Kweekburger ontsnapt uit lab

©REUTERS

Echt vlees waarvoor geen enkel dier geslacht hoeft te worden: de droom van de Nederlandse onderzoeker Mark Post komt stapje voor stapje dichterbij. ‘De belangrijkste technische hindernissen hebben we opgelost.’

Er was er maar één van en hij had een kwart miljoen dollar gekost. Maar de publiciteit die ’s werelds eerste artificiële burger oogstte, was dat prijskaartje meer dan waard. Mark Post presenteerde zijn kweekburger in 2013 tijdens een grote show in Londen. ‘Kweekvlees’, gemaakt door dierlijke cellen zich in gecontroleerde omstandigheden te laten vermenigvuldigen, werd dankzij die mediashow een begrip voor gewone consumenten. Het werd gepresenteerd als een haalbaar alternatief voor de veeteelt, dat heel wat problemen inzake het milieu en het dierenwelzijn uit de wereld kon helpen.

Toch was de kweekburger vier jaar geleden nog bijlange niet klaar voor een grootschalige, kostenefficiënte productie. ‘We hadden toen nog een boel technische problemen’, zegt Post. ‘In die eerste kweekburger zaten nog een paar dierlijke stoffen verwerkt die we niet zelf kunnen aanmaken, zoals het serum om de cellen te doen groeien. Ook kleurden de vezels geel in plaats van rood, omdat er te weinig heemijzereiwitten aanwezig waren. En we hadden een burger die alleen uit vlees bestond en niet uit vetweefsel.’

Maar vier jaar later zijn die hindernissen zo goed als opgeruimd. ‘We kunnen vetweefsel maken, het serum hebben we zo goed als vervangen, al moet het nog wat geoptimaliseerd worden, en we hebben het heemijzereiwit kunnen opschroeven door cellen te kweken onder lage zuurstofcondities.’ Die doorbraken maakten dat Post zich nu voorbereidt op de industriële fase van de kweekvleesproductie, waartoe hij vorig jaar het bedrijf MosaMeat heeft opgericht. Als CEO werd Peter Verstrate aangetrokken, een voedingsexpert die al meer dan twintig jaar in de voedingsindustrie werkt.

‘MosaMeat heeft als doel de productie van het kweekvlees op te schalen en het door de regulatoren te laten goedkeuren. Dat proces zal in 2018 starten, na de afronding van een nieuwe financieringsronde die we nu aan het finaliseren zijn. We hebben al eerder geld opgehaald waarmee we de komende twee jaar verder kunnen. De volgende ronde, voor een aanzienlijk groter bedrag, hopen we begin volgend jaar af te sluiten’, aldus Post. De wetenschapper wil nog geen bedragen of namen van geldschieters noemen, maar het is bekend dat Google-co-oprichter Sergey Brin een van zijn vroege financiers was.

Over drie jaar hopen we onze burgers op de markt te hebben. Ze zullen een euro of 10 kosten. Duur maar betaalbaar.
Mark Post
ontwikkelaar kweekvlees

Wat moet er nog gebeuren voor we zelf een kweekburger kunnen proeven?
Mark Post: ‘We moeten de productie opschalen van een tank van 1,5 liter naar eentje van 25.000 liter. We hebben er alle vertrouwen in dat dat zal lukken, maar we zullen onderweg nog wel wat problemen tegenkomen die tijd en geld kosten. Over drie jaar hopen we onze burgers op de markt te hebben. Ze zullen een euro of 10 per stuk kosten. Duur, maar betaalbaar. In het begin zal het nog om vrij kleinschalige lokale productie gaan, voor restaurants en speciaalzaken. We spreken dan over pakweg 400.000 kilo per jaar, genoeg om 10.000 mensen een jaar van vlees te voorzien. In de fase daarna mikken we op exponentiële groei, door licenties te geven aan bedrijven die voor ons produceren.’

Hoe weet u of de consument wel kweekvlees op zijn bord wil?
Post: ‘Er is al onderzoek naar gedaan, al is dat natuurlijk wat droogzwemmen omdat we nog geen product hebben. Onlangs hebben we een onderzoek gedaan bij 200 mensen in Zuid-Limburg. We hebben hen niet alleen vragen gesteld, maar we lieten ze ook een stukje eten van een hamburger die we gelabeld hadden als kweekburger, hoewel het eigenlijk een gewone burger was. Eén groep gaven we uitleg over de maatschappelijke voordelen van kweekvlees, een andere groep over de persoonlijke voordelen zoals de invloed op de gezondheid, en een derde groep over de lekkere smaak. Vervolgens hebben we bekeken hoe die uitleg de acceptatie en de beleving beïnvloedde. Daar kwamen een paar verrassende conclusies uit.’

Namelijk?
Post: ‘Ik kan nog geen details geven omdat de studie nog niet gepubliceerd is in de wetenschappelijke pers. Maar ze bevestigde wel eerdere resultaten die aantonen dat 50 procent van de respondenten kweekvlees als positief beoordeelt. En wat misschien nog het verrassendste was: alle 200 hebben het vlees gegeten. Dat betekent dat ze geen grote drempel voelen als kweekvlees er hetzelfde uitziet en hetzelfde aanvoelt als echt vlees.’

Wat wordt het belangrijkste verkoopargument voor kweekvlees?
Post: ‘Daar hebben we niet expliciet naar gevraagd. Maar mijn gevoel zegt dat men vooral waarde hecht aan de diervriendelijkheid, meer dan aan de milieu- of gezondheidsaspecten. Voor mij persoonlijk draait het vooral om het milieu en de voedselzekerheid. De universiteit van Oxford heeft berekend dat je met kweekvlees tot 90 procent op water en land kan besparen. Over de energiebesparing zijn de meningen verdeeld, maar dat is voor mij niet het belangrijkste aspect. Energie wordt steeds goedkoper en zal overdadig aanwezig zijn.’

Voor veeboeren wordt kweekvlees een concurrent. Spreekt u soms met die beroepsgroep?
Post: ‘Ja, ik word regelmatig uitgenodigd door veeboeren, vooral in het buitenland. Dat geeft aan dat ook die groep er wel mee bezig is. Ik zie bij die mensen heel veel reserve, wat begrijpelijk is, gezien de impact op hun economische voortbestaan. Maar ik word niet alleen uitgenodigd omdat men kweekvlees als een bedreiging ziet. De vleesindustrie begrijpt ook dat ze met problemen kampt waarvoor ze zelf geen oplossing heeft.’

We moeten ertoe komen dat boeren voedsel blijven produceren voor ons, maar dan zonder veeteelt.

En wat is uw oplossing voor de boeren?
Post: ‘Boeren zijn de ultieme entrepreneurs. Ze willen geld verdienen, het maakt eigenlijk niet uit met welk product ze dat doen. Mijn buurman is varkensboer, maar hij gaat ermee stoppen en naar aardappels overschakelen omdat hij daar meer mee kan verdienen. We moeten ertoe komen dat boeren voedsel blijven produceren voor ons, maar dan zonder veeteelt. We hebben nog altijd eiwitten, vitaminen en mineralen nodig, maar die kunnen net zo goed van plantaardige origine zijn.’

Werkt u ook aan complexere vormen van vlees, zoals kweekkip of kweekbiefstuk?
Post: ‘Dat is onze ambitie, maar er is wel andere technologie voor nodig. Kleine stukjes weefsel maken is vrij eenvoudig, een hele biefstuk is veel complexer. Je moet de spiervezels in een grote 3D-structuur maken, bijvoorbeeld met een 3D-printer die biomaterialen kan printen. Daar gebeurt nu veel onderzoek naar. Je moet er ook in slagen vetweefsel en spierweefsel tegelijk naast elkaar te laten groeien. Ten derde heb je een kanalensysteem en een perfusiesysteem nodig om in het dikke weefsel zuurstof en voedingsstoffen te verdelen en afval weer af te voeren. Nu, ik heb als professor 25 jaar besteed aan het maken van bloedvaten. Daar deins ik dus niet voor terug (lacht).’

U was hoogleraar vasculaire fysiologie. Was het niet moeilijk onderzoek te doen naar kweekvlees op een ogenblik dat niemand dat begrip kende?
Post: ‘Ik ben een wetenschapper, ik ben het gewoon in de schaduw te werken. Het is eerder uitzonderlijk dat er zo’n grote interesse bestaat voor wat we doen. Maar mijn overstap van de medische wereld naar de voedselsector werd wel vreemd bekeken. Men vindt het intellectueel een stap achteruit. Mijn collega’s vinden me een beetje een rare vent, zelfs mijn familie vindt dat (glimlacht). Intussen zijn er wel een aantal die zich hier ook mee bezighouden, maar in het begin sta je alleen. Maar het is nu eenmaal ons vak om grenzen te zoeken en erover te gaan.’

Ook andere bedrijven proberen ons vlees te vervangen, zoals het Amerikaanse Impossible Foods.
Post: ‘Zij maken een plantaardige vleesvervanger en daar heb ik helemaal geen probleem mee. Het gaat erom wat de behoefte van consumenten aan vlees kan bevredigen. Of het plantaardig is of niet, dat maakt niet uit. Ik denk dat we op verschillende paarden moeten wedden, en hopelijk zijn we allemaal succesvol. Al zie ik niet in hoe je met planten een hele biefstuk kunt vervangen. Wat ik daarvan al gezien heb, lijkt nog nergens op.’

Wanneer schakelt de wereld helemaal over op kweekvlees?
Post: ‘Dat vraagt om een massale productie. Om zo’n enorme industrie als de vleessector te vervangen, heb je zeker 20 jaar of meer nodig. Maar als we over 10 jaar aan 10 procent zitten, is dat al heel wat.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud