sabato

's Werelds eerste designhotel krijgt make-over

©Joachim Wichmann

Nu in Kopenhagen het ene na het andere designhotel opent, trekken wij naar de bakermat: 's werelds eerste designerhotel, dat Arne Jacobsen precies 60 jaar geleden in de Deense hoofdstad ontwierp. Het 'verloren' gesamtkunstwerk kreeg zopas een spectaculaire make-over.

Je zag er systeemplafonds, lelijke meubels uit de jaren tachtig en gyproc wanden. Was je tien jaar geleden het SAS Hotel in Kopenhagen binnengewandeld, je geloofde niet dat dit een van de bekendste ontwerpen is van Arne Jacobsen. De originele meubels stonden stof te vergaren in de kelder. De open lobby was opgedeeld in aparte kamertjes, waardoor je zelfs de spectaculaire - schijnbaar zwevende - draaitrap nog amper zag. Zelfs de ramen lekten en dus kreeg 's werelds eerste designhotel ter wereld de weinig lovende bijnaam 'Jacobsens verloren gesamtkunstwerk'. Schandalig, want dit hotel - het enige dat Jacobsen ontwierp - is een icoon. Een intense renovatie van twee jaar heeft de verwaarloosde stakker er nu weer bovenop geholpen. Alle 259 kamers kregen een make-over, net als de lobby, de vergaderzalen en het restaurant Café Royal. Het resultaat is verbluffend.

©Joachim Wichmann

Arne Jacobsen kreeg de opdracht voor het hotel in 1955, op 1 juli 1960 opende het de deuren. Hij liet zich ervoor inspireren door de functionalistische wolkenkrabbers in New York, zoals het Lever House en de Seagram Building van Ludwig Mies van der Rohe. Kijk maar naar de betonnen structuur en de gordijngevel van groenig en grijzig glas. Die laatste verandert continu, hoe strak hij op het eerste gezicht ook oogt. Als hotelgasten het raam van hun kamer openen - dat kan op alle verdiepingen - of het licht aanmaken, ontstaan steeds nieuwe, asymmetrische composities. Toen tijdens de bouw van het hotel ontwerpschetsen verschenen in de krant, schertsten criticasters dat het wel een ponskaart leek.

In het interieur domineren organische, ronde vormen uit de natuur. Een groter contrast met het exterieur is nauwelijks denkbaar. Die tegenstelling tussen binnen en buiten is typisch voor het werk van Arne Jacobsen. Zijn architectuur is gedisciplineerd en recht, zijn meubels zijn sensueel en organisch.

Jacobsen vatte het interieur op als een 'moderne tuin' en koos vooral voor groene tinten. Dat was geen toeval: Jacobsen was een fervent tuinier en werkte tussen 1955 en 1960 ook als landschapsarchitect. In bijna al zijn gebouwen probeerde hij binnen en buiten te blenden. In dit hotel deed hij dat heel letterlijk door een (inmiddels verloren gegane) wintertuin over twee verdiepingen te bouwen waar overvloedig licht via het dak binnenstroomde. Levende planten fungeerden als behangpapier.

Het hotel was bij de opening een regelrecht spektakelstuk. Het begrip luxehotel was tot dan altijd synoniem geweest met rood fluweel en gouden kranen. Ook voor de stad luidde het gebouw een revolutie in. In de Deense hoofdstad mocht je namelijk niet hoger bouwen dan vijf verdiepingen. Deze wolkenkrabber stak er met zijn 70 meter en 22 verdiepingen ver bovenuit. Omdat hij de stad een modern aura gaf, kreeg Jacobsen een uitzondering op die regel.

©Rickard L. Eriksson

Luchthaventerminal
Jacobsen ontwierp het hotel in opdracht van de Scandinavische luchtvaartmaatschappij SAS, die toen net de eerste trans-Atlantische vlucht aanbood. Nog voor het als hotel de deuren opende, fungeerde het gebouw al vanaf januari 1959 als luchthaventerminal. Wie naar Amerika vloog, kwam hier inchecken en zijn bagage afleveren. De hooggehakte en opgedirkte passagiers konden er een cocktail drinken, voor ze met een door Jacobsen ontworpen bus in 20 minuten naar de luchthaven gebracht werden. Daar stapten ze uit op het tarmac en gingen rechtstreeks aan boord van het vliegtuig.

'Die 'jet age' moet fantastisch geweest zijn', zegt Brian Gleeson, de general manager van het hotel. 'Plots kon je naar Amerika vliegen. Dat was uniek en dus moest er ook een speciale plek voor gebouwd worden. Vliegen was echt iets voor de jetset.' Jaren later kwam er op de luchthaven zelf een vertrekhal en vandaag wordt de terminal bij het hotel verhuurd aan onder meer een fitnesscentrum en een supermarkt. Officieel heet het hotel nu het Radisson Collection Royal Hotel Copenhagen, maar iedereen heeft het nog over het SAS Hotel. Hoewel de luchtvaartmaatschappij het hotel in 2009 al verkocht, prijkt die naam ook nog altijd op de gevel - en hij mag daar ook niet van verwijderd worden, want de façade is beschermd.

©Joachim Wichmann

Zwanenzang
Het bijzondere aan dit hotel is dat Jacobsen alles, maar dan ook echt álles ontwierp: van de gevel tot de deurknoppen, van het bestek in het restaurant tot de gordijnen. Wereldberoemd zijn de meubels die hij tekende voor zijn gesamtkunstwerk: de Swan, de Egg en de Drop. Vandaag zijn deze fauteuils en stoelen opnieuw razend populair, maar dat was in de jaren tachtig wel anders. De ster van Jacobsen was getaand, zijn designiconen werden naar de kelder gesleurd wegens ouderwets. 'Nog een geluk dat hier gigantische kelders zijn, anders waren de 'dode' zwanen en eenden misschien in het containerpark geëindigd', vertelt hotelmanager Gleeson.

In de kelder werden tijdens de restauratie ook enkele onbekende of 'vergeten' ontwerpen teruggevonden, zoals de Pot-fauteuil, de Mayor-sofa en de Giraffe-eettafel. Het designlabel Fritz Hansen - dat de meubels al vanaf dag één produceert - brengt de Pot speciaal voor de verjaardag weer in productie.

De verbouwing in de jaren tachtig was desastreus. Alles wat Jacobsen zo kenmerkte, werd eruit geknikkerd. Nog een geluk dat de ontwerper in 1971 was gestorven en de mismeestering dus niet meer hoefde mee te maken. Pas in de jaren 2000 verschenen krantenartikelen die de verpauperde toestand van 'Jacobsen's lost gesamtkunstwerk' aan de kaak stelden. In 2016 besloot Radisson - de Belgisch-Amerikaanse groep die het hotel sinds 1994 uitbaat - om daar iets aan te doen. Het ontwerpbureau Space Copenhagen mocht die eervolle taak op zich nemen. 'Het was de meest intimiderende opdracht ooit voor ons', zegt Peter Bundgaard Rützou van Space Copenhagen. 'Dit modernistisch manifest was nog maar een schim van zijn oorspronkelijke zelf. Het eerste werk was om laag voor laag naar het origineel terug te gaan.'

Geen tijdcapsule
Signe Bindslev Henriksen, de andere helft van het ontwerpbureau, vult aan: 'Hoe mooi we het ontwerp van Jacobsen ook vinden, een museum wilden we er zeker niet van maken. Zestig jaar geleden had reizen iets James Bond-achtigs, het was romantisch en uitsluitend weggelegd voor de happy few. Nu is het iets alledaags en is het voor iedereen bereikbaar. Vroeger werden er geen zaken gedaan op hotel, nu hebben we vooral een publiek van professionals. Daar moet een hotel voor uitgerust zijn. Jacobsen was zelf erg vooruitstrevend. Hij zou niet gewild hebben dat zijn hotel een tijdcapsule werd.'

Het ontwerpersduo liet de originele, nogal formele sfeer los en koos er bewust voor om de verschillende functies te mixen. In de lobby kun je niet alleen inchecken, maar ook een meeting houden of met je verloofde een cocktail drinken. 'Zet twee Eggs van Jacobsen tegen elkaar en je creëert je eigen cocon', zegt Henriksen 'We mengden hedendaagse meubels met de iconen, gaven ze nieuwe kleuren en zo kwam overal de juiste mix tussen een open gevoel en intimiteit tot stand.'
Hotelmanager Brian Gleeson knikt: 'De hotelmarkt in Kopenhagen is behoorlijk verzadigd en er komen nog altijd nieuwe bij, maar ik voel geen hete adem in mijn nek. We bieden dezelfde service als andere vijfsterrenhotels, maar zonder de corporate look. Met design maken we het verschil, en natuurlijk met onze geschiedenis als eerste designhotel en icoon van het Deense modernisme.' In het restaurant Café Royal staat ook een 'Arne Jacobsen Afternoontea' op het menu, met hapjes geïnspireerd op zijn vormentaal en kleurenpalet. Je eet die passend met het roestvrijstalen bestek dat de Deen speciaal ontwierp voor dit hotel.

Blast from the past
Hoe verwoestend de renovatie in de jaren tachtig ook was, in een flits van helderheid besliste de directeur toen om toch één authentieke Jacobsen-kamer te behouden. Uit nostalgie. Deze kamer 606 is legendarisch geworden. Tot een paar jaar geleden kon je haar nog boeken, nu kun je haar alleen bezoeken. Dat is gratis, ook voor niet-hotelgasten, gewoon even vragen aan de conciërge. 'We willen het risico niet lopen dat een gast een glas wijn morst over een van de first-editionmeubels', legt hotelmanager Gleeson uit terwijl hij de deur voor ons openhoudt.

Het is alsof je de filmset van 'Mad Men' binnenstapt. Je waant je echt in een ander tijdperk. Aanvankelijk leek het ons jammer dat ze het hotel niet helemaal naar zijn oude stijl terugbrachten, maar als we in de kamer staan, snappen we waarom dat geen goed idee is. De stijl is te verouderd om nog aantrekkelijk te zijn en om commercieel te werken. 'Er liggen zoals je ziet geen hoofdkussens op de bedden. Die vond Jacobsen lelijk. Hij liet de gasten eerst binnenkomen en pas na vijf minuten kwam de roomservice hun kussens brengen.'

Gleeson blijft maar anekdotes opvissen en ingenieuze vondsten van Jacobsen tonen, zoals het wandlampje dat je over een rail kunt schuiven zodat je op elke plek in de sofa het perfecte licht hebt. 'In elke kamer moest van Jacobsen één witte orchidee staan. In die tijd was dat echt iets heel exotisch. De blauwgrijze tinten van het interieur haalde Jacobsen bij het Deense weer, het groen bij de koperen daken die je zag vanuit deze wolkenkrabber.'

 

Funky Arne
Toen het designlabel Fritz Hansen lucht kreeg van de renovatieplannen klopte het aan bij het hotel. Of ze niks konden doen samen? 'Het hotel behoort tot ons erfgoed. We produceren de meubels die Jacobsen ervoor ontwierp al sinds de late jaren vijftig', vertelt Christian Andresen, designdirecteur bij Fritz Hansen. Uiteindelijk richtte de eigen designstudio van het label vijf suites in, allemaal met een mix van historische en hedendaagse meubels, van Poul Kjaerholm tot Jaime Hayón. 'Mijn favoriet is suite 1106 die ik 'Funky Arne' noem. Oftewel: Jacobsens meubels in een hip kleedje, zoals deze in een paarse discostof van Raf Simons voor Kvadrat. Er is trouwens nog een Belgische link: we werken sinds kort ook samen met de textielproducent Libeco', aldus Andresen.

In de kamers zie je de magie van de grote vensters, voor Jacobsen waren ze een must in een grijs land als Denemarken. Helemaal spectaculair zijn de hoekkamers waar de vensters een panoramisch uitzicht bieden. 'Jacobsen maakte de vensterbanken overal opzettelijk breed genoeg, zodat je erop kunt zitten', zegt Andresen. 'Ze maakten voor hem gewoon deel uit van het interieur.' Dus doe zoals Jacobsen en nestel je even bij het raam. Voor de kussens moet je tegenwoordig niet meer wachten op de roomservice.
Het hotel heeft 260 kamers, waarvan 40 suites. Tweepersoonskamer vanaf 228 euro exclusief ontbijt, 268 euro inclusief ontbijt. www.radissoncollection.com

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content