Belgische productiehuizen in de etalage

©Clan

Dertig jaar na de opstart van VTM blijft de Vlaamse tv- en filmindustrie een wankel bouwwerk. De markt is te klein, er zijn te veel spelers en grote huizen zoals Caviar Group kijken uit naar een partner. ‘Iedereen zal zijn huiswerk moeten maken.’

De lancering van VTM, Vlaanderens eerste commerciële tv-zender, op 1 februari 1989 deed niet alleen de toenmalige publieke omroep BRT op zijn grondvesten daveren, ook het televisielandschap werd er grondig door veranderd. Tientallen productiehuizen schoten als paddenstoelen uit de grond. En drie decennia na ‘D-day’ is aan dat proces nog altijd geen einde gekomen.

‘Er waren twee grote breuklijnen’, zegt Bruno Wyndaele, tv-producent en oprichter van De Filistijnen. ‘Eerst was er de start van VTM, waar de zakelijke kant van onze sector vorm kreeg. De ene maakte ‘Rad van Fortuin’, een ander blikte documentaires in en nog een ander deed ‘Waagstuk’ of ‘De Grote Verjaardagsshow’. Volume draaien was de boodschap. En dan werd in de schoot van de VRT Woestijnvis opgericht. Daar kreeg het creatieve DNA van de sector een boost, waarna enkele schermgezichten zoals Bart De Pauw, Tom Lenaerts en ik in hun eentje zijn begonnen. Vrij snel won ook bij VTM het creatieve aan belang en werd het zakelijke belangrijk bij VRT. Maar het spanningsveld tussen het ambachtelijk-creatieve en die volumegedreven aanpak is altijd gebleven.’

Precieze cijfers over het aantal spelers in de sector zijn er niet. De absolute top drie van de Vlaamse tv-markt is echter duidelijk: Studio 100, De Mensen en Caviar Group, die in volume en omzet met kop en schouders boven de andere onafhankelijke productiehuizen uitsteken. De totale omvang (gemeten in balansgrootte) van die drie kleppers alleen al is zes keer zo groot als de activiteiten van alle resterende top 15-spelers samen, blijkt uit onderzoek van De Tijd.

Uniek

De Vlaamse tv-markt was lange tijd vrij uniek in Europa. Grote internationale tv-formats sloegen hier minder aan dan in Nederland, Duitsland of Scandinavië, waar meer programma’s door multinationale concerns zoals Endemol en Fremantle op het scherm worden gebracht. Precies daardoor kwamen de lokale huizen hier goed aan hun trekken.

Van een buitenlandse fusie- en overnamegolf in de sector is dan ook weinig sprake. Slechts een kleine minderheid van de Vlaamse producenten kwam in internationale handen. Liberty-dochter Telenet nam in maart vorig jaar Woestijnvis over, in 2007 werd Kanakna verkocht aan het Zweedse Zodiak en in 2004 deed Eyeworks zijn intrede door De Televisiefabriek van Paul Jambers op te slorpen.

Maar de situatie verandert, zeggen ingewijden. Zenders houden steeds vaker de vinger op de knip en willen op zeker spelen. Er wordt hoe langer hoe meer gekozen voor ‘proven formats’: formules die in andere landen hun succes al hebben bewezen. Dat kan een grotere vraag naar buitenlandse formats en consolidatie in de hand werken.

©Clan

De vraag is dan ook wat een nieuwe consolidatiegolf zal betekenen voor spelers zoals Studio 100, De Mensen en Caviar Group. Worden ze jager of prooi? De entertainmentgroep Studio 100 van Hans Bourlon en Gert Verhulst heeft als enige al jaren een financiële partner aan boord: BNP Paribas Fortis PE Belgium. De Mensen en Caviar Group hebben die niet, wat leidt tot speculaties in de markt.

Het gonst al een tijdje dat De Mensen te koop staat. ‘Het is een vraag waar we al jaren minstens elke week een antwoord op moeten geven’, nuanceert een woordvoerder. De geruchten zijn echter hardnekkig. Als tweede grootste onafhankelijke speler is De Mensen in bijna alle tv-genres actief en levert het programma’s aan de drie grote zendergroepen: VRT, Medialaan en SBS. ‘Een begeerde bruid’, is te horen in de sector. Eigenlijk is het uniek dat een groep van deze omvang, 35 miljoen euro omzet en circa 110 medewerkers, al 18 jaar onafhankelijk is. Maar of dat nog 18 jaar zo zal blijven, is koffiedik kijken.

Bij Caviar Group komt een duidelijker antwoord. CEO Bert Hamelinck steekt niet onder stoelen of banken dat hij openstaat voor een strategische groeipartner. Het Vlaamse productiehuis, dat in 1996 werd opgericht en zowel film als reclamespots in de genen heeft, lijkt op een tweesprong te staan. ‘We hangen nu al jaren net onder de omzet van 100 miljoen euro. We zijn aan het einde van onze groeicyclus. De vraag is dus: wat kunnen we doen? Gaan we onafhankelijk voort met een nieuwe aandeelhouder? Of worden we overgenomen? In 2014 zijn we heel intensief door Endemol benaderd. Daarna kwam ook een Vlaamse investeringsgroep polsen. Maar al bij al is de interesse vanuit België erg beperkt. Moeten we dan de zoveelste speler worden die in buitenlandse handen terechtkomt?’, vraagt Hamelinck zich af.

©© VRT

Caviar, dat in Los Angeles een kantoor heeft, staat op het punt twee Vlaamse producten te lanceren in de VS: de VTM-serie ‘Clan’ en de Eén-reeks ‘Tabula rasa’. Met zijn productiefiliaal Roses are blue zitten diverse tv-projecten in de pijplijn. En ook voor film zijn er mooie plannen, zoals de bioscoopprent ‘Kawasaki’ met het regisseursduo Adil El Arbi en Bilall Fallah.

‘Eigenlijk is het opmerkelijk dat we dit parcours op eigen kracht hebben afgelegd’, zegt Hamelinck. ‘Het is vrij atypisch voor een sector die zo kapitaalintensief en onzeker is. Een stabieler kapitaal zou ons dan ook helpen. We zijn op zoek naar een partner die deze business begrijpt. Het zou leuk zijn om daarmee een volgende groeifase aan te snijden.’

Merknaam

©© VRT

Bij de top drie in de sector is buitenlandse expansie cruciaal. Studio 100 boekte in 2017 een vijfde van zijn omzet met de verkoop van beeld-, merchandising- en licentierechten in Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland. Een toename op jaarbasis van 148 procent. Ook Caviar Group is volop actief in het buitenland. ‘Circa 65 procent van onze omzet boeken we in de VS’, zegt Hamelinck. ‘We zijn daar in de markt voor films en reclamespots in directe concurrentie met groepen die minstens 100 miljoen dollar omzet draaien.’

Idem dito voor De Mensen, dat stilaan een merknaam is geworden in de internationale fictiewereld. ‘Beau Séjour’ was de eerste Vlaamse reeks die door Netflix werd aangekocht. Nadien is ook ‘Tytgat Chocolat’ in de catalogus van de Amerikaanse gigant opgenomen. En ‘Undercover’, dat deze maand op antenne kwam, is de eerste Vlaamse reeks die direct in opdracht van Netflix, samen met de VRT, werd geproduceerd.

Moeten we de zoveelste speler worden die in buitenlandse handen terechtkomt?
Bert Hamelinck
CEO Caviar Group

Ook voor Guy Goedgezelschap, een Medialaan-oudgediende die in 2016 samen met collega Jan Seger het tv-huis Lecter Media uit de grond stampte, is het buitenland cruciaal. Kort na de opstart verkocht het productiehuis - bekend van VTM-programma’s als ‘Groeten uit 19xx’ en ‘Over Winnaars’ - de helft van zijn aandelen aan de Nederlandse oud-eigenaars van Eyeworks. Doel: zo snel mogelijk de stap naar het buitenland zetten. ‘We zijn ervan overtuigd dat meer aandacht en aanwezigheid buiten Vlaanderen ons ook op de thuismarkt sterker zal maken’, aldus Goedgezelschap.

Daarom richtte Lecter Media ook, samen met Woestijnvis en De Mensen, de vennootschap Fabiola BV op om zelfgemaakte producties bij onze noorderburen aan de man te brengen. ‘We hebben daar met zijn allen al zeven tv-formats op antenne gekregen’, zegt Goedgezelschap. ‘De samenwerking is intussen ook uitgebreid naar Duitsland.’

Versnipperd

En toch zijn die productiehuizen uitzonderingen. De meeste andere tv-spelers uit de top 15 zijn amper in het buitenland actief. ‘Een bewuste keuze’, zegt Kato Maes, die samen met Tom Lenaerts het productiehuis Panenka oprichtte. ‘Expansie in het buitenland is geen doel op zich. We blijven liever klein. We willen niet vervallen in een groeiproces waarin we steeds meer volume moeten draaien om hogere overheadkosten te kunnen dragen. Deze business wordt niet aangedreven door omzet, maar door menselijke creativiteit. Al zijn buitenlandse partners en allianties uiteraard cruciaal.’

©Mediafin

Opmerkelijk: de Vlaamse tv-markt is ook erg versnipperd. Er zijn verbazend veel kleine spelers actief. Uit een interne doorlichting van de VRT blijkt dat de publieke omroep de voorbije drie jaar met niet minder dan 113 producenten samenwerkte. Op jaarbasis ging het gemiddeld om 68 spelers, waaronder een budget van circa 59 miljoen euro werd verdeeld.

‘Wie een idee verkocht krijgt aan een zender, kan een productiehuis starten. Dat idee leeft in de markt en is een gevaar is voor de sector’, zegt een ingewijde. ‘De tv-zenders liggen aan de basis van die evolutie en onderschatten hun eigen macht. De facto richten zij op die manier nieuwe huizen op die vaak niet leefbaar zijn.’

An Jacobs, de directeur van de koepelfederatie van productiehuizen VOFTP, bevestigt het probleem. ‘Er zijn inderdaad te veel spelers op de Vlaamse televisiemarkt. Met slechts drie grote zendergroepen - de VRT, Medialaan en SBS - is het aantal opdrachtgevers beperkt. Met als logisch gevolg dat er veel middenmoters en kleine tv-huizen zijn, die jaarlijks amper één tot twee producties afleveren. Die zijn vatbaar voor problemen.’

Dat die spelers moeten vechten om aan de bak te komen, zet ook de gevestigde waarden onder druk, blijkt uit een financiële doorlichting van De Tijd. Niet minder dan zeven spelers uit de top 15 worstelen met een zwakke financiële buffer of hebben af te rekenen met structurele verliezen. Sommige staan zelfs op de rand van de afgrond.

©rv

Het Gentse productiehuis Marmalade wist vorig jaar op het nippertje een faillissement ten gevolge van snel oplopende schulden te vermijden. Het tv-bedrijf, dat furore maakt met de SBS-reeks ‘Gent West’, een van de duurste producties ooit voor rekening van de commerciële zender, kwam in financiële moeilijkheden omdat zijn musical ‘Beauty and the Beast’ een put van 700.000 euro sloeg.

Ook een animatiespeler als Walking The Dog, leverancier van Ketnet, heeft het lastig om uit de rode cijfers te geraken. Het creatieve productiehuis dat vorig jaar zijn documentaire ‘Another Day of Life’ - over de Poolse journalist Ryszard Kapuściński - in première zag gaan op het Festival van Cannes, kijkt aan tegen een gecumuleerd verlies van 1,1 miljoen euro.

Zelfs het Antwerpse Sputnik, maker van succesvolle VRT-programma’s zoals ‘Team Scheire’ en ‘Beroepen zonder grenzen’, zit in ademnood. Hoewel dat bedrijf drie jaar geleden een opmerkelijke deal sloot met ITV Studios Global Entertainment voor de wereldwijde verkoop van vier tv-formats, is zijn financiële buffer nagenoeg nul en sleept het 1,3 miljoen euro aan overgedragen verliezen mee.

Schermgezicht

Maar niet alle spelers uit de top 15 scoren slecht. Huizen met bekende schermgezichten of tv-makers hebben een streepje voor. Denk aan Panenka van Tom Lenaerts of Koeken Troef! van Bart De Pauw. Beide huizen waren de voorbije jaren uiterst winstgevend. Hun balans oogt beresterk. Maar als dat schermgezicht het laat afweten, kan het tij snel keren. Dat ondervond De Pauw ruim een jaar geleden toen hij zich verbrandde aan een #metoo-zaak. De VRT schrapte een aantal opdrachten, waardoor de helft van het personeel ontslag moest nemen.

Ook Studio Benidorm van tv-maker Tim Van Aelst doet het uitstekend. In zes jaar bouwde de producent van goed scorende tv-programma’s zoals ‘Benidorm Bastards’ en ‘Wat als?’ een spaarpot op van 1,6 miljoen euro. Maar wat als Van Aelst bij Studio Benidorm vertrekt? Dan zakt het productiehuis wellicht als een kaartenhuisje in elkaar.

‘Overleven, samensmelten of verdwijnen: het is een proces van alle tijden’, zegt Goedgezelschap. ‘De komende jaren zal dat niet anders zijn. Iedereen zal zijn huiswerk moeten maken.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content