gespot

Met een coëfficiënt kan je scoren

Een coëfficiënt is miljoenen waard. Misschien wel honderden miljoenen. Zonder coëfficiënt tel je niet mee en trekt geen politieke partij extra geld voor je uit. Het moet dan natuurlijk wel een positieve coëfficiënt zijn, liefst groter dan één. Met een coëfficiënt van twee komen er zinnen in de krant als: ‘Iedere euro aan extra uitgaven levert twee euro aan economische groei op’. Fantastisch! De politiek komt het geld met kruiwagens tegelijk brengen. Dat wil toch iedereen? Wetenschappers in elk geval wel. Daarom zijn zij ontevreden met de rekenmodellen van het Centraal Planbureau (CPB), want daarin ontbreekt een coëfficiënt voor het effect van publieke uitgaven aan wetenschappelijk onderzoek op de economische groei. Iedereen weet dat meer wetenschappelijke kennis goed is voor de economie, maar in de CPB-modellen is onderzoek en ontwikkeling (O&O) slechts een kostenpost. Het gevolg is dat politieke partijen niet kunnen scoren met extra geld voor wetenschap. Het levert ze in de doorrekening van het CPB geen extra groei of banen op, maar wel een hoger begrotingstekort.