Advertentie

'Vlaams datanutsbedrijf moet uiteindelijk 100 procent privé worden'

Vlaams minister-president Jan Jambon. ©BELGA

Vlaanderen moet voor digitalisering bij de top in Europa zitten. Dat zei Vlaams minister-president Jan Jambon op de Trefdag Digitaal Vlaanderen. De Vlaamse overheid werkt aan de oprichting van een datanutsbedrijf dat uiteindelijk 100 procent privé moet worden.

Vlaanderen zit in Europa in 'de bovenste helft' voor digitalisering, maar wil aansluiting zoeken bij de Scandinavische landen, de Baltische staten en Nederland. Daarbij speelt het ontsluiten van data een grote rol, legde Jambon uit.

'De burger die digitale dienstverlening wil, moet die gemakkelijk kunnen vinden voor alle overheidsloketten', vindt Jambon. Daarvoor moet Mijn Burgerprofiel instaan, dat alle officiële gegevens en de overheidsadministratie van de burger verzamelt. Zo'n 65 lokale overheden hebben Mijn Burgerprofiel op hun website, tegen eind 2022 moet dat voor alle gemeenten het geval zijn. Tegen dan zou de burger via dat ene loket alle digitale dienstverlening moeten krijgen, van de gemeenten, de Vlaamse overheid en, volgens Jambon, 'hopelijk ook van de federale overheid'. Op de trefdag werd getoond hoe burgers het groeipakket, het vroegere kindergeld, kunnen raadplegen in Mijn Burgerprofiel.

Datakluizen

Jambon herhaalde dat de nieuwe technologie Solid kan worden gebruikt. Solid is uitgedacht door de uitvinder van het web, Tim Berners-Lee, maar ook Vlaamse experts werkten van bij het begin mee aan de ontwikkeling van die technologie. Solid bestaat uit digitale datakluizen die burgers en bedrijven weer de baas over hun eigen gegevens moeten maken.

Avatars in de virtuele conferentie-omgeving Thola komen samen voor de Trefdag Digitaal Vlaanderen.

Het gebruik van technologie om op een veilige manier met data om te springen moet een doorgedreven digitalisering aanvaardbaar maken voor brede lagen van de bevolking.

Datanutsbedrijf

In de optiek van het 'vloeiend uitwisselen van informatie' werkt Jambon aan het opzetten van een Vlaams datanutsbedrijf. 'In het verleden heeft de overheid voor gas, elektriciteit en televisiesignalen nutsbedrijven opgezet. Met de nieuwe maatschappelijke uitdagingen moet dat ook het geval zijn voor data.' Bedrijven en overheden die willen automatiseren, moeten dan niet zelf op zoek gaan naar databronnen, terwijl de veiligheid en de privacy wordt gegarandeerd.

'Het is niet de bedoeling nog maar eens een staatsbedrijf op te richten', zegt de minister-president. Barbara Van Den Haute, de administrateur-generaal van Informatie Vlaanderen, zei dat 'het in de eerste plaats de bedoeling is privébedrijven als partner aan boord te hijsen'. Daarnaar gevraagd verduidelijkte Van Den Haute dat het datanutsbedrijf 'uiteindelijk' 100 procent privé moet worden. Wanneer dat precies is en hoe de structuur er zal uitzien, is nog geen uitgemaakte zaak.

'De overheid neemt wel het initiatief om het momentum niet verloren te laten gaan', zegt de administrateur-generaal. 'Het nutsbedrijf moet de verschillende data-eilanden in Vlaanderen met elkaar verbinden zodat de datastromen meerwaarde kunnen creëren in de economie en de samenleving.'

Uit de werkzaamheden van de trefdag was af te leiden dat een datanutsbedrijf voor domeinen als mobiliteit - denk aan data gaande van openbaar vervoer over taxi's tot deelsteps - of voor de vele aspecten van de vastgoedsector data kan bijeenbrengen en uitwisselbaar maken. Dat zou tal van partijen ten goede komen, ook als ze concurrenten zijn. Het zou ook voor de burger een goede zaak zijn, zoals tal van smartcitiesprojecten aantonen.

Professor Lieven De Marez van de Universiteit Gent, gespecialiseerd in media, innovatie en communicatie, raadde aan de eerste toepassingen van zo'n datanutsbedrijf voldoende breed te houden. 'Kom met toepassingen die de grote groep nog twijfelende burgers over de streep trekken, niet met zaken die alleen de innovatoren aanspreken.' De overheid heeft een belangrijke rol te spelen, meent De Marez. De eerste toepassingen moeten komen van spelers die vertrouwen genieten. De Marez noemde de Vlaamse overheid, maar ook de VRT en KBC.

Prijzen voor Telraam en EPC-rekenmotor

Er werden op de Trefdag prijzen uitgereikt voor de beste Application Programming Interface (API) en voor de beste toepassing van een API. Zo'n API laat data vlot stromen tussen toepassingen en partners en leidt tot administratieve vereenvoudiging, innovatie en meer samenwerking.

De prijs voor beste API ging naar Telraam van Transport & Mobility Leuven. Die voor de beste toepassing van een API was voor het ontsluiten van de EPC-rekenmotor van het Vlaams Energieagentschap. Criteria waren onder meer innovatie, het gebruik van open standaarden, gebruiksvriendelijkheid en een link hebben met de publieke sector.

Telraam geeft mensen de kans verkeersmetingen uit te voeren. Via die eenvoudige en innovatieve technologie registreren burgers zelf het aantal auto’s, zwaar verkeer, bussen, fietsers en voetgangers in hun straat.

De EPC-rekenmotor tekent voor de berekeningen voor het Energieprestatiecertificaat (EPC), dat verplicht is bij de verhuur of de verkoop van een woning. Om de EPC-berekeningen toegankelijker te maken werden API's ontwikkeld die met de nodige input de officiële EPC-rekenmotor aanroepen.

Virtuele omgeving

Voor de Trefdag werd het congresplatform Thola gebruikt, een product van het Antwerpse IT-bedrijf Exsertus. Het platform integreert video met een virtuele omgeving waar de deelnemers als avatars kunnen netwerken met elkaar. Er waren 121 standhouders en 3.150 inschrijvingen, ruim 700 meer dan voor het fysieke evenement vorig jaar. Het was voor het eerst dat een dergelijk groot evenement op het platform plaatshad, in de loop van de middag werd het evenement geplaagd door technische problemen.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud