Vier op tien werknemers Opel nog altijd op straat

Anderhalf jaar nadat Opel Antwerpen definitief de deuren sloot, zitten vier op de tien Opelwerknemers nog altijd zonder werk. Alle pogingen van de overheid om hen aan een andere job te helpen, zijn uitgeput. Dat schrijft het Nieuwsblad op Zondag op basis van cijfers van CD&V-parlementslid Robrecth Bothyne.

De Vlaamse overheid zette sinds de sluiting zwaar in op de hertewerkstelling van de ontslagen

werknemers en kon daarvoor ook rekenen op miljoenen euro's Europees geld. Dat werd gebruikt om de arbeiders op te leiden, om te scholen of te begeleiden naar een zelfstandige activiteit.

Uit cijfers die CD&V-parlementslid Robrecht Bothuyne opvroeg bij Vlaams minister van Werk Philippe Muyters blijkt dat 2.571 personen een beroep deden op de tewerkstellingscellen van de

VDAB. Voor 1.525 personen leverde dat resultaat op. Zij werken intussen bij 608 andere bedrijven. Het gaat onder meer om de NMBS, Belgacom, Atlas Copco of andere autoconstructeurs, zoals Audi of Volvo.

Maar dat betekent ook dat 1.046 gewezen Opel-werknemers, of vier op de tien, nog altijd geen ander werk vond. Onder hen zijn er 774 nog altijd op zoek, 271 zijn omwille van hun leeftijd niet meer beschikbaar voor de arbeidsmarkt. Opvallend is dat vooral oudere werknemers uit de boot

vallen: 65 procent is ouder dan 45 jaar.

Volgens Bothuyne worden die cijfers ook bij een gewone herstructurering gehaald. De CD&V'er vindt dat Muyters meer inspanningen moet leveren om werknemers bij herstructureringen op maat te begeleiden en korter op de bal te spelen. (VEK)

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud