‘Regering moet kiezen welke VRT ze wil'

©Saskia Vanderstichele

Dat de VRT niet zou ontsnappen aan de besparingen van de Vlaamse regering had voorzitter Luc Van den Brande zien aankomen. Dat de inspanning zo groot zou zijn, had hij niet verwacht. ‘Hiermee snij je in het hart van onze organisatie.’

De openbare zender moet de komende vijf jaar 27 miljoen euro besparen. 15 miljoen daarvan moet volgend jaar al van het budget. Luc Van den Brande, sinds 2010 voorzitter van de raad van bestuur van de VRT, was na zijn eerste gesprek met zijn nieuwe voogdijminister nog vrij positief. Maar nu een week later de omvang van de besparingen duidelijk wordt, dreigt die sfeer om te slaan.

‘Natuurlijk besef ik dat we onze bijdrage aan de besparingen moeten leveren. Maar de gevraagde inspanningen moeten redelijk zijn. De jongste drie jaar hebben we al 65 miljoen bespaard. We doen het intussen met 365 voltijdse jobs minder. Dat is de vierde grootste besparing van alle openbare omroepen in Europa. Terwijl we al een van de goedkoopste openbare zenders zijn.’

De jaarlijkse dotatie van 292 miljoen euro is indertijd wel heel goed onderhandeld, zeggen sectorkenners. Kan de VRT echt niet met minder?
Luc Van den Brande: ‘Ik geef toe dat hier en daar wel wat vet af kan. De integratie tussen sommige diensten kan wat beter. We moeten ons personeel flexibeler kunnen inzetten. Met die oefening zijn we trouwens al bezig.’

‘Maar als je verder wil snijden, raak je het bot van de organisatie. Dan stoot je op de vraag welke openbare omroep je nog wil. Neem onze inspanningen op het vlak van de digitale ontwikkeling. Die behoort tot onze kerntaken. Wie daarop bespaart, gaat in tegen de kern van het regeerakkoord. We moeten ook meer inzetten op Vlaamse producties. Hoe rijm je dat met extra besparingen? Want je zal het geld ergens moeten vinden. Ofwel zend je meer herhalingen uit, ofwel koop je meer goedkope buitenlandse producties aan. Is dat de richting die men met de openbare zender wil inslaan?’

Tot nu toe kon de VRT zonder gedwongen ontslagen besparen. Is dat met deze oefening nog houdbaar?
Van den Brande: ‘Ik begrijp de ongerustheid bij de vakbonden. Het regeerakkoord is op één vlak ronduit fout: het gaat uit van een grote natuurlijke uitstroom bij de VRT. Dat klopt niet. De komende jaren gaat het om slechts enkele tientallen mensen, 68 om precies te zijn. Dus ja, ook het personeel dreigt het slachtoffer te worden van de besparingen. Vergeet niet dat we sinds de tweede helft van de jaren negentig geen statutairen meer in dienst nemen. En we hebben 12 procent op ons budget bespaard, tegenover gemiddeld 7 procent bij de andere Vlaamse instellingen.’

Open VLD’er Bart Tommelein stoort zich aan de dominantie van de VRT op radiovlak. Hij vindt dat MNM verkocht mag worden. Is zo’n verkoop bespreekbaar voor u?
Van den Brande: ‘Die vraag is niet aan de orde. Maar snel gewin is niet altijd verstandig. MNM doet het de jongste tijd weer beter dan vroeger en is voor de VRT belangrijk omdat we er heel wat unieke luisteraars mee bereiken. Tijdens de verkiezingen bijvoorbeeld, was dat voor ons belangrijk om onze brede informatieopdracht goed in te vullen. Zo komt het nieuws bij mensen die we anders niet bereiken.’

De productiehuizen vrezen dat de besparingen bij hen belanden. Ten onrechte, zeggen ze, want zij werken net veel efficiënter, zonder veel overheadkosten.
Van den Brande: ‘Ik begrijp die zorg. Nu zijn we verplicht minstens een kwart van onze producties uit te besteden aan productiehuizen. We zitten daar meestal boven. Het mag niet de bedoeling zijn om te besparen op hun kap. Maar als we door besparingen minder Vlaamse producties kunnen maken, zullen ze dat natuurlijk voelen. Niet omdat hun aandeel in de totale pot kleiner wordt, maar omdat die pot kleiner wordt.’

‘Daar moeten we ons toch wel bewust van zijn. Iedereen wil bloeiende productiehuizen: de minister van Cultuur, de kijker, de creatieve sector. Maar je kan de kwadratuur van de cirkel niet maken. Het geld zal ergens vandaan moeten komen.’

De privézenders verwijten de VRT oneerlijke concurrentie op de advertentiemarkt, omdat u bijvoorbeeld sponsoringovereenkomsten met adverteerders sluit. Het regeerakkoord wil die grijze zones aanpakken.
Van den Brande: ‘Ik vind me helemaal terug in de passage van het akkoord die zegt dat we terughoudend moeten zijn op advertentievlak. Zeker wat televisie betreft. Er zijn in het verleden wat betwistingen geweest, en voor commerciële zenders is dat natuurlijk hun voornaamste bron van inkomsten. Als daar verzuchtingen over zijn, wil ik daar zeker naar luisteren.’

Zegt u nu dat u wil spreken over het jaarlijkse maximum dat de VRT aan commerciële advertenties mag binnenhalen?
Van den Brande: ‘Neen, dat leid ik in elk geval niet af uit het regeerakkoord. Maar ik vind het wel goed dat we als openbare omroep af en toe uitgedaagd worden. ’

Door de digitalisering komt u als overheidsbedrijf wel steeds meer in het vaarwater van de uitgevers. Deredactie.be is een rechtstreekse concurrent van de nieuwssites van de kranten.
Van den Brande: ‘Het zou nogal een contradictio in terminis zijn mochten wij als overheidsbedrijf dat moet inzetten op innovatie en dienstverlening onze handen moeten afhouden van zo’n nieuwe drager als het internet.’

En toch pikt u lezers van de kranten af. Of staat u in de weg om hun sites betalend te maken, omdat de lezers alles gratis bij de VRT vinden.
Van den Brande: ‘Als je op de marktplaats van een gemeente één bankkantoor hebt en plots komen er twee bij, dan is iedereen toch beter af? Op de advertentiemarkt zit trouwens nog voldoende rek. Ik denk echt niet dat onze plek op het internet ten koste van anderen gaat.’

Intussen duikt een nieuwe uitdaging op: vanaf september komt Netflix naar ons land. Met de Amerikaanse streamingdienst kunnen kijkers via het internet duizenden films en series bekijken wanneer en waar ze maar willen.
Van den Brande: ‘Dat wordt een van onze grote uitdagingen. Enerzijds kijken jongeren steeds gefragmenteerder. Ze consumeren de media waar en wanneer ze dat willen. Anderzijds willen ze hun mediagebruik steeds meer delen met elkaar. Zeker op dat vlak hebben wij als openbare omroep een grote rol te spelen. Daarom blijft een groot budget voor onderzoek en innovatie nodig.’

De vaste kijkers van de VRT worden ouder. Jongeren zijn minder trouw aan het klassieke zendschema van televisie.
Van den Brande: ‘Iedereen voorspelt al lang dat lineair kijken verleden tijd is. Uit onderzoek blijkt dat het kijkgedrag tussen 2002 en 2012 op dat vlak niet veranderd is. De globale mediaconsumptie is gewoon toegenomen. Het bekijken van filmpjes op internet is er bijgekomen. Net zoals steeds meer mensen een tweede wagen of een buitenverblijf kopen, of meer op vakantie gaan.’

‘Maar we mogen niet stilzitten. We moeten meer dan ooit inzetten op een gevarieerd en kwalitatief aanbod. En we zullen nog meer samen moeten zitten met andere mediaspelers. Dat lukt nu al aardig: denk maar aan het Stievie-project voor online tv-kijken.’

Intussen neemt Telenet een belang in VIER en VIJF. Voor het eerst wordt een aanbieder in ons land ook een beetje producent. Zal dat de verhoudingen tussen de mediaspelers niet op zijn kop zetten?
Van den Brande: ‘Oei, ik moet natuurlijk opletten wat ik zeg over een bedrijf waar ik zelf mee aan de wieg van stond (lacht). Ernstig: ik denk dat de verschillende spelers wel beseffen dat ze elkaar nodig hebben. Natuurlijk moeten we op onze hoede zijn voor een overmatige concentratie van de macht bij één enkele speler. Maar uiteindelijk denk ik dat het gezond verstand wel doet beseffen dat we moeten samenwerken. De zenders, de productiehuizen, de distributeurs: we zitten allemaal in hetzelfde schuitje.’

De onzekerheid over de afwezigheid van gedelegeerd bestuurder Sandra De Preter, die vorig jaar wegviel door ziekte, is groot.
Van den Brande: ‘Ik hoop en verwacht dat Sandra voor het jaareinde terug is.’

Nu we het over de leiding van het bedrijf hebben: weet u al welke partij de volgende voorzitter van de VRT mag leveren?
Van den Brande: ‘U moet die vraag niet aan mij stellen, dat is een zaak van de Vlaamse regering.’

Bent u opnieuw kandidaat? Uw mandaat loopt rond het jaareinde af.
Van den Brande: (ironisch) ‘Ik ben nog nooit kandidaat voor iets geweest. Nu ook niet.’

Maar u zou het toch graag nog wat langer doen?
Van den Brande: ‘Ik vind het een buitengewoon boeiende job, ja. Meer zal ik daar niet over zeggen.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect