Roland Legrand

Het is laat op de avond, na het werk. Tijd om even alleen te zijn. Een beetje naar het model van Bob Dylan in de song ‘Is Your Love in Vain’: ‘Are you so fast that you cannot see that I must have solitude? When I am in the darkness, why do you intrude?’ Ik zet mijn VR-headset Oculus Go op, de wereld rond mij inruilend voor een sober aangeklede virtuele ruimte met uitzicht op de bergen en vooral met een groot scherm voor het bingewatchen van video’s op allerlei netwerken.

©Kristof Van Accom

Ik kijk op Facebook naar een live video over een betoging in New York. Een dame met hoofddoek hekelt het migratiebeleid van de president. ‘No Ban, No Wall’ staat op protestborden. Commentaren op de video stromen binnen. ‘Go back to your county’, zegt iemand. Een andere kijker merkt op dat wellicht ‘country’ wordt bedoeld. Het komt al snel tot een scheldpartij: de enen blijven maar herhalen dat de manifestanten ‘terug naar hun eigen land moeten’, de anderen vinden dat die reactie vooral blijk geeft van domheid en fanatisme. Zo ver staan we dus. Aan de ene kant is er het wonder van de technologie. Aan de andere kant agressieve driften die we al miljoenen jaren in ons meedragen.

De filosoof Luciano Floridi heeft het over ons ‘onlife’ - een leven waar de grenzen tussen de tastbare werkelijkheid en de virtuele realiteit vervagen. Mijn ervaring is heel erg ‘onlife’: ik maak in de virtuele werkelijkheid een discussie mee tussen mensen die ‘louter online’ zijn op Facebook met mensen die in de fysieke werkelijkheid manifesteren en hun actie live streamen naar een virtuele omgeving. Dat is allemaal heel nieuw en vreemd en het vergt een nieuwe manier van denken.

Floridi blijkt daar erg goed in te zijn. Zijn kijk op de wereld en op de filosofische traditie is erg geïnspireerd door informatietechnologie. Hij beschouwt ons als informatieorganismen (inforgs) die onderling verbonden zijn en ingebed in een informatie- omgeving (infosfeer). In zijn ethiek beschouwt hij alles als informatieobjecten of -processen. Mensen, dieren, planten of robots kan je bekijken als datapakketten met bepaalde functionaliteiten die geactiveerd worden door interne of externe gebeurtenissen. Bijvoorbeeld een hond ziet iemand, informatie wordt verwerkt, het dier blaft.

De informatie-ethiek van Floridi klinkt vreselijk algemeen, maar laat precies door die algemeenheid toe niet enkel rekening te houden met de mens maar bijvoorbeeld ook met ecologische systemen of zelfs robotten en andere voorwerpen. Informatieobjecten in de infosfeer - en dat is zowat alles - kunnen beschadigd geraken of vernietigd door data te vernietigen of te manipuleren. Als je als ethische regel stelt dat zo’n verarming moet worden vermeden of toch zo beperkt mogelijk moet worden gehouden, pleit je meteen voor een goed huisvaderschap dat zich uitstrekt over dieren, planten en voorwerpen, waaronder ook bots of robots.

Ook sociale netwerken, die oneindige stromen van data en collecties van dataobjecten zijn, kunnen net zoals een ecosysteem worden verknoeid. Denk aan Cambridge Analytica, dat de communicatie op Facebook manipuleerde. Of de agressie op Facebook en Twitter die zelf uit data bestaat, maar die diepgaande discussies in een tolerante omgeving (met meer en ‘diepere’ data) verhindert. Dat zijn telkens dingen die de groei en bloei van de infosfeer nadeel berokkenen en die dus vermeden of beperkt moeten worden.

Floridi kan zijn filosofie blijkbaar voldoende concreet maken om de Europese Commissie en Google te adviseren. Voor wie deze zomer verder wil nadenken over hoe de infosfeer onze realiteit verandert, is zijn toegankelijk geschreven boek ‘The Fourth Revolution’ (2014), uitgegeven bij Oxford University Press, zeker een aanrader.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content