nieuwsanalyse

Megawinkels trekken van stadsrand naar centrum

De Decathlon in het centrum van Brussel is een pak kleiner dan die in de stadsrand. ©Kristof Vadino

De stadswinkel is weer hip. Decathlon opent vandaag zijn eerste winkel in het stadscentrum. Ook IKEA en Brantano willen de sprong wagen.

Er zijn files, zwerfvuil en tegenwoordig zelfs instortende tunnels en rellen, maar toch worden de centra van grote steden steeds aantrekkelijker voor grote winkelketens. Vandaag gaat de Franse sportwinkelketen Decathlon voor de bijl. Ze opent vandaag haar eerste Belgische stadswinkel aan het Muntplein in Brussel. Een echte stijlbreuk, want nu is de keten in België actief met 29 megawinkels in de stadsrand.

‘Met onze nieuwe winkel in Brussel kunnen we mensen bereiken die we met onze twee winkels in de rand - in Anderlecht en Evere - niet kunnen bereiken’, zegt Koen Tengrootenhuysen, de vastgoed- en expansiedirecteur van Decathlon België.

Veel stedelingen hebben geen auto en door de opkomst van e-commerce en het gemak van de bijbehorende thuisleverdienst zijn heel wat klanten niet meer bereid om 20 tot 40 minuten onderweg te zijn naar de winkel.
Koen Tengrootenhuysen
Vastgoeddirecteur Decathlon België

‘Veel stedelingen hebben geen auto en door de opkomst van e-commerce en het gemak van de bijbehorende thuisleverdienst zijn heel wat klanten niet meer bereid om 20 tot 40 minuten onderweg te zijn naar de winkel. Hen willen we met onze stadswinkel beter bedienen.’

Mensen zullen het hele assortiment van Decathlon kunnen kopen op het Muntplein, maar de spullen liggen er niet allemaal gestockeerd. ‘Sommige producten kun je niet ter plaatse kopen maar wel bestellen, waarna we ze de dag nadien of liever nog de dag zelf thuis leveren. Niet vanuit ons centrale magazijn in Willebroek, maar vanuit de winkels in Anderlecht en Evere.’

Geen visgerief

In de stadswinkels ligt nog wel koopwaar, maar een pak minder dan in de klassieke Decathlon. ‘Die is circa 6.000 m² groot, terwijl onze stadswinkel 1.500 m² groot is’, zegt Tengrootenhuysen. ‘We bieden in de stad een aangepast assortiment aan. Bijvoorbeeld van sporten die stedelingen beoefenen.’ Kajaks en visgerief moet je dus niet meteen verwachten in de stads-Decathlon. ‘Spullen voor joggers of yoga dan weer wel.’

De Franse keten is van plan om nog meer stadswinkels te openen in België, maar een streefdoel is er niet. ‘We kijken naar de grote steden zoals Antwerpen, Gent, Luik en Charleroi’, zegt Tengrootenhuysen.

IKEA

Ook IKEA België speelt met het idee om af te stappen van zijn businessmodel met uitsluitend grote winkels in de rand van de stad. ‘We sluiten niet uit dat ook wij binnenkort winkels openen in stadscentra. Al hebben we vandaag nog geen concrete plannen’, benadrukt woordvoerder Annelies Nauwelaerts.

In de stads-Decathon liggen sportartikelen voor sporten die populair zijn bij stedelingen. ©Kristof Vadino

Ze verwijst naar enkele proefprojecten van IKEA in het buitenland. In het verkeersvrije centrum van de Duitse stad Hamburg heeft de Zweedse keten al drie jaar een winkel die het integrale assortiment verkoopt. In Madrid, Stockholm en Utrecht zijn er tijdelijke winkels met een beperkt aanbod. ‘We kijken uit naar de resultaten van die projecten’, zegt Nauwelaerts.

Steeds meer mensen wonen in de stad en begeven zich amper naar de stadsrand.
Dieter Penninckx
CEO Brantano

Het is de keten menens dat ze zich wil aanpassen aan de veranderende eisen van de consument. Meer winkels in de steden is de topprioriteit van IKEA Group, zei CEO Jesper Brodin gisteren nog. 'Hoe kunnen we de consumenten in de stadscentra beter bedienen?'

Die boodschap is aangekomen bij IKEA België. 'Het klopt dat steeds meer mensen geen auto en geen tijd hebben om naar onze winkels te komen', zegt Nauwelaerts. 'Met onze webwinkel en tientallen afhaalpunten begeven wij ons naar de consument. Ook stadswinkels kunnen daarbij helpen.'

Baanwinkels

Een vergelijkbare uitleg is te horen bij schoenwinkelketen Brantano, die ook plannen smeedt om op middellange termijn winkels te openen in de stad. Nu is Brantano actief met ‘baanwinkels’, verkooppunten langs drukke expreswegen. ‘Steeds meer mensen wonen in de stad en begeven zich amper naar de stadsrand’, argumenteert Dieter Penninckx, de CEO van Brantano-moeder FNG.

In het stadscentrum van Hamburg heeft IKEA bij wijze van test een stadswinkel geopend. ©REUTERS

Dat bedrijf ontstond in 2003 toen Penninckx Fred & Ginger-kinderkledingwinkels opende in stadscentra. ‘We hebben nu zowel winkels in de stad als in de rand. Beide hebben hun troeven. Met elk type bereik je een publiek dat je anders niet zou bereiken.’ Dat is ook de reden waarom zijn concurrent Wouter Torfs actief is met baanwinkels in de rand van kleine steden en stadswinkels in de centra van grote steden zoals Leuven, Mechelen, Antwerpen en Gent.

Kleine steden

Een ding is duidelijk bij alle ketens die we spraken: van winkels openen in kleine steden, is geen sprake. ‘Wij verkiezen de centra van steden met minsten 50.000 inwoners’, zegt Wouter Torfs.

In het afgelopen decennium heb ik zo'n 30 winkels verhuisd van het centrum van kleine steden naar de rand.
Wouter Torfs
CEO Schoenen Torfs

Kleinere stadskernen vermijdt hij liever, omdat er te weinig volk in de winkelstraten passeert. ‘Ik heb in het afgelopen decennium een dertigtal winkels gesloten in kleinere steden zoals Geel, Mol en Leopoldsburg. Ze zijn allemaal verplaatst naar de rand van die steden. Ik geloof niet dat kleine steden snel zullen heropleven. Onder andere de opkomst van e-commerce heeft de omstandigheden daar totaal veranderd.’

Maar ook in de grootsteden is het voor ketens niet al rozengeur en maneschijn. Dat mocht Tengrootenhuysen van Decathlon twee weken geleden nog ervaren. Toen braken rellen uit vlak voor de deur van zijn nieuwe winkel in Brussel. ‘Dat is te betreuren’, zegt hij. ‘Maar voor twee of drie incidenten gaan wij onze plannen niet on hold zetten. Ongewenste samenscholingen, de stoep die uit het niets opengebroken wordt... Zulke dingen gebeuren in de grootstad.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect