De Belgen die Silicon Valley kleuren

Arnaud Goethals is samen met zijn vrouw Julie Vandermeersch de drijvende kracht achter de ambachtelijke bakkerijzaak Vive La Tarte. ©David Paul Morris

Voor jonge ondernemers is naar Silicon Valley trekken geen sinecure meer. Maar enkele gevestigde Belgische ondernemers spelen er nog altijd volop mee.

©Mediafin

Arnaud Goethals en Julie Vandermeersch

Arnaud Goethals is samen met zijn vrouw Julie Vandermeersch de drijvende kracht achter de ambachtelijke bakkerijzaak Vive La Tarte. In 2012 lieten ze hun job als consultant schieten om met een Volkswagenbusje eten rond te brengen bij de grote technologiebedrijven. Later kwam daar ook catering bij. In 2015 opende de eerste vestiging in San Francisco’s hippe wijk SoMa. Er zijn nu al vier locaties, verspreid over San Francisco en Los Angeles.

Goethals zegt het verschil te willen maken met lokaal en ambachtelijk geproduceerd voedsel. In elke vestiging is er een aparte oven en keuken. De chefs kunnen eigen accenten leggen met lokale ingrediënten. Er is geen centrale grootkeuken, waardoor ook geen smaakversterkers aan het eten moeten worden toegevoegd om het te kunnen bewaren, zegt Goethals.

Vive La Tarte zoekt 7 miljoen euro aan kapitaal voor het openen van acht nieuwe vestigingen. Het kijkt daarvoor naar steden als Phoenix in de staat Arizona. Het wil ook online bestellingen uitbouwen, en een lijn met merchandising. Uitbreiding hoeft niet gelijk te staan aan industrialisering, zegt Goethals. Lokaal en ambachtelijk blijft het ordewoord.

Marc Vanlerberghe

Vanlerberghe maakte vanaf 2007 furore als marketingdirecteur bij Android. Dat is het mobiele besturingssysteem dat de zoekgigant Google open-source aanbiedt aan smartphonefabrikanten. Vanlerberghe hield het in 2016 bij Google voor bekeken. Zijn vrouw, Inge Keuppens, is er wel nog actief als een van de topmanagers bij Google Maps, de navigatieapp van het internetbedrijf.

Vanlerberghe is CEO bij Rulai. Dat bedrijf ontwikkelde een zelflerend algoritme, dat kan inspelen op de vragen van klanten. Bedrijven kunnen die chatbot inpluggen in hun eigen systemen. Ze moeten die niet volledig ontwikkelen. Het systeem van Rulai is online toegankelijk via de cloud. De taxiapp Lyft handelt al 80 procent van de klachten en opmerkingen van klanten af met behulp van het Rulai-algoritme.

Rulai brengt altijd eerst samen met het betrokken bedrijf de klassieke vragen of handeling van een klant in kaart. De chatbot valt terug op die ‘mapping’, leert op basis daarvan bij, maar moet voor bepaalde vragen erkennen dat hij het antwoord niet weet. Wat hij niet weet, slaat hij op en speelt hij door naar menselijke back-up. Het systeem is aangepast voor chatapps zoals WhatsApp en Messenger, maar kan ook geïntegreerd worden in de eigen app of de site van een bedrijf.

Roel Peeters

©Dominic Verhulst

Roel Peeters is een gevestigde naam in Silicon Valley. Hij streek er in 1997 neer voor de KU Leuven-spin-off ICOS Vision Systems, dat inspectiesystemen voor de chipsector maakte. In 2004 stampte hij er Ozmo Devices uit de grond. Dat specialiseerde zich in wifiverbindingen met een laag energieverbruik. Hij verkocht het in 2012 aan het Amerikaanse Atmel.

Peeters kon het ondernemen niet laten. In 2014 zette hij zijn schouders onder Roost. Dat richt zijn pijlen op het ‘internet der dingen’, de idee dat alledaagse toestellen productiever zijn als ze aangesloten zijn op het internet.

Een van de producten is een speciale batterij van 9 volt die bijvoorbeeld in uw rookdetector thuis zit. Het Roost-exemplaar legt een verbinding met uw wifinetwerk en zo met een app op uw smartphone of tablet. Gaat de rookdetector af? Of is de batterij bijna leeg? Dan krijgt u een melding in de app.

Roost legde de batterij aanvankelijk in de winkelrekken, maar Peeters merkte interesse bij verzekeringsmaatschappijen. Voor hen is het erg interessant als een klant een melding krijgt van een rookdetector die afgaat. Vroeger ingrijpen betekent minder schade en lagere claims.

Roost breidde zijn gamma al uit naar de detectie van waterlekken. Het heeft zelfs een sensor die u laat weten of uw garagepoort nog openstaat.

Frank Christiaens

©RV DOC

Frank Christiaens maakte tussen 2002 en 2009 naam als baas van de Chinese tak van de Kortrijkse beeldschermenfabrikant Barco. Vandaag is hij actief in een heel andere tak van de beeld-schermenindustrie. Als CEO van het Canadees-Amerikaanse bedrijf ClearInk Displays werkt hij met reflectieve beeldschermen.

Die schermen zijn in tegenstelling tot de klassieke lcd- of oled-schermen nog niet zo ingeburgerd. In 2007 kwam het bekendste voorbeeld van een reflectief beeldscherm op de markt: de e-reader Kindle van Amazon. Dat scherm blijft, in tegenstelling tot lcd-schermen, wel leesbaar als er zonlicht op schijnt. Een reflectief beeldscherm reflecteert het omgevingslicht, terwijl bij lcd veelal ledlichtjes achter het scherm zitten om het te verlichten.

‘De Kindle was nog een statisch beeld, met alleen zwart en wit’, zegt Christiaens. ‘Wij voegen kleuren en bewegend beeld toe.’

Met de reflectieve beeldschermen mikt Christiaens in de eerste plaats op het onderwijs. Die wereld digitaliseert in sneltempo. Schermen moeten er zowel binnen als buiten gebruikt kunnen worden, en tekst en video integreren.

Ook de markt van wearables, draagbare toestellen met scherm waarvan de batterij even moet kunnen meegaan, ligt in het vizier. Een van de investeerders in het Canadees-Amerikaanse Clearink Displays is de Chinese pc- en tabletbouwer Lenovo.

Lees verder

Advertentie
Advertentie