"Racismewet wordt vaak ongrondwettelijk toegepast"

"De racismewet wordt veel te ruim en vaak ongrondwettelijk toegepast. Daarom schiet ze haar doel voorbij." Dat is de conclusie van de doctoraatsthesis van rechtsantropoloog Jochum Vrielink over de Belgische rechtspraak over racisme sinds 1981. Zo melden Het Belang van Limburg en Gazet van Antwerpen zaterdag.

In de jaren negentig waren er twee veroordelingen per jaar, in 2005 was het aantal opgelopen tot 45.

De wet wordt in 80 procent van de gevallen toegepast op uitlatingen, terwijl de wet vooral bedoeld was om discriminerende daden te beteugelen. Vooral vanaf 1994 wordt de wet te ruim en zelfs ongrondwettelijk toegepast, luidt het in de studie. Bij de toepassing wordt ook geen rekening gehouden met de arresten van het Grondwettelijk Hof die vereisen dat bij een racistische uitlating aangetoond wordt dat er kwaad opzet is.

Het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en Racismebestrijding moet volgens Vrielink ook duidelijk maken waarom het zich burgerlijke partij stelt. Het centrum zou best ook geen bevoegdheid hebben om zich burgerlijke partij te stellen. Dat is eerder de taak van actiegroepen zoals de Liga voor Mensenrechten of Kif-Kif.

(AHO)

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud