leading story

'Mijn land is belangrijker dan mijn kinderen'

De 32-jarige Mahmut stak zondag met zijn gezin de Turkse grens over. Met zijn vrouw en vier kinderen. Zijn huis ligt net over de grens, in Syrië. ‘Vijf minuten lopen’, zegt hij. Ze hebben alles laten vallen en zijn zoals zovelen afgelopen weekend gevlucht. In tegenstelling tot de meeste vluchtelingen is de familie niet naar de Turkse plaats Suruç getrokken. Nee, ze blijven voor de grens wachten. Dicht bij de Turkse soldaten die weigeren hen weer naar huis te laten gaan. Mahmut kan niet wachten. Hij wil terug om te vechten tegen ‘de beesten van Daesh’, klinkt het vastberaden. Daesh is de Syrische naam van de strijders van Islamitische Staat. Een naam die overal angst aanjaagt. Mahmut twijfelt er niet aan. De Koerden kunnen de jihadisten verslaan. ‘We hebben niet zoveel wapens, geen grote tanks, maar Kobani gaat niet vallen.’ Bang om te vechten is hij niet. ‘Ik wil sterven voor en in mijn eigen land’, roept hij luid. Een paar mannen joelen instemmend. Zijn vrouw Vahide knikt al even vastberaden. Ook zij gaat mee. Ook zij pakt straks een geweer op. ‘Er zijn zoveel Koerdische vrouwen die vechten. Waarom niet? Ook ik wil mijn land verdedigen.’ Haar kinderen? Ze aait haar jongste over zijn bol. ‘Ze blijven hier in Turkije. Bij familie.’ Een trotse glimlach: ‘Je ziet, mijn land is belangrijker dan mijn kinderen.’ (Het echtpaar is later samen naar Kobani vertrokken).