interview

Frans de Waal: ‘Het mooie aan mensapen is dat ze niets kunnen zeggen'

©Tim Dirven

De populaire primatoloog ergert zich aan ons superioriteitsgevoel en predikt in zijn boeken dat dieren veel slimmer zijn dan wij denken. Ontbijt met De Tijd.

Ontbijt met De Tijd

Brussel, 9.00 uur, in het Hilton Grand Place.

Met de Nederlandse primato-loog Frans de Waal praten we over dierlijke intelligentie en over een vrouwelijke aap die voor elk experiment gekust wilde worden.

Hij stapelt al decennia de internationale bestsellers op, heeft een half miljoen volgers op Facebook en pakte onlangs in de Bozar in Brussel moeiteloos duizend toehoorders in met een lezing over de intelligentie van dieren. Op zijn 69ste blijft de Nederlander Frans de Waal de populairste aller primatologen. Sinds 1981 zijn de Verenigde Staten zijn uitvalsbasis. In Atlanta specialiseert hij zich in de evolutie van mensen en apen aan het Yerkes Primate Research Centre en doceert hij psychologie aan de Emory University.

De Waal klopt al jaar en dag op dezelfde nagel: dieren zijn veel slimmer dan wij denken. Zijn jongste bestseller heet niet voor niets ‘Zijn we slim genoeg om te weten hoe slim dieren zijn?’. ‘Het antwoord is genuanceerd’, zegt De Waal aan het ontbijtbuffet van het Hilton Grand Place in Brussel. ‘Dertig jaar geleden was het nog problematisch om mens en dier te vergelijken. Dat is gelukkig verleden tijd. Dankzij de vele dierenstudies van de voorbije tien jaar, en de ontelbare YouTube-filmpjes die mensen posten, merk ik steeds meer belangstelling voor dierlijk gedrag.’

Maar de strijd is niet gestreden. ‘De mens blijft maar benadrukken hoe dom andere diersoorten zijn, om daar zijn eigenwaarde uit te halen. Die houding rechtvaardigt ook onze omgang met dieren. Als je ze als gevoelloze machientjes afschildert, is het niet zo erg dat je ze in de vreselijkste omstandigheden grootbrengt om vlees te produceren. Zelf eet ik geen zoogdieren. Er is geen wetenschappelijk bewijs voor, maar ik denk dat dieren meer lijden naarmate hun brein groter is.’

Onze verhalen en herinneringen zijn volkomen onbetrouwbaar.
Frans De Waal
Primatoloog

De Waal is een man met een missie. Hij wil bewijzen dat onze intelligentie een variant is op die van andere soorten. ‘In ons onderzoek toonden we aan dat je bij apen ook neigingen vindt die wij inbouwden in onze morele systemen, zoals empathie.’ Hij neemt twee kleine confituurpotjes. ‘In een van onze experimenten met chimpansees en kapucijnapen konden ze uit twee objecten kiezen. Koos de aap het ene, dan gaven we alleen hem te eten. Koos hij het andere, dan kreeg ook zijn vriendje in een andere kooi te eten. Als we dat vele malen na elkaar deden, kozen de apen steeds vaker de tweede optie.’

‘In een ander experiment kreeg een bonobo een stapel fruit. Hij kon die alleen opeten. Maar hij kon ook een deur openen en een andere bonobo binnenlaten. Meestal koos hij de tweede optie, ook al was hij dan de helft van zijn fruit kwijt.’

Al van jongs af is de Nederlander, die opgroeide in Waalwijk, verslingerd aan dieren. ‘Ik hield thuis tamme kauwen en vond het fascinerend om de vissen, kikkers en salamanders die ik in de sloot ving te observeren.’

Als beginnend bioloog revolteerde hij in de jaren zeventig tegen de gangbare intelligentietests bij dieren. ‘Lange tijd gooiden biologen alle soorten op een hoopje en pasten de tests totaal niet bij de specifieke vaardigheden van het dier’, vertelt hij. ‘Een bekend voorbeeld is de werktuigtest bij olifanten. Toen de olifanten de stok niet wilden gebruiken die hen werd aangereikt om een banaan buiten hun kooi te pakken, besloot men dat ze het probleem niet begrepen. Jaren ging men ervan uit dat ze geen werktuigen konden gebruiken.’

De waarheid bleek omgekeerd. ‘Wij begrepen de olifanten niet. De slurf is niet alleen een grijpinstrument, hij is ook een onmisbaar reuk- en tastorgaan. Zodra olifanten een stok oppakken, zit hun slurf verstopt en voelen ze amper nog iets. Toen ze bij een andere test kistjes kregen waarop ze konden gaan staan om hooghangend voedsel te pakken, gebruikten de olifanten die wel om met hun slurf het voer te kunnen grijpen.’

Het intimidatiegedrag van Donald Trump doet denken aan dat van mannelijke chimpansees.
Frans De Waal
Primatoloog

De Waal ziet de mens wel vaker de mist ingaan bij dierlijke intelligentietests. ‘Ik denk aan tests met chimpansees. Er werd lang van uitgegaan dat ze mensen niet kunnen imiteren. Waarom? Omdat ze de onderzoekers niet wilden nabootsen. Maar je moet het je eens inbeelden: zo’n chimpansee ziet plots een wildvreemde in een witte labojas zijn kooi binnenkomen... Hij is niet op zijn gemak omdat hij er geen band mee heeft. Mensen onderschatten hoeveel tijd in tests met dieren kruipt. Wij hadden in de VS zelfs eens een vrouwelijke aap die erop stond om voor elk experiment een kus te krijgen van mijn studenten, anders deed ze niets.’

Of hij door zijn apenonderzoek ook de mens beter heeft leren te begrijpen? ‘Ik wil vooral dat mensen anders naar zichzelf gaan kijken en beseffen dat ze niet zo anders zijn dan dieren. Wij onderschatten hoezeer biologie en genetica een rol spelen als drijfveren van ons gedrag. In plaats daarvan besteden we overmatig veel aandacht aan wat we over onszelf zeggen.’

De Waal is echt op dreef nu. ‘Veel psychologen werken alleen met de dingen die ze uit onze mond optekenen. Maar onze verhalen en herinneringen zijn volkomen onbetrouwbaar! Mensen liegen dat ze zwart zien. Het mooie aan mensapen is net dat ze niets kunnen zeggen. Je moet hun emoties afleiden uit hun gedrag. Dat is veel interessanter. En betrouwbaarder.’

Met zijn onderzoeken illustreerde De Waal ook dat het gedrag van apen en mensen vaak amper verschilt. In 1982 brak hij internationaal door met de bestseller ‘Chimpanseepolitiek’, over de machiavellistische machtsstrijd bij apen: erg herkenbaar voor wie bedrijvig is in de ‘menselijke’ politiek en het bedrijfsleven. De Waal zette trouwens ook het begrip ‘alfamannetje’ op de kaart.

De Amerikaanse president Donald Trump is een alfamannetje, aldus primatoloog Frans de Waal. ©AFP

We vragen hoe hij het alfamannetjesgehalte van de Amerikaanse president Donald Trump inschat. ‘Hij is er zeker een’, zegt De Waal afgemeten. ‘Vooral door de manier waarop hij met zijn rivalen omgaat. Zijn intimidatiegedrag doet denken aan dat van mannelijke chimpansees, die dat doen om aan de top te geraken. Maar zodra ze aan de macht zijn, komen de goede alfamannetjes onder de chimpansees op voor de underdog. Ze tonen veel empathie, troosten wie wordt aangevallen en willen de vrede bewaren. In dat opzicht is Trump totaal geen alfamannetje. Hij helpt niet om de VS bij elkaar te houden, integendeel. Ik hoop echt dat hij maar één ter-mijn aanblijft.’

Toch blijft De Waal, die inmiddels ook de Amerikaanse nationaliteit heeft, gek op de VS. ‘Natuurlijk heb je er een boel problemen, zoals de wapenkwestie en de gezondheidszorg. Maar Amerikanen zijn minder conformistisch en hiërarchisch dan Europeanen. Ik hou ervan dat ze succes aanmoedigen. Telkens als ik een onderzoeksbeurs binnenhaal of goed scoor met een boek, is iedereen rond me erg blij. Terwijl je de zure mensen in Nederland al snel ziet denken: ‘Wie denkt hij wel dat hij is?’

Hoewel hij nog geregeld in Nederland is voor gastcolleges aan de Universiteit Utrecht denkt De Waal er niet aan terug te keren naar zijn vaderland. Daarvoor zijn hij en zijn Franse echtgenote, die tot aan haar pensioen Frans gaf aan het Georgia Institute of Technology in Atlanta, al te lang verknocht aan de Verenigde Staten.

Kinderen heeft het koppel niet, maar jarenlang waren er katten in huis. ‘Ik vind katten prettige, rustige dieren. Zeker vergeleken met honden. Katten zijn ook erg sociaal, in tegenstelling tot wat de meeste mensen zeggen. Ik heb thuis ook tanks vol tropische vissen. Ik liet ze inbouwen in de muur. Vissen worden onderschat. Ze leven soms in paren, soms in kleine groepjes, en zijn territoriaal. Ze vertonen verrassend veel interessant gedrag.’

Net als wel meer huisdieren, aldus De Waal. ‘Amerikaanse universiteiten voeren steeds meer onderzoek naar honden. Dat leverde al interessante bevindingen op. Zo werd aanvankelijk gedacht dat honden slimmer zijn dan wolven en apen. Dat komt doordat mensen gehoorzaamheid verwarren met intelligentie. Als ik een bal weggooi en een hond brengt die terug, dan is dat omdat een hond al zo lang geleerd wordt aandacht aan ons te besteden. Een wolf niet, maar dat maakt hem nog niet dom. In hondenlabo’s hebben ze honden al vergeleken met wolven die bij mensen zijn grootgebracht. Daaruit bleek dat veel van de veronderstelde intelligentieverschillen verdwenen.’

De Waal vertelt dat hij in de herfst een boek uitbrengt over emoties bij dieren. ‘Die worden nog grotendeels genegeerd in de wetenschap. Net als bij de mens begint het onderzoek naar emoties bij dieren bij gezichtsuitdrukkingen, omdat ze daar het moeilijkst te ontkennen zijn. Vroeger werd gedacht dat de mens meer spieren in zijn gezicht heeft dan chimpansees. Maar daar klopt niets van, leert post-mortemonderzoek bij apen. Chimpansees hebben hetzelfde palet aan gezichtsuitdrukkingen als wij. Bij paarden kan je de angst van hun gezicht aflezen - hun oogwit wordt groter - of aan de stand van hun oren.’

‘Mensen vragen me soms of al dat onderzoek naar dieren nog nodig is. Het antwoord is ja. Wereldwijd buigen miljoenen psychologen zich over de mens. Maar als je een internationaal congres met alle chimpanseewetenschappers organiseert, kom je aan amper vijfhonderd deelnemers. De aandacht voor de mens is nog altijd disproportioneel vergeleken met die voor dieren.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content