opinie

Brusselse stadstol is belasting op Vlaamse pendelaars

Fractieleider CD&V Vlaams Parlement

De Brusselse stadstol is allesbehalve onschuldig. Hij is geen vorm van rekeningrijden, wel een discriminatoire belasting op Vlaamse pendelaars.

Het voorstel tot tolheffing van de Brusselse regering bestaat uit twee delen. Ten eerste is er het ‘rekeningrijden’ van 0,18 euro per kilometer in de spits en 0,09 euro in de daluren. Die kilometerheffing wordt voor de Brusselaars gecompenseerd door de afschaffing van de verkeersbelasting. Die compensatie geldt niet voor pendelaars met de wagen vanuit Vlaanderen. Ten tweede is er een ‘vast tarief’ van gemiddeld 3 euro per auto die Brussel binnenrijdt.

©BELGA

De invoering van het eerste deel, het rekeningrijden, is technisch uitermate complex. Om te kunnen controleren welk traject een wagen in Brussel aflegt, moet de Brusselse overheid een tracer installeren in elke wagen die Brussel binnenrijdt. Dat betekent dat elke wagen die van waar ook uit Europa Brussel wil binnenrijden een tracer aan boord moet hebben. Hoe de Brusselse regering dat technisch voor elkaar wil krijgen, is onduidelijk. De kans is groot dat dat deel van de Brusselse stadstol op de lange baan belandt.

Huzarenstukje

De invoering van het vast tarief bij het binnenrijden van Brussel gebeurt op een andere manier. De registratie verloopt via een cameraschild met nummerplaatherkenning. Elke invalsweg van Brussel moet een dergelijke camera krijgen. Er mag geen enkele sluiproute overblijven voor het systeem ingevoerd kan worden. Dat belooft een huzarenstukje te worden. Maar in ieder geval is het minder complex dan de invoering van rekeningrijden.

Brussel werd met de zesde staatshervorming al geherfinancierd voor ongeveer 500 miljoen euro. Eenzijdige maatregelen van de Brusselse regering zijn dan ook ongepast.

De kans is reëel dat de Brusselse regering overgaat tot een forfaitaire tolheffing voor elke wagen die Brussel binnenrijdt, maar het rekeningrijden op de lange baan schuift. Die tweeledigheid van het Brusselse voorstel is allesbehalve onschuldig. Het gaat niet echt om een vorm van rekeningrijden, wel om een discriminatoire belasting op Vlaamse pendelaars.

Bovendien werd Brussel met de zesde staatshervorming al geherfinancierd voor ongeveer 500 miljoen euro. Daaronder valt onder meer de jaarlijkse mobiliteitsdotatie van 150 miljoen euro (boven op de Beliris-dotatie van 125 miljoen euro) en de pendeldotatie van 44 miljoen euro.

Geplande investeringen

De eenzijdige maatregelen van de Brusselse regering zijn ongepast. Overleg met Vlaanderen is onontbeerlijk om de mobiliteitsknoop in en rond Brussel te ontwarren. Laten we onze energie steken in de versnelde uitvoering van de geplande investeringen in het openbaar vervoer, de fietssnelwegen, het tramnet en de optimalisering van de ring rond Brussel.

Daarmee helpen we iedereen vooruit. Laat ons niet vergeten dat veel pendelaars niet anders kunnen dan met de auto naar Brussel rijden om hun werkplek te bereiken. Die 100 euro per maand extra laten betalen zonder een echt alternatief is volstrekt onaanvaardbaar.

Peter Van Rompuy

Fractieleider van CD&V in het Vlaams Parlement

Lees verder

Gesponsorde inhoud