OCMW's vragen zuurstof voor dienstencheques

De OCMW's van de drie verenigingen van steden en gemeenten in ons land trekken dinsdag aan de alarmbel over het systeem van de dienstencheques. Het systeem staat in verschillende gemeenten zwaar onder druk en de OCMW's vragen dringend "zuurstof" van de federale overheid. Dat meldt de Union des Villes et Communes de Wallonie (UVCW).

De dienstencheques werden in 2000 ingevoerd, met een tussenkomst van 23,56 euro per uur. In de loop van de jaren zakte de tussenkomst naar 20,80 euro. Volgens de OCMW's is dat te weinig om te kunnen inspelen op de indexering, anciënniteit en omkadering van het personeel.

"De lokale besturen, die duurzame jobs wilden creëren, hebben de sociale voordelen toegekend die contractuelen normaal hebben: verloning volgens anciënniteit, eindejaarspremie, vakantiegeld. Hun budget geeft aan dat we aan de grens gekomen zijn van de financiële leefbaarheid van het systeem. Ze verwachten 2010 af te sluiten met een tekort," benadrukt de UVCW.

Minister van Werk Joëlle Milquet beloofde eind 2009 het systeem nader te bekijken. De OCMW's wijzen ook op de plannen van Milquet om een werkgroep op te richten voor de omkadering, met "minstens een voltijdse post voor omkadering per 30 dienstenchequewerknemers". De effecten van die maatregelen zouden ten vroegste in 2011 voelbaar worden.

In tussentijd vragen de OCMW's "gezien de risico's voor de werkgelegenheid" zuurstof voor het systeem: 1 euro extra voor werknemers met 5 jaar anciënniteit en de beloofde evaluatie van het systeem. (BPE)

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud