Turkije stuurt boze brief naar Geens

De Turkse minister van Justitie stuurde vrijdag een snedige brief naar zijn evenknie Koen Geens (CD&V). Alles draait om een uitspraak van het Belgische Hof van Cassatie om de PKK niet als terroristische organisatie te zien.

‘De uitspraak is onaanvaardbaar en slaat diepe wonden in Turkije’, klonk het in de brief van de Turks minister van Justitie Abdulhamit Gül aan Geens. Dat een dertigtal verdachten in het Ariadneproces eind januari werd vrijgesproken voor lidmaatschap van een terroristische organisatie, ligt Turkije zwaar op de maag. Het kabinet-Geens zegt nog niets te hebben ontvangen, 'maar misschien is de brief onderweg'.

In de brief die in de Turkse pers lekte, wordt Geens eraan herinnerd dat de PKK op de Europese terroristenlijst staat. ‘De organisatie is verantwoordelijk voor meer dan 40.000 Turkse doden', klinkt het. ‘De uitspraak is compleet in strijd met de Belgische wetgeving en het internationaal recht.’

Twee weken geleden, net na de beslissing van het Hof van Cassatie, stuurde het Turkse ministerie van Buitenlandse Zaken een soortgelijk persbericht uit. Toen werd een bilaterale escalatie vermeden dankzij veel diplomatiek verkeer en een snelle reactie van de Belgische regering. Minister van Buitenlandse Zaken Philippe Goffin (MR) benadrukte ‘het standpunt van de Belgische regering ondubbelzinnig: de PKK is een terroristische organisatie.’

Turkije verwacht nu dat België ‘het nodige wetgevende werk verricht om de uitspraak ongedaan te maken’. Geens wijst dat niet af. Vorige week verklaarde hij in het parlement dat de regering niet zal aarzelen om wetswijzigingen voor te stellen, ‘zodat België zijn bondgenoten kan steunen in de strijd tegen alle vormen van terrorisme’.

‘Schandalige conferentie’

Waarom dan die boze brief? Een conferentie in het Europees Parlement in Brussel op woensdag is een verklaring. Daar werden onder meer Remzi Kartal en Zubeyir Aydar uitgenodigd. Zij staan niet alleen bekend als PKK’ers, maar ook als beklaagden in het Ariadneproces.

Hen zien keuvelen met Europese Parlementsleden in Brussel schoot in het verkeerde keelgat. De Turkse autoriteiten wijzen ook beschuldigend naar België. ‘De bloedige PKK maakt misbruik van de verontrustende uitspraak.’

De kwestie ligt erg gevoelig. De strijd tussen de Turkse regering en de separatistische PKK begon in 1984. In juli 2015 barstte het geweld opnieuw los, na mislukte vredesonderhandelingen met de Turkse president Recep Tayyip Erdogan. Een terreurgolf in de Turkse metropolen kostte aan honderden mensen het leven.

Voor Turkije gaat het over een zaak van nationale veiligheid, voor Erdogan ook over politiek overleven. Zeker in een context van economische malaise en opflakkerend nationalisme.

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud