De rekenmeester

Coronavirus verbergt spanning tussen Air France en KLM

Het echte verhaal achter de cijfers

Het om zich heen grijpende coronavirus eiste donderdag een hoofdrol op tijdens de persconferentie over de jaarcijfers van de Frans-Nederlandse luchtvaartcombinatie Air France-KLM. En leidde zo de aandacht af van de belabberde toestand van de Franse poot.

De fusie van Air France en KLM werd in mei 2004 beklonken in Amsterdam. De operatie paste in de geest van een pan-Europese verzoening, na de invoering van de euro en de fusie van de aandelenbeurzen van Nederland, Frankrijk en België. Het fusiebedrijf behield zijn twee nationale maatschappijen, maar kreeg als één holding een beursnotering in Parijs.

De ondergang van Sabena indachtig - de Belgische luchtvaarttrots werd door zijn Zwitserse partner Swissair zonder veel scrupules leeggezogen -maakten de Nederlanders met hun Franse partners goede afspraken over het behoud van KLM en de Amsterdamse luchthaven Schiphol.

Toch is het een klein wonder dat de fusie het al bijna 16 jaar volhoudt. Het bedrijf kampte al die tijd met een fundamenteel onevenwicht: de grotere Franse partner deelde de lakens uit, terwijl de Nederlanders voor het grootste deel van de winst mochten zorgen.

Dat blijkt opnieuw uit de gisteren voorgestelde jaarcijfers. KLM droeg 853 miljoen euro bij tot het groepsresultaat, ruim drie keer meer dan de 280 miljoen van Air France. Uit elke euro omzet kunnen de Nederlanders 4,5 keer meer winst puren dan de Fransen.

Franse analisten verwijzen dan graag naar de hogere landingsrechten en sociale lasten in hun land, maar er is natuurlijk meer aan de hand. Air France werd de voorbije jaren geregeld lamgelegd door stakingen en heel wat binnenlandse vluchten zijn niet of nauwelijks rendabel.

Dat structurele onevenwicht leidde al tot spanningen tussen Amsterdam en Parijs. Een jaar geleden kwam het tot een crisis toen bleek dat de Nederlandse staat zich een belang van 14 procent had bijeengekocht en zo op gelijke hoogte kwam met het aandeel van de Franse overheid.

Parijs protesteerde maar stemde uiteindelijk in met de Nederlandse eis om de fusiemaatschappij -lees: de Franse activiteiten - grondig door te lichten en efficiënter te maken. De in 2018 aangestelde Canadese CEO Ben Smith heeft daar nog even werk mee.

Maar voorlopig vechten de Fransen en de Nederlanders dus eensgezind tegen het coronavirus. In het lopende kwartaal zal dat virus een hap uit de operationele winst nemen van 150 tot 200 miljoen euro. De impact van het coronavirus op Air France is bijna even groot als die op KLM: ongeveer 5,5 procent van de omzet. Voor een keer kunnen Amsterdam en Parijs terecht zeggen dat ze de lasten eerlijk verdelen.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie