljauw ruikt zalig. Hij is lekker vettig en zacht, maar met beet, en heeft een intense, diepe maar niet agressieve, licht zoete rooksmaak. Dit kan tellen als delicatesse. De droge narwal is minder fijn. Krachtig, meer vleesachtig, met een bloedsmaak. Survivalfood waar je al kauwend de smaak uitperst. Later tijdens onze reis zullen we ook lekkere zeehond proeven. Net als muskusos, walvis en rendier.

Huilen in de nacht
'Professor Louis Beyens is de schuldige', zegt Vandoorne. 'Elk jaar nam hij enkele studenten van de Universiteit Antwerpen mee naar Spitsbergen. In 2005 deed hij dat ook met scholieren van het middelbaar, om wetenschappelijke richtingen te promoten. Ik was een van de gelukkigen die mee mochten. Mijn wanderlust was gewekt.'

Twee jaar later stak hij zelf als twintigjarige in zijn eentje de Pyreneeën over. Later ontwikkelde hij een grote liefde voor het Noorden. Nadat hij in 2012 vier maanden door Noorwegen was getrokken, hield hij zijn doctoraat voor bekeken. Drie maanden lang doorkruiste hij Nieuw-Zeeland, vorig jaar stapte hij voor de tweede keer ruim een maand alleen door Zuidwest-Groenland. 'De mooiste plek die ik ooit zag. Ik vertrok met een rugzak van 33 kilogram, onder meer een tent van 700 gram, een opblaasbaar rubberbootje en 20 kilogram voedsel. Ik liep langs rendiersporen: zij volgen rivieren. Veel bergen hebben nog geen namen. Als je als eerste op de top staat, kan je die zelf benoemen, via een officiële procedure bij de Deense overheid. Zo heb ik er een 'The Garden of Eden' gedoopt, een andere 'Stegosaurus'. Als kind was ik - behalve van atlassen - bezeten van dinosaurussen. Ik vond ook graven, wellicht van de Vikings. Ik zag rendieren, konijnen, vossen, muskusossen. En vanaf eind augustus natuurlijk het fantastische noorderlicht.

Onderweg gistte het idee dat tot het bedrijfje Puffins zou leiden. Vanmaele en Vandoorne hadden elkaar in 2015 ontmoet als begeleiders van trips bij Hiking Advisor. Zij had eerder al twee keer drie maanden door Noorwegen gefietst en een tiental groepen begeleid op trektochten door Scandinavië. Vervolgens ruilde ze haar carrière als internationaal onderhandelaar bij de Vlaamse overheid in voor een job bij een reisorganisatie. Ook zij trok vorig jaar naar Groenland.

Papegaaiduiker
Toen de West-Vlaamse zakenman Jan Vandamme zijn luxezeiljacht voor een prijsje ter beschikking stelde, zetten ze hun gedeelde droom om in realiteit. Met dank aan de crew, die tijdens dit testjaar vrijwillig werkte. 'Puffins of papegaaiduikers zijn grappige vogels die vliegen, zwemmen en duiken, en broeden op moeilijk bereikbare locaties en op kliffen langs de kust', zo legt Vanmaele de spirit uit. 'De rest van het jaar reizen ze rond op zee, maar ze keren altijd terug naar dezelfde kolonie en partner. Ze flirten met de grens van bedreigde diersoort.'

Slechts acht gasten kunnen mee naar plekken waar geen mens ooit kwam, langs onbestaande paden en door landschappen van wereldklasse.

'We trekken diep de onontgonnen wildernis in en komen op plaatsen waar wellicht nog geen mens is geweest', zegt Vandoorne. 'Groenland is vier keer zo groot als Frankrijk en er leven 55.000 mensen: minder dan er op de wei van Werchter staan. Vergeleken met Schotland en Noorwegen is het weer vaak mooi. De landschappen zijn van wereldklasse en door de kleinschaligheid stellen de Inuit zich toegankelijk voor ons op. Hun cultuur schippert tussen traditionele jacht en visvangst en moderniteit.'

Naarmate we Ilulissat naderen, groeien de ijsbergen uit tot paleizen en mammoettankers. De ijsfjord van 40 kilometer lang en 7 kilometer breed maakt Ilulissat tot Unesco-werelderfgoed. Hier komen de duizenden brokken ijs vandaan die we al die tijd zagen. Dobberend zoeken ze hun weg naar zee, waar ze langzaam smelten.

De schijnbaar eindeloze landschappen rond de inheemse dorpen van Groenland verdwijnen razendsnel. Hetzelfde geldt voor de manier van leven van de Inuit, de oorspronkelijke bewoners. ©Thomas De Boever

's Avonds varen we met de zodiac tussen de prachtige mastodonten, in een felle zon. Liefst 90 procent ervan bevindt zich onder water, tot wel honderd meter diep. Het leven is een ijsberg, laat ik me ontvallen. In een inham ontwaren we een ijskapel. Verderop zien we een spontaan ontstaan watervalletje. En een berg met een intense groene schijn. Plots weerklinkt een beangstigend gekraak en gedonder, waarna een brok in het water knalt en ons bootje aan het deinen gaat.

Na een halfuur in de zodiac gaan we vooraan op ons schip verder zitten kijken. 'Om ijsbergen te bewonderen is dit de mooiste plek in het noordelijk halfrond', zegt Vandoorne. 'Hij doelt op de lage zon en het licht vanavond; de windstilte en het rimpelloze wateroppervlak; de sneeuwbuien die we in de verte zien vallen; de strepen in de wolken, die voortdurend veranderen en schakeren tussen grijs, blauw, geel, paars; het ijs dat we horen scheuren, breken, vallen.

We drinken een whisky met opgevist ijs dat hoorbaar knispert in ons glas. 'IJs kan tienduizenden jaren oud zijn', weet de geoloog. 'Wat je nu hoort, is de atmosfeer van toen. Is dat niet wonderbaarlijk?'

PRAKTISCH

Expedities? Van juni tot september negen expedities van tien tot twaalf dagen, met eerst middernachtzon en vanaf midden augustus noorderlicht. Prijzen tussen 4.000 en 6.500 euro per persoon. Ook expedities op maat (met bijvoorbeeld de nadruk op de Groenlandse eet- en jachtcultuur) zijn mogelijk. puffins.travel

Ernaartoe? We reisden naar Kopenhagen, dan met Air Greenland naar Kangerlussuaq, vervolgens een binnenlandse vlucht naar Sisimiut. Daar arriveer je in de piepkleine luchthaven, vanwaar je de taxi kunt nemen maar ook gewoon naar de boot kunt wandelen. De terugreis gaat via Ilulissat-Kangerlussuaq-Kopenhagen-Brussel.

Met dank aan Visit Greenland (www.visitgreenland.com) en Air Greenland (www.airgreenland.com)

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie