interview

'Uw receptionist kan straks in Manilla zitten'

©katrijn van giel

De overheid is niet voorbereid op de schokgolf die ‘globotica’ door onze arbeidsmarkt zal jagen, zegt Richard Baldwin in zijn jongste boek. ‘Uw receptionist kan straks in Manilla zitten.’

Baldwin, professor internationale economie aan het Graduate Institute in Genève, is een wereldautoriteit in het onderzoek naar economische globalisering. In zijn boek ‘The Great Convergence’ schetste hij de oorzaken en de gevolgen van de voorbije twee globaliseringsgolven, de industriële revolutie en de ICT-revolutie, en voorspelde hij de komst van een derde grote, disruptieve golf.

Over die derde golf gaat zijn jongste boek ‘The Globotics Upheaval: Globalisation, Robotics and the Future of Work’. Baldwin beschrijft hoe de combinatie van robotica en globalisering - wat hij samentrekt tot ‘globotics’ - grote gevolgen zal hebben voor onze diensteneconomie. Niet de arbeider aan de band, maar de hoger opgeleide kantoorwerker zal zijn job deze keer zien verdwijnen, voorspelt hij.

We spraken Baldwin in Antwerpen, waar hij deze ochtend de keynotespreker is op TCI2019, een economische conferentie georganiseerd door Flanders Investment & Trade (FIT) en het Agentschap Innoveren & Ondernemen (VLAIO).

Waarin verschilt globotics van eerdere automatiserings- en globaliseringsgolven?

Bio

Richard Baldwin (Boston, 1958) is hoogleraar internationale economie aan het Graduate Institute of International and Development Studies in Genève. Hij is de oprichter en de hoofdredacteur van de economische website VoxEU.org en een spilfiguur van het academische netwerk CEPR (Center for Economic Policy Research). Hij gaf onder meer les aan MIT, Oxford en Columbia.

Richard Baldwin: ‘Tussen de industriële revolutie en de eerste grote golf van globalisering zat ongeveer een eeuw. Na de start van het computertijdperk duurde het maar een jaar of twintig voor we een nieuwe globaliseringsgolf kregen. Wat het vandaag zo anders maakt, is dat de automatisering en de globalisering tegelijk plaatsvinden. De belangrijkste drijvende kracht erachter is ‘machine learning’, het feit dat de cognitieve capaciteiten van computers enorm zijn toegenomen, waardoor ze bijvoorbeeld beelden of gezichten kunnen herkennen of een menselijke conversatie kunnen voeren. Daardoor kan een groot aantal dienstenjobs geautomatiseerd worden. Denk aan het lezen en het beantwoorden van routineuze e-mails. Een computer kan dat duizenden malen efficiënter doen.’

‘De globalisering die ik voorspel, is mee het gevolg van de enorme verbetering van machinevertalingen, waardoor mensen veel makkelijker vanop afstand diensten kunnen leveren. Ik noem hen ‘telemigranten’. Veel webontwikkelaars voeren al opdrachten uit voor klanten die aan de andere kant van de wereld zitten. Internationale freelanceplatformen zoals Upwork of Freelancer zijn nog bescheiden, maar groeien met 20 à 30 procent per jaar.’

Outsourcing of ‘offshoring’ van activiteiten gebeurt toch al langer dan vandaag?

Baldwin: ‘Telemigratie gaat veel verder. Dankzij de kwaliteit van de verbindingen kunnen bedrijven individuele taken uitbesteden aan goedkope buitenlandse werkkrachten. Je kan bijvoorbeeld een hotelreceptie laten bemannen door een goedkope werknemer met een videoverbinding in Manilla.’

Welke jobs overleven wel?

Baldwin: ‘Heel precies weten we dat niet, maar ze zullen taken omvatten die globots nog niet aankunnen, zoals het tonen van menselijke empathie. De kantoorjob van de toekomst zal menselijker en persoonlijker worden. Ik ben daar optimistisch over. Het probleem zit hem in de overgangsfase, waarin veel sneller jobs verdwijnen dan er nieuwe bijkomen.’

Hoelang zal die fase duren en hoeveel jobs zal ze kosten?

Globotica bedreigt 6 tot 40 procent van de bestaande jobs. Ook de kantoorjobs.
richard baldwin
auteur en econoom

Baldwin: ‘Moeilijk te voorspellen, maar het zou me verbazen als we de komende vijf à tien jaar geen grote veranderingen zien. Nu zijn er nog meer telemigranten dan er vraag naar is, maar dat kan snel veranderen. Bedrijven worden voortgestuwd door angst en hebzucht. Zodra één bedrijf op die manier zijn kosten vermindert, doen ze het allemaal. De schattingen over het aantal bedreigde jobs lopen sterk uiteen, van 6 tot 40 procent van de beroepsbevolking. In het eerste geval is er geen groot probleem, in het tweede geval krijg je sociale onrust. Ik wil waarschuwen dat er een grote kans bestaat op disruptie, want de overheid is zich daar vandaag niet van bewust. Zelfs de technologisch meest gesofistikeerde landen hebben geen plan om met artificiële intelligentie om te gaan.’

Wat kan de overheid doen?

Baldwin: ‘We hebben geen radicaal ander beleid nodig, wel een actief arbeidsmarktbeleid. Zorg voor herscholing en maak het makkelijker om van job te veranderen, bijvoorbeeld door het mogelijk te maken dat werknemers opgebouwde rechten kunnen meenemen. We moeten niet de jobs beschermen, maar de werknemers. Denemarken staat daar het verst in, met zijn flexicuritymodel.’ (een combinatie van flexibele jobs en sociale bescherming, red.)

Sommigen stellen voor niet arbeid, maar robots te belasten.

Baldwin: ‘Dat is een van de domste dingen die ik ooit gehoord heb. Die mensen hebben het dan over fysieke robots. Maar hier spreken we over robotsoftware. Die zit nergens. Je kan net zo goed elke Excel-sheet gaan belasten.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect