Is België rijp voor telecomrevolutie?

Beukt Iliad - hier met een winkel in Milaan - ook de poort naar België open? ©AFP

13 miljoen klanten in Frankrijk, na amper 51 dagen al een miljoen in Italië. De telecommagnaat Xavier Niel en zijn bedrijf Iliad brengen animo op de markt van de mobiele telefonie. Bestormt hij binnenkort ook ons land? Er zijn heel wat hordes te nemen.

Bij zijn intrede op de Italiaanse telecommarkt bezigde de Franse miljardair Xavier Niel, de baas van de Franse prijsbreker Iliad, duchtig de hashtag in het marketingmateriaal. Met ‘#rivoluzioneiliad’ wil hij het socialemediapubliekje, opgegroeid met de hashtag, weglokken bij het Italiaanse telecomtrio Vodafone, Telecom Italia en WIND/Tre. Met een stuntbod - 30 gigabyte mobiele data voor 5,99 euro - haalde Niel na 51 dagen een miljoen klanten over.

Overspoelt een soortgelijke golf binnen afzienbare tijd België? De kans is deze week weer wat gegroeid. Dinsdag zette de regering het licht op groen voor de intrede van een vierde mobiele netwerkspeler. Geïnteresseerde netwerkuitbaters kunnen bij de veiling van frequenties voor supersnel mobiel internet in 2019 apart bieden op een deel ervan.

Die beslissing verzet hoe dan ook de bakens. Critici zullen opmerken dat er naast de drie netwerkspelers - Proximus, Telenet en Orange Belgium - al een rits andere operatoren zijn. Maar bedrijven als Mobile Vikings en Jim Mobile kunnen moeilijker het verschil maken omdat zij ruimte huren op de netwerken van de grote drie.

Iliad

Een nieuwe speler kan zijn eigen businesscase maken. Hij kan, zoals eerder al gebeurde in Frankrijk, Nederland en Italië, de prijs bijna op de bodem leggen en gretig inspelen op de toenemende datahonger bij de bevolking. Dat effect kan significant zijn. In België betaalde u in februari vorig jaar gemiddeld 42,8 euro voor een pakketje van 10 gigabyte data en 300 belminuten, berekende de telecomwaakhond BIPT.

Hij kan niet de verstedelijkte gebieden eruit pikken en voor het overige terugvallen op een roamingakkoord met de bestaande operatoren
Beurshuis Jefferies

Leg daar het aanbod van Iliad Italia naast en de conclusie lijkt snel gemaakt: er valt heel wat te rapen op de Belgische telecommarkt. Maar zo evident is het niet. Een nieuwkomer krijgt ook, net als de bestaande spelers, allerlei voorwaarden opgelegd die hem tot kosten dwingen. Ook op de telecommarkt is er geen ‘free lunch’.

Het begint bij de dekking die de vierde telecomspeler moet uitrollen. De overheid eist dat netwerkuitbaters een bepaald percentage van de bevolking kunnen bedienen. Die vereisten variëren per frequentieband en zijn om die reden niet evident om kort te schetsen. Bovendien is dekking een grillig beestje. Ben je binnens- of buitenshuis? Zit je naast een spoorlijn? Dat heeft allemaal een impact op de dekking.

Relatief strikt

Het BIPT publiceerde gisteren de dekkingsvereisten waar de vierde speler aan moet voldoen. Die zijn niet min. De nieuwe speler moet acht jaar na de veiling van de 700 MHz-band al een dekking van 99,8 procent garanderen. Na drie jaar moet dat 30 procent zijn, na zes jaar 70 procent.

Het ontlokte de analisten van het beurshuis Jefferies de commentaar dat de dekkingsvereisten ‘relatief strikt’ zijn. Een dekking van 60 procent lijkt hen haalbaar door te focussen op verstedelijke gebieden. Maar om door te stoten naar 99,8 procent is volgens Jefferies meer nodig. Om dat te halen moet de nieuwkomer over heel België een netwerkinfrastructuur uitbouwen.

Ook Dominique Leroy, CEO van Proximus, zinspeelde er in haar conferencecall met analisten op dat de nieuwkomer er niet vanaf zal komen met een vrijblijvend vluggertje. Dat was wel mogelijk geweest als de overheid de nieuwe speler relatief makke dekkingseisen had opgelegd. Die kon dan zonder al te veel te moeten investeren genieten van de nationale roamingakkoorden.

Een nieuwe speler moet mobiele klanten binnen acht jaar over bijna heel het land dekking kunnen geven. Dat is 'relatief strikt', menen analisten.

Die nationale roaming schrijft voor dat een netwerkuitbater die zelf nog geen voldoende dekking kan garanderen voor een deel via het netwerk van de andere kan opereren. Zo zijn zijn klanten over het hele grondgebied bereikbaar. De telecomspelers moeten daar zelf over onderhandelen, maar als ze er niet uitkomen, kan het BIPT ingrijpen.

Roaming

De regering besliste dat de nieuwe, vierde speler zelf eerst in een dekking van 20 procent moet voorzien, voor de nationale roaming geactiveerd wordt. Het BIPT gaf in een voorbereidend rapport al mee dat de netwerkspeler die bij de waakhond interesse had getoond - volgens analisten Niel - het belangrijk vond om meteen van de nationale roaming gebruik te kunnen maken. Zelfs bij geen eigen dekking.

Door die combinatie aan voorwaarden kan een nieuwkomer hier niet zomaar even de krenten uit de pap komen halen. ‘Hij kan niet de verstedelijkte gebieden eruit pikken en voor het overige terugvallen op een roamingakkoord met de bestaande operatoren’, besloot het analistenteam van Jefferies. Ook Leroy onthield dat de nieuwe speler ‘geld op tafel’ zal moeten leggen.

Om de nodige dekking te verzekeren zal een nieuwkomer moeten investeren in netwerksites, met masten en antennes. Net op dat punt maakte de telecomwaakhond BIPT de meeste bedenkingen in zijn rapport voor de regering. ‘Een van de grootste uitdagingen voor de mogelijke vierde operator is het verkrijgen van bouw- en milieuvergunningen voor sites, masten en antennes’, klonk het toen al.

Discriminatoir

De drie bestaande operatoren hebben nu al elk tussen 3.000 en 4.500 sites in gebruik. Een kwart daarvan delen ze. Als de nieuwe operator mee die masten wil gebruiken, moeten die in de meeste gevallen vervangen worden. Een mast is nu ontworpen voor twee of drie antennes, niet voor vier.

99,8 procent
Dekking
Na acht jaar moet een vierde netwerkspeler een dekking van 99,8 procent behalen.

Het BIPT rekende uit dat de vervanging van zo’n 1.000 masten tot 150 miljoen euro kan kosten. Die kosten komen boven op de 115 miljoen die een vierde operator in theorie moet betalen voor de benodigde frequentiebanden. Dat is de startpositie, daarna volgen nog commerciële en administratieve kosten.

Twee van de drie bestaande operatoren - Proximus en Telenet - noemden de voorwaarden voor de nieuwkomer deze week al ‘discriminatoir. Zij moeten voor de 700 MHz-frequentieband al twee jaar sneller voldoen aan de dekkingseis van 99,8 procent. ‘De nieuwe speler kan tegen betere voorwaarden op de markt komen. Dat is een competitief nadeel voor ons’, fulmineerde Telenet.

Toch blijft de vraag of de nieuwkomer - Niel? - de voorwaarden disruptief genoeg vindt en er een levensvatbare businesscase in ziet. De Fransman weet ook dat de bestaande operatoren nu gealarmeerd zijn. In februari lanceerde Orange Belgium al een nieuw abonnement met ongelimiteerde data voor 40 euro. Een telecomrevolutie blijft mogelijk, maar het wordt er wel een met hordes.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect