Snuisteren tussen vliegende taxi's en oprolbare tv's

©EPA

Consumentenelektronica blijft de raison d’être van de bekende Consumer Electronics Show (CES) in Las Vegas. Maar er worden ook steeds meer computers, slimme wagens en andere gadgets aan het grote publiek voorgesteld. Een overzicht.

Ondanks de influx van een heleboel andere producten blijft de CES vooral de plek waar tv-toestellen, UHD-Blurayspelers en soundbars aan het publiek worden voorgesteld.

LG liet op de editie van 2020, die deze week doorging, een nieuwe reeks oled-schermen zien, met zowel aan de boven- als de onderkant van het gamma interessante nieuwigheden. Aan de top van de piramide stelde het Koreaanse bedrijf een nieuwe reeks 8K-tv’s voor (u dacht toch niet dat het bij 4K zou stoppen?). Ook de oprolbare oled-tv was weer van de partij. Die werd vorig jaar aangekondigd, maar zou dit jaar te koop komen. Prijskaartje: rond 60.000 dollar voor een 65 inch groot scherm. LG heeft ook een prototype klaar van een tv die van boven naar onder kan uitgerold worden, zoals een projectiescherm. Die blijft echter nog even in het labo.

Aan de andere kant van het spectrum heeft LG (en ook Sony, dat LG-panelen inslaat) een oled-tv aangekondigd met een 48 inch groot scherm. Tot nu was 55 inch het kleinste oled-formaat dat LG produceerde. De nieuwe benjamin moet dankzij een vriendelijk prijskaartje de doorbraak van oled bij een groot publiek forceren.

MicroLED

Het Chinese Lenovo brengt tegen mei een oprolbare tablet op de markt voor zo’n 2.500 dollar.

Ook aartsrivaal Samsung pakte in Las Vegas uit met 8K-televisies, maar de meeste aandacht ging naar zijn nieuwe reeks MicroLED-schermen. Die combineren de voordelen van oled (perfecte zwartwaarden) met die van lcd (een hoge helderheid), maar waren tot nu erg lastig te fabriceren, omdat Samsung alle miljoenen pixels in het scherm van hun eigen ledje moest voorzien.

Het bedrijf heeft die uitdaging min of meer overwonnen en wil de apparaten in grotere aantallen van de band laten rollen. Desondanks zal de prijs voorlopig erg hoog blijven, ook omdat het kleinste scherm dat het bedrijf aanvankelijk wil aanbieden liefst 77 inch groot zal zijn. Een maximale grootte is er zelfs niet: MicroLED-blokken laten zich zonder veel problemen aan elkaar ‘plakken’. Op de CES stond een scherm met een diagonaal van 292 inch of bijna 7,5 meter.

Bionische flaps

Wie op tv-schermen uitgekeken was, hoefde zich in Vegas niet te vervelen, want er was nog meer interessants te zien. Intel, Dell en Lenovo hadden oprolbare tablets meegebracht. Halfopen gevouwen zijn ze een soort laptop met een virtueel toetsenbord, helemaal open veranderen ze in tablets. Lenovo heeft al concrete plannen om zijn Thinkpad X1 Fold op de markt te brengen. Tegen mei gaat het apparaat in de VS in de verkoop, voor net geen 2.500 dollar. Microsoft heeft met Windows 10X een besturingssysteem klaar dat toegespitst is op zulke apparaten.

Luchttaxi

Niet alleen pure elektronicagadgets worden voor het eerst op de CES voorgesteld, tegenwoordig gebeurt dat ook steeds vaker met auto’s. Zo had Mercedes-Benz zijn AVTR-conceptcar overgevlogen naar Las Vegas, een futuristische kar die zo kon weggereden zijn uit de sf-film ‘Avatar’ (vandaar ook de naam).

De - uiteraard - elektrisch aangedreven AVTR heeft geen stuurwiel, maar een soort oplichtende bal die de chauffeur kan herkennen aan zijn hartslag en ademhaling. Het voertuig kan ook zijdelings rijden. Achteraan heeft Mercedes dan weer 33 ‘bionische flaps’ gemonteerd, die de wagen kan gebruiken om te communiceren met andere weggebruikers.

Ook elektrisch is de nieuwe Fisker Ocean, een SUV die de Tesla Model Y het vuur aan de schenen moet leggen en met een volle batterij zo’n 400 tot 480 kilometer ver moet raken. Op het dak van de auto liggen ook zonnepanelen die op zonnige dagen wat extra kilometers rijbereik mogelijk moeten maken. De wagen is het geesteskind van de Deen Henrik Fisker, die nog als ontwerper bij Tesla werkte. Fisker is aan zijn tweede autobedrijf toe nadat zijn eerste in 2013 failliet is gegaan. De Ocean moet vanaf 2021 op de markt komen. In de VS wisselt hij vanaf 37.500 dollar van eigenaar.

Een stukje verder in de toekomst ligt het concept dat Hyundai samen met het taxibedrijf Uber in Las Vegas presenteerde. Zij komen met de S-A1 op de proppen, een elektrische luchttaxi die al vanaf 2023 door het zwerk moet schieten. Het ding heeft een bereik van 100 kilometer en kan 300 tot 600 meter hoog vliegen met een kruissnelheid van zo’n 300 kilometer per uur. Er kunnen vier passagiers mee en er is ook een stoel voorzien voor een piloot, al zal die op termijn vervangen worden door een autonoom vliegsysteem, klinkt het bij de twee initiatiefnemers. De eerste proefvluchten moeten nog dit jaar plaatsvinden.

Opmerkelijk: Sony had niet alleen tv’s, fotocamera’s en koptelefoons meegebracht naar de CES, maar ook een wagen. De elektrische Vision-S kan echt rijden, maar zal in de getoonde vorm nooit op de markt komen. Het Japanse bedrijf wil vooral laten zien welke technologieën het in huis heeft om de auto van de toekomst mee vorm te geven.

Zo is het dashboard een potpourri van zeven grote schermen waarop de chauffeur en de passagier voertuiginformatie, beelden van de achteruitrijcamera en elektronische zijspiegels, en films en muziekclips kunnen bekijken. Ook de achterste passagiers hebben hun eigen aanraakscherm en luidsprekers die in de hoofdsteunen zijn ingewerkt. De wagen beschikt voorts over een karrenvracht aan sensoren, camera’s en radarsystemen om hem autonoom te laten rijden.

Levend labo

Ondanks de zelfrijdende auto’s en vliegende taxi’s gaat de prijs voor het meest ambitieuze project op de CES naar het Japanse Toyota. De autoproducent kondigde er aan dat hij aan de voet van Mount Fuji, nabij Tokio, een nieuwe stad gaat bouwen. Woven City, zoals het project is gedoopt, zal een terrein van 175 hectare beslaan en wordt een soort levend laboratorium voor wetenschappers die zich met robotica, mobiliteit, slimme huizen, energie en kunstmatige intelligentie bezighouden.

In eerste instantie zouden zo’n 2.000 mensen in Woven City gaan wonen, vooral Toyota-medewerkers, wetenschappers en gepensioneerden. In de stad, die mee vormgegeven wordt door de bekende Deense architect Bjarke Ingels, wordt duurzaamheid het sleutelwoord. Energie wordt er opgewekt door zonnepanelen en brandstofcellen, en er zullen alleen autonome en elektrische wagens rijden. Het is ook de bedoeling de gebouwen zoveel mogelijk te laten samensmelten met de bestaande vegetatie.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud