reportage

‘Had ik een zak geld, ik kocht al die gedrochten op en begon opnieuw'

©Wouter Van Vooren

Na jarenlang investeren in het stadscentrum herleeft het ingedommelde Kortrijk, maar het werk is nog niet af. ‘Sommigen noemen ons klein-Berlijn aan de Leie’, zegt burgemeester Vincent Van Quickenborne (Open VLD).

‘Hier, ik heb een elektrische fiets voor u geregeld. En een fleske water. We gaan u snel ne keer al onze projecten laten zien.’ Al in de eerste minuten van onze rondleiding - we zijn naar Kortrijk afgezakt om wat te weten te komen over zijn investeringsbeleid - bevestigt Van Quickenborne, zelf fietsend op een gewone fiets, de clichés die over hem circuleren. Met de energie van een Duracell-konijn leidt de 45-jarige burgemeester ons op een snikhete zomerdag vliegensvlug voorbij 20 nieuwe publieke en private projecten. Van links naar rechts wijzend en zonder dat we er een speld tussen krijgen, legt hij uit hoe de stad in Zuid-West-Vlaanderen de voorbije jaren een nieuw gezicht kreeg.

REEKS: De zorgen van de gemeenten

Mobiliteit, veiligheid of betaalbaar wonen. Er komen veel problemen af op de lokale besturen. De Tijd onderzoekt vijf weken lang hoe ze die oplossen.

Enige grootspraak is hem niet vreemd. De straat tussen de Grote Markt en het Muziekcentrum wil hij ombouwen tot de Kortrijkse Ramblas, naar de gelijkaardige wandelboulevard in Barcelona. Budabeach, een zomerbar aan de Leie, geeft de stad volgens hem een Berlijnse allure. Het nieuwe olympische zwembad in aanbouw is ‘niet alleen groter dan dat in Gent’, maar ‘zelfs het grootste van Oost- en West-Vlaanderen’. En door de verlaging van de kaaien heeft de stad nu ook een eigen versie van de Gentse Graslei. ‘Maar ik vind het hier gezelliger’, zegt de liberaal half lacherig, half serieus.

Provinciaal nest

Vriend en vijand erkennen dat Kortrijk de voorbije jaren veranderd is. Van een ingeslapen provinciaal nest en stad van dikke nekken en franskiljons is het een bruisende plek geworden. Terwijl de mensen uit de streek vroeger naar Rijsel of Roeselare trokken om te shoppen, doen ze dat nu in de stad van de gulden sporen. Naast typisch Vlaamse cafés zijn er ook hippe wijn- en koffiebars. Om het met een Van Quickenborniaanse overdrijving te zeggen: ‘Sommige noemen ons klein-Berlijn aan de Leie. Net als in Berlijn kun je bij ons buiten de lijntjes kleuren.’

Om een stad aantrekkelijk te maken, zijn twee dingen nodig: geld en goed beleid. Dat eerste is in Kortrijk niet echt een probleem. Al in de middeleeuwen was het door de vlas- en lakennijverheid een van de welvarendste steden van Vlaanderen en tijdens de industriële revolutie ontwikkelde de stad zich tot een centrum van de textielindustrie. Veel Zuid-West-Vlaamse bedrijven, zoals de weefgetouwenproducent Van de Wiele hebben hier hun roots. Door die economische weelde behoort Kortrijk met een voor Vlaanderen eerder gemiddelde belastingdruk toch tot de gemeenten die het meeste belastinggeld ophalen en blijft de schuld op een gemiddeld niveau.

Als alle regels worden gevolgd, is er niets mis mee dat ik als burgemeester een glas drink met projectontwikkelaars.
vincent van quickenborne
burgemeester kortrijk

Goed beleid was minder evident. ‘Kortrijk was de eerste Vlaamse stad met een autovrije straat en mensen uit Antwerpen en Gent kwamen hier winkelen. Maar in de late jaren 70 en 80 is de stad ingezakt’, vertelt Van Quickenborne, die begint te foeteren op een paar lelijke huizen en appartementen uit die periode. ‘Ze hebben toen veel om zeep geholpen. Oude huizen werden platgesmeten om dit soort gedrochten te bouwen. Als ik een zak geld had, kocht ik ze allemaal op en begon ik opnieuw.’

In de jaren 90 begon Kortrijk te herleven. ‘Dat is de verdienste van Emmanuel De Bethune (een CVP’er en de vader van oud-Senaatsvoorzitster Sabine De Bethune, red.), die de Grote Markt liet heraanleggen, de Leie werken aanvatte en de schouwburg liet vernieuwen’, zegt Van Quickenborne. ‘Mijn voorganger Stefaan De Clerck (CD&V) heeft daarop voortgebouwd. Hij heeft een paar goeie dingen gedaan, zoals de aanleg van het shoppingcenter K. Al is dat iets te groot en te duur gebouwd en is er wat leegstand. En deze legislatuur hebben we de Leieboorden verlaagd, legden we met Kortrijk Weide een nieuw stadsdeel aan, proberen we zo veel mogelijk parkings onder de grond te steken, zodat we de pleinen weer aan de mensen kunnen geven, en zijn we begonnen met een drastische hertekening van de buurt rond het station.’

Hangar K

Kortrijk, dat bestuurd wordt door een coalitie van Open VLD, de N-VA en de sp.a, investeert deze legislatuur jaarlijks 32 miljoen euro, of 20 procent van het budget. Vorig jaar ging het over 412 euro per inwoner, wat fors meer is dan het Vlaamse gemiddelde van 289 euro per inwoner. Een voorbeeld van hoe beleid het verschil kan maken is Hangar K, een oude NMBS-loods waar een incubator, een bedrijf dat andere bedrijven helpt te groeien, in huist. ‘Niet zomaar een incubator, het is een uniek concept. Naast starters zitten hier ook grotere ondernemingen, zoals Unilin en Cronos’, zegt Van Quickenborne terwijl we door het gebouw lopen.

Sfeerbeeld van de Leie in Kortrijk. ©Wouter Van Vooren

Bedrijven uit de buurt, zoals de beeldprojectiespecialist Barco, zetten mee hun schouders onder het project. De stad investeerde in het gebouw, maar voor de rest financiert het project zichzelf. Hangar K, dat op 17 april de deuren opende, biedt plaats aan 181 ondernemers en heeft momenteel een bezettingsgraad van 68 procent. Ondernemers betalen 250 euro per maand per plaats. ‘Premier Charles Michel (MR) en vicepremier Alexander De Croo (Open VLD) waren bij de opening. They were pretty impressed’, glundert Van Quickenborne trots.

Daarenboven is in Kortrijk een private bouwwoede losgebarsten. Aan de Leie komt het ene nieuwe project naast het andere uit de grond. Mooie appartementen met balkons en uitzicht op de rivier op een paar minuten wandelen van het stadscentrum zijn zeer in trek. Toch heeft de zone niets van een open werf. In het bosje waar de vastgoedgroep Ghelamco twee woontorens van 54 meter wil bouwen, is nu nog een zomerbar ondergebracht. ‘’s Avonds zit hier soms wel 500 man. Je ziet dat Kortrijk hip kan zijn hè.’

Dat brengt Van Quickenborne bij een van zijn stokpaardjes. ‘Ghelamco kon niet beginnen te bouwen omdat ze moesten wachten op allerhande Vlaamse vergunningen. Hetzelfde met bepaalde wegenwerken. In China duurt het twee maanden om een nieuwe autosnelweg aan te leggen, hier doen we twee jaar over het herstellen van een weg. Dat moet sneller. Ik wil dat er ’s nachts kan worden gewerkt, net als tijdens het weekend en het bouwverlof.’

Een drastische hervorming van onze besluitvorming moet volgens de burgemeester soelaas bieden. ‘Schaf de provincies af en laat de gemeenten zich groeperen in regionale samenwerkingsverbanden, die zowel de provinciale als een deel van de Vlaamse bevoegdheden krijgen. In Zuid-West-Vlaanderen zouden we met de burgemeesters een supercollege kunnen vormen, waarin we beslissen over mobiliteit, ruimtelijke ordening en openbare werken. Het zou nogal eens vooruitgaan.’

De vele procedures die tegen grote werken worden aangespannen - denk aan de juridische veldslag rond de Antwerpse Oosterweelverbinding - zijn in Kortrijk veel minder een probleem. ‘Met Kortrijk Spreekt hebben we een project opgestart dat mensen inspraak geeft. Met het schepencollege hebben we op 32 zondagen 32.000 huisbezoeken gedaan en hebben we vragenlijsten uitgedeeld waarop 10.000 mensen hebben geantwoord. Daardoor weten we welke bezorgdheden er zijn. We spelen daarop in en vermijden zo allerhande procedures.’

De liberaal, die in 2012 opstapte als federaal vicepremier en minister van Pensioenen om burgemeester te worden, voelt zich duidelijk in zijn sas. Bij de verkiezingen van oktober is hij kandidaat om zijn mandaat met zes jaar te verlengen. ‘Als burgemeester ben je veel meer een manager en kun je sneller dingen realiseren. Maar ik zetel nog altijd in de Kamer en ik ben ook van plan me in 2019 kandidaat te stellen bij de Kamerverkiezingen.’

Decumul

De discussie over de decumul van bevoegdheden vindt Van Quickenborne onzin. ‘Als Kamerlid kan ik teren op de ervaring die ik als burgemeester opdoe en zo kan ik in het parlement met meer verstand van zaken spreken. En als ik burgemeester word, kan ik de belangen in mijn stad beter verdedigen als ik ook in Brussel actief ben’, zegt hij. Zo is hij er door intens gelobby in geslaagd Radio 2 West-Vlaanderen in Kortrijk te houden, terwijl Brugge als provinciehoofdstad een logischer keuze was. Hetzelfde met een miljoeneninvestering in een onderzoekscentrum voor de maakindustrie door Flanders Make. En ja, hij gaat af en toe een glas drinken met projectontwikkelaars om ze naar Kortrijk te krijgen. ‘Alle regels worden gevolgd, dus is daar niets mis mee.’

Hoewel het soms kriebelt om nationaal een grotere rol te spelen, doet Van Quickenborne een plechtige belofte. ‘Als ik opnieuw burgemeester word, blijf ik dat de volgende zes jaar.’ Aan ambitieuze plannen is er geen gebrek: het doortrekken van de verlaging van de Leieboorden, het creëren van de grootste fietszone van het land en de bouw van een nieuw voetbalstadion én een jachthaven.

Als hij aanblijft, zit een ministerpost in 2019 er niet in; een burgemeester mag niet tegelijk minister zijn. ‘Maar uiteindelijk ben je als burgemeester een beetje de eerste minister van jouw stad. Dat is ook heel mooi’, besluit Van Quickenborne. En wie weet welke kansen zich nog aandienen. Volgens de liberale geruchtenmolen heeft de Kortrijkse burgervader zijn zinnen gezet op het voorzitterschap van Open VLD. Dat is wel combineerbaar met het burgemeesterschap.

Volgende dinsdag: Zulte, waar de woningprijzen exploderen

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content