leading story

‘Ouders twijfelen aan de kwaliteit van scholen. Terecht.'

Wouter Duyck: ‘Meer IQ leidt tot extra bedrijven en meer werkgelegenheid. Zo bak je de taart waarmee je later aan herverdeling kan doen.’ ©Fred Debrock/ID

Achter de controverse over het inschrijvingsbeleid schuilt een alarmerende trend: de onderwijskwaliteit holt achteruit. Daarom reageren ouders hevig als de schoolkeuze wordt beknot, zegt psycholoog Wouter Duyck (UGent). ‘Alsof al die mensen heimwee hebben naar het blanke college.’

De zoon van Wouter Duyck had allemaal zessen op zijn rapport. ‘Zeer goed gewerkt’, had de juf geschreven. ‘Normaal gezien haalt die jongen een acht. Ik heb haar daarop aangesproken. Ze zag het probleem niet.’ Die houding, vindt de hoogleraar aan de Universiteit Gent, ‘is symptomatisch voor de ‘zesjescultuur’ die het onderwijs domineert. ‘Voor mijn kind is die ene zes niet zo’n probleem, ik geef hem thuis wel een bolwassing. Maar voor het zoontje van de Turkse garagist die ook een acht kan halen, maar waar ze thuis tevreden zijn met een zes, is die houding dramatisch.’

De cognitief psycholoog is een van de spitantste stemmen in het onderwijsdebat. Leren leren is zijn domein, zijn stokpaardje is de dalende kwaliteit van het onderwijs. Er is een rechtstreeks verband met de discussie van deze week over het inschrijvingsbeleid, argumenteert hij. Gentse ouders dreigen met een rechtszaak omdat ze hun eerste schoolkeuze niet kregen. Gisteren startten de Vlaamse meerderheidspartijen het politiek overleg op over een nieuw inschrijvingsdecreet. Daarbij ligt vooral de voorrang voor kansengroepen gevoelig. ‘Het capaciteitsgebrek leidt nu tot ongenoegen omdat ouders twijfels hebben over de kwaliteit van sommige scholen. Terecht’, zegt Duyck. ‘De tekorten zijn voorspelbaar en worden elk jaar erger. In Gent zaten vorig jaar 7 van de 18 ASO-scholen vol, vandaag zijn dat er 14.’

Echt plaatsgebrek is er niet. Er is elk jaar voor elk kind een stoel. Ouders willen vooral zeker zijn van een ‘goede’ school.
Wouter Duyck: ‘Nu ga je wel te licht over het mobiliteitsprobleem. Maar ouders hebben inderdaad twijfels over de kwaliteit en dat is niet enkel perceptie. Ze kiezen dus heel bewust voor een school. Bij voldoende plaatsen hebben ze ten minste de illusie dat ze een goede keuze hebben gemaakt.’

‘Gent werkt met een centraal online aanmeldingssysteem. Ik ben daar voor. Dat kamperen is ridicuul en centrale aanmeldingen zijn eerlijker. Maar het leerplichtonderwijs in Vlaanderen kost 120.000 euro per kind. Ik vind dat daar iets tegenover moet staan: keuze en kwaliteit. Daar wringt het schoentje. We weten uit het internationale onderwijsonderzoek PISA dat één Vlaamse school op de zeven een gemiddelde leerling aflevert die elementaire basiskennis ontbreekt. Toch delen die scholen diploma’s uit. Die scholen zijn oververtegenwoordigd in Brussel en in de grote steden. Maar ook in Vlaanderen zijn er onderling grote verschillen.’

Centrale aanmelding en voorrang voor kansengroepen garanderen de sociale mix die juist die verschillen zou moeten wegwerken.
Duyck: ‘Men denkt dat de sociale mix vanzelf komt als we een wit kindje naar een arbeiderswijk sturen en een bruin kindje naar de eliteschool. Maar op die scholen ontstaan aparte groepen die weinig contact hebben met elkaar. Ik zie het bij mijn eigen zoon: er zijn de Turkse Gentse kindjes en er zijn de blanke Gentse kindjes. Je kan dan maatregelen nemen om je geweten te sussen, maar de facto werkt die sociale mix niet. En er is geen draagvlak bij de ouders. Ze zijn gefrustreerd over de voorrangsregels voor kansengroepen in het inschrijvingsbeleid.’

Moet de overheid dan stoppen om die mix af te dwingen?
Duyck: ‘Inzetten op cognitieve ontwikkeling is veel belangrijker. Daar zit de ontvoogdende kracht voor de sociaal kwetsbaren. We moeten bij die groep de sociale mobiliteit krijgen die we in de jaren 70 bij andere kansengroepen zagen. Er was geen enkel land, op Finland na, waar méér kinderen een hoger diploma haalden dan hun ouders. Ik ben het beste voorbeeld: mijn vader reed op zijn 14de rond met biertonnen, hij heeft zich via scholing opgewerkt tot ziekenhuisdirecteur. Maar de sociale lift werkt niet meer. Dat is een zeer tragische uitkomst van het gelijkekansenbeleid. Ik vind het onbegrijpelijk dat sommigen concluderen dat we vooral zo verder moeten.’

De kloof in het onderwijs is niet groter geworden. Je kan niet zeggen dat het gelijkekansenbeleid helemaal niet werkt.
Duyck: ‘Dat vind ik een tragische redenering. Onze sociaal kwetsbare kinderen scoren vandaag minder slecht in het lager leesonderwijs dan kinderen in het buitenland, de andere kinderen scoren slechter. En men zegt: hoera! Als iedereen naar het midden evolueert, lijkt mij dat niet het beste resultaat. Je kan de onderwijskloof morgen dichten door alle scholen te sluiten. Dan is de kloof weg.’

Is excelleren verenigbaar met gelijke kansen?
Duyck: ‘Het zijn geen tegengestelden, het is een voorwaarde: cognitie is de motor van sociale mobiliteit. Kijk naar de discussie over de brede eerste graad. Arbeiderskinderen raken te weinig in klassen Latijn of in de wetenschappen-wiskunde. Wat doet men dan? Men schaft de keuze af. Iedereen moet gewoon twee jaar langer samen zitten. Alsof een dokter twee jaar later minder geneigd zal zijn om zijn zoon naar de Latijnse te sturen, en een arbeider juist meer. Als je wil dat een arbeiderskind Latijn studeert, moet je het er doen geraken. Niet de keuze uitstellen of afschaffen.’

‘Door die kinderen zo lang samen te houden, creëer je bovendien negatieve effecten. Cognitief homogene klasgroepen hebben een positieve impact op de leerprestaties. Het is gemakkelijker om de imperatief van Kant uit te leggen aan (de moraalfilosofen, red.) Etienne Vermeersch en Johan Braeckman dan aan Vermeersch en een charmezanger die zijn middelbare school niet heeft afgemaakt. Dat is ook niet fijn voor de charmezanger. Je krijgt achteruitgang bij de top en een negatief effect op het algemene niveau, waardoor ook het niveau voor de kwetsbare kinderen zakt. Vroeg oriënteren op IQ en talent is goed voor de sterke én de zwakkere leerlingen.’

Bij vroegere oriëntering kan afkomst weer een grotere rol gaan spelen.
Duyck: ‘De impact van afkomst op leerprestaties verklaart slechts 20 procent van de resultaten van het PISA-onderzoek, waarvan de helft nog eens een onveranderlijk IQeffect is. Maar het volledige onderwijsdebat gaat over die 20 procent. We investeren in iets wat wenselijk is, maar waar weinig winst te rapen valt.’

‘Veel belangrijker is de impact van verwachtingen, studiemotivatie en -attitude. Gedreven kinderen uit de meest kwetsbare groepen scoren beter dan de dokterszonen met een slechte attitude. Laten we focussen op die factoren waar meer winst te halen valt.

U noemt de situatie alarmerend, maar in de internationale onderzoeken scoren we nog altijd goed.
Duyck: ‘Aan de top verliezen we immens. Vijftien jaar geleden haalde een leerling op de drie hier het topniveau voor wiskunde, nu is dat nog één op de vijf. Voor het eerst krijgen we ook een alarmsignaal over het algemeen niveau in het lager onderwijs. We zijn niet alleen de sterkste daler, in Europa doen alleen Frankrijk en Wallonië, Georgië en Malta het nog slechter. Dat is echt een probleem, ook voor de economie. Creativiteit en burgerschap zijn ook belangrijk, maar cognitieve ontwikkeling is wel een voorwaarde. Het is een illusie te denken dat je creatieve goede burgers gaat kweken als ze geen krantenartikel kunnen begrijpen. De autofabrieken zijn weg. In onze economie hebben we kennis nodig.’

Juist in die kenniseconomie zijn de laagstopgeleiden een vogel voor de kat. Logisch dat de aandacht in het onderwijs naar de zwaksten gaat.
Duyck: ‘Als ik pleit voor cognitieve ontwikkeling, krijg ik de wind van voren, want men vindt dat asociaal en elitair. Maar het is inderdaad voornamelijk een probleem voor sociaal kwetsbare leerlingen. We weten uit onderzoek dat als je erin slaagt om de top van de maatschappij één IQ-punt verder te ontwikkelen - en dat kan - dat het effect geassocieerd is met jaarlijks 468 dollar extra bruto binnenlands product per hoofd. Als je het gemiddelde een IQ-punt laat zakken of stijgen, gaat het om 229 dollar. Meer IQ leidt tot extra bedrijven, nieuwe patenten, meer werkgelegenheid. Zo bak je de taart waarmee je daarna aan herverdeling en sociaal beleid kan doen.’

Wat als er niets verandert?
Duyck: ‘Dan vrees ik dat we duur, privaat onderwijs zien ontstaan. Dan krijg je pas elitair onderwijs. Het groepje ouders dat niet tevreden is met de school waar hun kinderen naartoe moeten, is doorgaans hoogopgeleid en kapitaalkrachtig. Onderwijs kost zo’n 10.000 euro per jaar, voor de topklasse is dat geen probleem. De sociaal kwetsbaren kunnen zich dat sowieso niet permitteren. Maar de middenklasse kan dat evenmin omdat zij al 10.000 euro per jaar belastingen betalen om onderwijs te financieren dat zij van middelmatige kwaliteit vinden. De overheid mag niet schamper doen over ouders die hunkeren naar goed onderwijs. Alsof die mensen allemaal heimwee hebben naar het ouderwetse, blanke college. Mensen willen gewoon het beste voor hun kinderen.’

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content