De vervelende waarheid over onze technologische ambitie

Ik bevind me deze week met vijftig ondernemers en academici in Israël op een techtrip georganiseerd door Voka. Israël blijkt het land van de duizelingwekkende statistieken.

'Start-up Nation', zoals het genoemd wordt, telt één techstart-up per 1.350 inwoners en twintig unicorns. De logo’s op de kantoorgebouwen verraden dat je geen dag kan doorbrengen zonder Israëlische technologie. Het is de plek waar drones, firewalls en USB-sticks werden uitgevonden. Om die reden wordt Israël vaak in één adem genoemd met de VS en China, hoewel het maar 8,5 miljoen inwoners telt. Ik vraag mij dus af: kan België het ook? Wat houdt ons tegen? Met (maar) twee unicorns reiken we qua start-upactiviteit nog niet aan de knieën van het kleinere Israël.

Ik moet niet ver zoeken naar het antwoord. Na een tiental bezoeken bij start-ups, scale-ups, scholen en organisaties die startende bedrijven begeleiden, wordt de rode draad zichtbaar. In elke presentatie valt vroeg of laat het woord 'government'. 

Voorvader

China ambieert tegen 2050 de wereldleider te zijn in wetenschap en innovatie.
Jeroen Lemaire
CEO In The Pocket

Speelde datzelfde government ook geen hoofdrol in het ontstaan van Silicon Valley? Na de Tweede Wereldoorlog werd de Amerikaanse overheid, in de aanloop naar de Koude Oorlog, een grote klant van Stanfords onderzoekslabo’s, wat veel talent naar de regio trok. Op deze vruchtbare bodem ontsproten legendarische techbedrijven zoals Shockley Semiconductors, de voorvader van alle chipbedrijven. Het onderzoek voor die technologie was geïncubeerd in het Amerikaanse leger en andere overheidsorganen. Later werd diezelfde overheid de grootste klant van de semiconductorbedrijven. Van de jaren 50 tot de jaren 80 creëerde de overheid investeringsprogramma’s op grote schaal, paste ze regulering aan op maat van techbedrijven en voerde ze fiscale incentives in om risicokapitaal te stimuleren. Het resultaat kennen we. 

En hoe kunnen we China’s ontzagwekkende technologische groei anders verklaren dan door een massieve, gecoördineerde inspanning van de Chinese overheid? China ambieert de wereldleider te zijn in wetenschap en innovatie tegen 2050, maar ik denk niet dat het zo lang zal duren. In artificiële intelligentie (AI) wil China domineren tegen 2030. Grootschalige initiatieven zoals het New Generation of Artificial Intelligence Development Plan zijn de loodgieterij waarlangs het het geld kan stromen naar digitale ondernemingen. In 2019 ging zo’n 50 miljard euro rechtstreeks naar onderzoek en ontwikkeling. Wie zich afvraagt hoe China zich in het jongste decennium ontwikkelde tot dé digitale rivaal voor de VS, moet zijn blik richten op het partijbureau in Peking.

Militaire labo's

Het is niet anders in Israël, waar menig start-up zijn oorsprong kent in militaire labo’s en waar de overheid resoluut de kaart heeft getrokken van technologisch leiderschap. 4,3 procent van het Israëlische bruto binnenlands product gaat naar onderzoek & ontwikkeling. Geen land doet beter. Overheidsinstanties financieren start-upincubators en -accelerators, stellen alles in het werk voor een gunstig ondernemersklimaat en zijn, onder meer via het machtige Israëlische leger, een grote klant van hun digitale ondernemingen. Je ziet de hand van de overheid in elk techbedrijf, in de vorm van subsidies, onderzoeksprogramma’s, infrastructuur of samenwerking met het leger.

Onze toekomst zal worden geschreven door Chinese, Amerikaanse en Israëlische programmeurs.
Jeroen Lemaire
CEO In The Pocket

Kan België ooit hetzelfde niveau halen? Kan Europa het? Ik denk het niet. De vervelende waarheid is dat we die ambitie zelfs niet hebben. Noch de visie, noch de wil om ernaar te handelen. De VS was gedreven door de Koude Oorlog om technologische superioriteit te behalen, de Chinezen worden gestuwd door hun nietsontziende politieke agenda om een grootmacht te blijven en de Israëli leven natuurlijk al decennia in staat van beleg. Wij hebben ervoor gekozen mee te draaien in het peloton, omdat we geen dringende nood hebben om naar de kopgroep te fietsen.

Dat betekent dan ook dat onze toekomst geschreven zal worden door Chinese, Amerikaanse en Israëlische programmeurs. Wij zullen onze plaats moeten zoeken in de technologische infrastructuur die zij voor ons aan het uitbouwen zijn.

 

Lees verder

Gesponsorde inhoud